Plangebied Oostelijke Randweg te Doetinchem, vindplaatsen 2 en 3, gemeente Doetinchem; archeologisch vooronderzoek: een inventariserend veldonderzoek (proefsleuven) Plangebied Oostelijke Randweg te Doetinchem, vindplaatsen 2 en 3, gemeente Doetinchem; archeologisch vooronderzoek: een inventariserend veldonderzoek (proefsleuven)
收藏DANS Data Station Archaeology2025-05-28 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/N0TTH3
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p><p>In opdracht van de gemeente Doetinchem heeft RAAP Archeologisch Adviesbureau tussen 28 en 31 oktober 2013 een inventariserend veldonderzoek in de vorm van proefsleuven uitgevoerd ten oosten van de Zelhemseweg en ten noord en zuidzijde van de Turfweg te Doetinchem. Het plangebied maakt deel uit van het aan te leggen tracé van de Oostelijke Randweg langs de oostzijde van Doetinchem. De geplande bodemingrepen zijn mogelijk bedreigend voor eventuele archeologische resten. Het onderzoek betreft het vervolg op een eerdere fase van het inventariserend onderzoek dat bestond uit een bureau- en verkennend booronderzoek en een karterend booronderzoek. Het proefsleuvenonderzoek heeft betrekking op de in het vooronderzoek geselecteerde vindplaatsen 2 en 3.<br><p>De ondergrond bestaat zwak siltig, matig fijn zand, dat als dekzand kan worden aangemerkt, waarin in het verleden zeer ijzerrijke tot sterk door ijzer verkitte bodems zijn gevormd. Hierboven en hierin bevinden zich humeuze welplekken en uitgeloogde zones. De bodem valt in zowel vindplaats 2 als in vindplaats 3 te kenmerken als een hoge, zwarte enkeerdgrond met een dikte van 40 tot 100 cm. Het betreft een plaggendek dat is opgebracht op de es van IJzevoorde.<br><p>Tijdens het onderzoek zijn in totaal 180 grondsporen gedocumenteerd. Het betreft voornamelijk sporen van paalkuilen (121) en kuilen (28). Daarnaast zijn enkele greppels (5) en banen met spitsporen (3) aanwezig. Voor het overige deel (23) gaat het om natuurlijke fenomenen die het resultaat zijn van bioturbatie en bodemvorming. Op basis van de aangetroffen sporen en vondsten kunnen drie ruimtelijk gescheiden zones met archeologische sporen worden onderscheiden die op basis van hun specifieke kenmerken en datering als drie afzonderlijke vindplaatsen worden aangemerkt. Het betreft twee vindplaatsen binnen vindplaats 2 (2-1 en 2-2) en één binnen vindplaats 3 <p>Vindplaats 2-1 bestaat uit prehistorische bewoningssporen uit de IJzertijd. De sporen bestaan uit paalkuilen, kuilen en greppels. De paalsporen vormen de relicten van meerdere gebouwen, waaronder een deel van een vermoedelijke huisplattegrond en enkele spiekers. Twee parallelle greppels op een onderlinge afstand van 80 m vormen mogelijk een nederzettings- of erfgrens. Op basis van het aardewerk en een fragment maalsteen wordt de nederzetting gedateerd in de IJzertijd, waarbij de Late IJzertijd het meest aannemelijk is.<br><p>Vindplaats 2-2 bestaat uit sporen uit de Nieuwe tijd die gerelateerd worden aan het historisch erf Eeltink. De sporen bestaan uit enkele spitbanen, kuilen en twee paalkuilen. Binnen het tracé bevond zich in de vroege 19e eeuw een tot erf Eeltink behorende schaapskooi.<br><p>Vindplaats 3 bestaat uit sporen uit de Late Middeleeuwen of Nieuwe tijd die gerelateerd kunnen worden aan het historisch erf Brunsveld. De sporen bestaan uit greppels, paalkuilen en een kuil.<br>Geen van de sporen heeft daterende vondsten opgeleverd.<br><p>Binnen de drie genoemde vindplaatsen is een diffuse spreiding van meilerkuilen uit de Vroege Middeleeuwen aanwezig. Deze verspreiding is niet ruimtelijk begrensbaar als aparte vindplaats.<br><p>Tijdens het onderzoek zijn in totaal 186 vondsten gedaan. De grootste vondstcategorie wordt gevormd door aardewerk. In het aardewerk kan onderscheid gemaakt worden tussen aardewerk uit de Prehistorie, de Late Middeleeuwen en de Nieuwe tijd. De meeste scherven handgevormd aardewerk kunnen niet nauwkeuriger worden gedateerd dan in de periode Late Bronstijd-Vroeg Romeinse tijd. Het vondstcomplex als geheel kenmerkt zich als een ijzertijdcomplex. De vondsten zijn vooral afkomstig uit vindplaats 2-1. Zes scherven laat-middeleeuws aardewerk, afkomstig uit de fossiele akkerlaag, zijn verspreid over de drie proefsleuven aangetroffen. Zestien scherven dateren uit de Nieuwe tijd. De vondsten worden over het algemeen gedateerd tussen 1600 en 1900. De vondsten zijn met name afkomstig uit het plaggendek en vooral in proefsleuf 3 gedaan.<br>Het overige vondstmateriaal bestaat uit vuursteen (Laat Paleolithicum-Bronstijd) en diverse soorten natuursteen (maalstenen en breukstenen) die waarschijnlijk verband houden met de vindplaats uit de IJzertijd. Tot slot zijn enkele metaalslakken aangetroffen, waarvan de datering onzeker is.<br><p>Op basis van de resultaten van het proefsleuvenonderzoek zijn de drie vindplaatsen als behoudenswaardig aangemerkt. Indien behoud in situ in dit stadium van de plannen niet meer te realiseren is, wordt aanbevolen om de vindplaatsen op te laten graven voor zover ze verstoord zullen worden door de aanleg van de Oostelijke Randweg.</p>
提供机构:
RAAP Archeologisch Adviesbureau
创建时间:
2015-01-01



