Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de uitbreiding van Bakker Wiltink aan de Houtmolenstraat in Doetinchem, gemeente Doetinchem
收藏DANS Data Station Archaeology2019-12-17 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-Z63-6AXN
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In opdracht van VBT heeft Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie een archeologisch vooronderzoek uitgevoerd in de vorm van een bureauonderzoek en een inventariserend veldonderzoek (verkennende fase) voor een plangebied aan de Houtmolenstraat te Doetinchem, gemeente Doetinchem. VBT is betrokken bij de nieuwbouw van een bedrijfspand op deze locatie. Het plangebied heeft een oppervlakte van circa 3.150 m2. Tot voor kort was het vrijwel geheel bebouwd met een bedrijfspand, met rondom verharding van klinkers en stelconplaten (aan de noordzijde). Deze bebouwing is inmiddels gesloopt, waarbij de bodem tot circa 1,2 m beneden het maaiveld is<br>geroerd. De nieuwbouw is voor ca. 1.200 m2 geprojecteerd op onbebouwd oppervlak. </p><p>Voorafgaand aan de ontwikkelingen dient in kaart gebracht te worden of zich binnen het plangebied behoudenswaardige archeologische resten (zouden kunnen) bevinden, die tegen de achtergrond van de bodemingrepen gevaar lopen. </p><p>Op basis van het bureauonderzoek gold voor het plangebied op basis van de landschappelijke kenmerken deels een middelhoge tot hoge verwachting voor de aanwezigheid van archeologische resten. Het zuidwestelijk deel van plangebied kende een hoge archeologische verwachting. Om deze verwachting te toetsen is op 28 augustus 2018 een inventariserend veldonderzoek door middel van boringen uitgevoerd (verkennende fase). Tijdens het veldonderzoek bestond naast het zetten van de boringen ook gelegenheid om een profiel af te steken. Uit het veldonderzoek is gebleken dat binnen het plangebied oeverafzettingen aanwezig zijn, gelegen op dekzand. De top van het dekzand is lemig en verspoeld. Dit vanwege de lagere ligging in het landschap. De oeverafzettingen van de Oude IJssel waren slecht ontwikkeld. Naar alle waarschijnlijkheid lagen deze veelal onder de waterspiegel en heeft geen bodemvorming kunnen optreden. De top van de oeverafzettingen zijn verstoord door de bouwwerkzaamheden in de recente periode. Eventuele archeologische waarden zullen hierbij verloren zijn gegaan.</p><p>Advies<br>Op basis van de resultaten van het bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek (verkennende fase) kan gezien de aangetroffen bodemopbouw worden gesteld dat de kans op het aantreffen van een (intacte) archeologische vindplaats klein is. De archeologische verwachting voor het plangebied kan daarom worden bijgesteld naar ‘laag’. Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie adviseert dan ook geen vervolgstappen in het kader van de Archeologische Monumentenzorg (AMZ).</p><p>Het bevoegd gezag, de gemeente Doetinchem, dient eerst over het advies in dit rapport een besluit te nemen. Wanneer het bevoegd gezag besluit dat vervolgonderzoek niet noodzakelijk is en het plangebied wordt vrijgegeven voor de voorgenomen ontwikkelingen, blijft de meldingsplicht archeologische toevalsvondst of waarneming van kracht (Erfgoedwet, artikel 5.10 Archeologische toevalsvondst). Aangezien het nooit volledig is uit te sluiten dat tijdens eventueel grondverzet een archeologische ‘toevalsvondst’ wordt gedaan, is het wenselijk de uitvoerder van het grondwerk te wijzen op de plicht om hiervan zo spoedig mogelijk melding te doen bij het bevoegd gezag, de gemeente Doetinchem, en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.</p>
创建时间:
2019-09-04



