five

Archeologische waarneming op het Monsanto-terrein, gemeente Enkhuizen

收藏
DANS Data Station Archaeology2019-12-30 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XNR-FN4D
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>De archeologische waarneming heeft geheel zoals de archeologische verwachting geen resten uit de Bronstijd opgeleverd. Wel werden sporen en vondsten uit de Middeleeuwen en Nieuwe Tijd aangetroffen, hoewel niet op de verwachte locatie. In het noordoosten van het onderzoeksgebied was vrijwel het hele bodemprofiel nog intact. Toch ontbrak ieder spoor van bronstijdbewoning. Mogelijk was het ter plaatse te nat voor bewoning of landbewerking. Op 500 meter ten noordoosten van het onderhavige onderzoeksgebied zijn in 2013 (oost) en 2017 (west) op het Syngenta-terrein archeologische opgravingen uitgevoerd (afb. 14).29 Beide plangebieden lagen op een zavel-op-klei ondergrond, waarvoor een middelhoge archeologische verwachting gold. Het westelijke plangebied bleek tijdens de ruilverkaveling van Polder Grootslag tot 0,5 m beneden maaiveld te zijn verstoord. Hierdoor waren de meeste archeologische resten verdwenen. Dieprijkende sporen, zoals kuilen en greppels, waren eveneens niet aanwezig. Hierdoor ontstond het vermoeden dat simpelweg bronstijdbewoning binnen het plangebied volledig uit is gebleven. Het oostelijke plangebied op het Syngenta-terrein is onderzocht met behulp van proefsleuven. Op twee locaties werden twee 4 m brede sleuven gegraven. Vrijwel in alle profielen was tenminste een deel van bronstijdhorizont nog intact en de meeste dieprijkende sporen uit de Bronstijd waren grotendeels bewaard gebleven. Net als in het oostelijke plangebied was in het westelijke plangebied de top van de bodem door recente graaf- en ploegwerkzaamheden aangetast. De relatief korte afstand tussen de opgravingen, de aard van de ondergrond en de aan- of afwezigheid van archeologische sporen nauw samen te hangen met lokale landschappelijke verschillen (afb. 15). Voornamelijk bevond de bewoning in de Late-Bronstijd zich op de hogere delen van het voormalige landschap uit de Midden-Bronstijd.30 Het is echter moeilijk te duiden welke plaatst ten tijde van de Midden- en Late-Bronstijd hoger of lager waren gelegen, als gevolg van lokale bodemdaling.31 In Bovenkarspel – het Valkje liggen sporen uit de Late-Bronstijd vandaag de dag 0,7 m hoger vergeleken met sporen uit dezelfde periode in Enkhuizen-Kadijken, terwijl de afstand nog geen kilometer betreft. Zo kan het onderhavige plangebied ten tijde van de Midden- en Late-Bronstijd op een lager punt hebben gelegen, terwijl het oostelijke plangebied op het Syngenta-terrein, slechts 500 m ten noordoosten, hoog en droog genoeg was voor bewoning. In het noordoosten van het nieuw aan te leggen parkeerterrein werd een veronderstelde daliegat aangesneden. Deze zou in analogie met andere vindplaatsen in West-Friesland uit, of net na, de ontginningsfase kunnen stammen, hoewel een latere datering niet was uit te sluiten. Andere sporen die in verband kunnen worden gebracht met agrarische activiteiten werden niet gevonden. In de zuidwesthoek van het nieuw aan te leggen parkeerplaats werd een deel van de aanplemping van een brede sloot of vaart aangesneden. Op basis van het vondstmateriaal wordt verondersteld dat dit in de tweede helft van de 17de eeuw plaatsvond.</p>
提供机构:
Archeologie West Friesland
创建时间:
2019-01-01
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务