Bureauonderzoek Fietspad Weebosch en Luykgestel, gemeente Bergeijk
收藏DANS Data Station Archaeology2022-11-18 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/XTZPTJ
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
In opdracht van CroonenBuro5 heeft Antea Group in mei en juni 2020 een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd voor het plangebied Fietspad Weebosch en Luykgestel. De gemeente Bergeijk is voornemens om langs reeds bestaande doorgaande wegen vrij liggende fietspaden aan te leggen. Bij de aanleg zal de bodemopbouw worden verstoord tot ten minste een diepte van 0,5 m –mv. Het plangebied is onderzoeksplichtig conform het vastgestelde archeologiebeleid van de gemeente Bergeijk. Het onderzoek heeft op dit moment bestaan uit een archeologisch bureauonderzoek (protocol 4002) waarbij ten tijde van het opstellen van de rapportage de exacte omvang en diepte van de uit te voeren grondroeringen (nog) niet bekend is. Wel is in algemene zin bekend dat de breedte van de fietspaden tussen 3,5 tot 4,0 m zal bedragen en dat de verstoringen minimaal 0,5 m –mv diep gaan. Voor het plangebied gelden, afhankelijk van de precieze bodemopbouw, diverse archeologische verwachtingswaarden, gebonden aan specifieke locaties. Het feit dat het merendeel van het plangebied zich bevindt op kamduinen, leidt tot de verwachting dat het op die plaatsen een gunstige verblijfsplaats is geweest tijdens de Vroege Prehistorie. Dit wordt bevestigd door de vondsten in de omgeving van vindplaatsen uit de periodes Laat-Paleolithicum tot en met het Midden-Neolithicum. In het noordelijke deel van het plangebied geldt tevens een verwachting voor het aantreffen van sporen en resten uit de Nieuwe Tijd. Mogelijk doorsnijdt het plangebied een huisplaats uit de negentiende eeuw. Het is op basis van het historisch kaartmateriaal niet met zekerheid te bepalen of dit daadwerkelijk het geval is. Een veldtoets kan dit uitwijzen. Er is zowel archeologisch beleidsmatig als op archeologisch inhoudelijke gronden reden om de resultaten uit het bureauonderzoek aan te vullen met een archeologische veldtoets. Mocht er een digitaal bestand beschikbaar zijn bij de opdrachtgever omtrent de aanwezigheid van reeds bestaande ondergrondse infra dan strekt het tot aanbeveling deze gegevens ter beschikking te stellen en mee te nemen in het nog op te stellen Plan van Aanpak (dit aanvullend op de Klic). De locatie van reeds bekende ondergrondse infra kan onder andere gebruikt worden bij het selecteren van de zones waar een veldtoets moet gebeuren. Omdat er ter plaatse van de kamduinen een kans is op het aantreffen van archeologische resten uit de vroege prehistorie, adviseert Antea Group om in dat deel van het plangebied een verkennend booronderzoek uit te voeren. Het verkennend booronderzoek zal bestaan uit 6 boringen per hectare waarbij deze, gezien het lineaire karakter van het plangebied, goed verspreidt over de planlocatie worden geplaatst. De verkennende boringen worden gezet met een 7 cm edelmanboor. Het verkennend booronderzoek is er niet primair op gericht om archeologische resten aan te treffen (hiervoor is de gehanteerde boordichtheid en –intensiteit te gering), maar is wel uitermate geschikt om 1) de aard van bodemopbouw en 2) de mate van intactheid van de oorspronkelijke bodemopbouw inclusief de archeologische sporendragende niveaus te bepalen. Indien sprake is van een intacte bodemopbouw, dient direct aansluitend een karterend booronderzoek te worden uitgevoerd, waarmee het mogelijk is om inzicht te krijgen in de mogelijk aanwezige archeologische waarden. De karterende boringen worden gezet in een verspringend 8 x 10 m-grid met een Edelmanboor (diameter 15 cm). In het noordelijke deel van het plangebied bestaat mogelijk een kans op het aantreffen van archeologische resten van een huisplaats uit de Nieuwe tijd. Hier adviseert Antea Group een archeologisch proefsleuvenonderzoek (variant archeologische begeleiding). Met het proefsleuvenonderzoek (variant archeologische begeleiding) kan de kwaliteit, aard, datering omvang en diepteligging van een eventueel aanwezige vindplaats worden vastgesteld. Het booronderzoek dient plaats te vinden aan de hand van een door het bevoegd gezag goedgekeurd plan van aanpak en uitgevoerd te worden door een archeologisch bedrijf gecertificeerd voor het uitvoeren van archeologische boringen. Dit is een advies. Het nemen van een selectiebesluit is voorbehouden aan het bevoegd gezag, in deze de gemeente Bergeijk. Deze definitieve versie is niet beoordeeld door het bevoegd gezag.
提供机构:
Antea Group
创建时间:
2021-06-08



