five

archeologisch burauonderzoek en verkennend booronderzoek natuurlijkvriendelijke oevers Hoge Kornseweg - Opstalstraat, Erichem, gemeente Buren

收藏
DANS Data Station Archaeology2011-12-30 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-Z4B-M38W
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>In opdracht van dhr. J.F. van Kessel van Het Koetshuis heeft Transect in augustus 2011 een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd naar de – verwachte - aanwezigheid en kwaliteit van archeologische waarden aan de Hoge Kornseweg en Opstalstraat te Erichem, gemeente Buren.<br>Aanleiding voor het onderzoek is de geplande aanleg van natuurvriendelijke oevers. De natuurvriendelijke oevers worden aangelegd over een traject met een lengte van 725 m en een breedte van circa 5 m, zodat de totale omvang van het plangebied 3625 m2 is.<br>Uit het archeologisch bureauonderzoek blijkt dat het plangebied op de Avezaathse stroomrug ligt en dat mogelijk stroomgordelafzettingen van de Erichemse stroomrug zich tot in het plangebied uitstrekken.<br>Op het perceel waar de natuurvriendelijke oevers worden aangelegd – De Opstal – is tijdens een veldkartering keramiek uit de Late Middeleeuwen (1050 – 1500 na Chr.) aangetroffen. Deze keramiek zou kunnen samenhangen met oude woongronden. Daarnaast liggen zuidelijk van het perceel verschillende oude woongronden uit de Late IJzertijd (250 – 12 voor Chr.) tot en met de Middeleeuwen (450 – 1500 na Chr.), op oeverwalafzettingen van de Avezaathse stroomrug. Het noordoostelijke deel van het plangebied staat op de archeologische verwachtings- en beleidsadvieskaart van de gemeente Buren aangegeven als een zone met een lage archeologische verwachting. Dit houdt verband met de ligging van dit deel van het plangebied buiten de Avezaathse stroomrug, zoals die door Berendsen & Stouthamer (2001) in kaart is gebracht.<br>Concluderend heeft het noordwestelijke deel van het plangebied, dat wil zeggen het deel langs de Opstalstraat (m.u.v. de laatste 50 m richting de Hoge Kornseweg) in principe een hoge archeologische verwachting voor wat betreft vindplaatsen uit de Midden IJzertijd (500 – 250 voor Chr.) tot en met de Middeleeuwen (450 – 1500 na Chr.). Daarnaast moet rekening worden gehouden met archeologische waarden vanaf het Midden-Neolithicum A (4200 – 3400 voor Chr.) die samenhangen met afzettingen van de Erichemse stroomrug. De kans hierop is echter gering.<br>Uit het verkennend booronderzoek, dat is uitgevoerd om de archeologische verwachting uit het bureauonderzoek te toetsen, blijkt dat het tracé deels in of net naast een opgevulde restgeul ligt. In de boringen zijn geen archeologische indicatoren aangetroffen. De restgeul en de directe oever van de binnenbocht zijn eigenlijk alleen bruikbaar geweest voor begrazing door vee. Bewoning vond plaats verder van de geul op de hogere oeverwallen.<br>Op basis van het bureauonderzoek en verkennend booronderzoek is er geen noodzaak tot vervolgmaatregelen.</p>
提供机构:
Transect
创建时间:
2011-01-01
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务