Werkzaamheden wingebieden Brabant Water, Eindhoven en Heeze. een archeologisch bureauonderzoek
收藏Mendeley Data2024-01-31 更新2024-06-27 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/dans-xxd-jp3v
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
In opdracht van Brabant Water heeft Archol een bureauonderzoek uitgevoerd naar vier plangebieden in de gemeenten Eindhoven en Heeze‐Leende. Aanleiding voor het onderzoek zijn geplande werkzaamheden binnen de plangebieden welke worden gebruikt als waterwingebied en eigendom zijn van Brabant Water. De werkzaamheden omvatten het aanleggen van nieuwe winputten, leidingen en de bouw van schakelgebouwen. De plangebieden 1,2 en 3 vallen binnen de Gemeente Eindhoven. Plangebied 4 valt binnen de Gemeente Heeze‐Leende. Op basis van de landschappelijke ligging, historisch‐geografische en archeologische gegevens (vondstmeldingen, AMKterreinen) zijn binnen de plangebieden vijf zones met een hoge of middelhoge kans op het aantreffen van archeologische resten gedefinieerd (zones A‐E). Voor de overige delen van de onderzoeksgebied 1‐4 geldt een lage of geen archeologische verwachting. ‐ Zone A: een hoge verwachting voor resten uit de steentijd, bronstijd en ijzertijd. Specifiek in het gebied richting het beekdal kunnen prehistorische deposities met een rituele betekenis verwacht worden. Daarnaast kunnen verspreid resten voorkomen van extensief landgebruik vanaf de Romeinse tijd. ‐ Zone B: een hoge verwachting voor resten uit de steentijd tot Nieuwe tijd. ‐ Zone C: hoge verwachting voor resten uit de steentijd, bronstijd en ijzertijd. Daarnaast kunnen verspreid resten voorkomen van extensief landgebruik vanaf de Romeinse tijd. Verder zijn op vijf locaties aanwijzingen voor de mogelijke aanwezigheid van grafheuvels en oude wegen vastgesteld. Relevant is verder de vaststelling tijdens een eerder uitgevoerd booronderzoek dat ter plaatse van het Groot Huisven een begraven veenbodem aanwezig is die de mogelijkheid biedt voor een landschapsreconstructie op basis van “ingevangen” stuifmeel. ‐ Zone D: een hoge verwachting voor resten uit de bronstijd tot Nieuwe tijd. ‐ Zone E: een middelhoge verwachting voor resten uit de steentijd, bronstijd en ijzertijd. Daarnaast kunnen verspreid resten voorkomen van extensief landgebruik vanaf de Romeinse tijd. Archeologische resten kunnen direct onder het maaiveld worden verwacht, of in dieper gelegen (begraven) bodems. De kans bestaat dat door de ontginningen de top van het dekzand en de hierin oorspronkelijke aanwezige bodem (eventueel met vondstniveau) geroerd is geraakt. Vindplaatsen in een verploegde/geërodeerde bodem zullen arm aan vondsten zijn en zich hoofdzakelijk kenmerken door grondsporen. Daar staat tegenover dat op plekken met intacte (begraven) bodems eventueel aanwezige vindplaatsen rijk aan vondstmateriaal zullen zijn. De kans is klein dat voorgenomen ontwikkeling in de delen van de onderzoeksgebieden met een lage of geen archeologische verwachting zal leiden tot vernietiging van archeologische waarden. Hier is geen archeologisch vervolgonderzoek noodzakelijk. De voorgenomen bodemingrepen in de archeologische zones A‐E zijn bedreigend voor de te verwachten archeologische resten. Op dit moment is het niet duidelijk wat de omvang (oppervlak en diepte) en ligging van de verschillende bodemingrepen (aantal winputten, schakelgebouwen en lengte aan leidingen) exact gaat zijn. In zone E met een middelhoge verwachting zal de omvang van de ontwikkeling waarschijnlijk niet boven de vrijstellingsgrens uitkomen (2500 m²) waardoor hier vermoedelijk geen onderzoeksverplichting geëist zal worden. Vast staat wel dat in alle zones met een hoge archeologische verwachting (zones A‐D) de omvang van de voorgenomen bodemingrepen boven de vrijstellingsgrens (100 m², 30 cm diep) uitkomen waardoor vervolgonderzoek hier in principe noodzakelijk is. Het vervolgonderzoek in zones A‐D dient zich in eerste instantie te richten op de mate van intactheid van de bodemopbouw en de aanwezigheid van begraven bodems. Op basis hiervan kan vastgesteld worden of en waar waardevolle archeologische resten in de bodem kunnen worden aangetroffen. Daarnaast is het van belang om in zones C en D duidelijk te krijgen wat de betekenis is van de mogelijke archeologische structuren op de AHN (gaat het hier inderdaad om grafheuvels en oude wegen?). Als laatste is het van belang om in zones C en D vast te stellen wat de potentie is van de opvulling van de vennen voor vegetatiereconstructies
创建时间:
2024-01-31



