five

Winkelsteeg deelgebied 1 – Stationsgebied Goffert Gemeente Nijmegen Inventariserend Veldonderzoek, proefsleuven (IVO-P)

收藏
DataCite Commons2025-10-27 更新2026-04-25 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/HP1C7B
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
In opdracht van gemeente Nijmegen, afdeling Stadsontwikkeling heeft Bureau Archeologie en Bodemkwaliteit van de gemeente Nijmegen (BABN) in oktober 2023 een proefsleuvenonderzoek (Inventariserend Veldonderzoek; IVO-P), uitgevoerd in het onderzoeksgebied Winkelsteeg - deelgebied 1, stationsgebied Goffert te Nijmegen (gemeente Nijmegen. In het ruimere plangebied zal in het kader van de woondeal en omgevingsvisie een transformatie plaatsvinden naar woon-werkgebied. Bij deze transformatie zullen graafwerkzaamheden uitgevoerd worden. In dit stadium van de planvormig is de verstoringsdiepte van deze graafwerkzaamheden nog niet bekend. Gezien de relatief geringe dieptes waarop het archeologisch relevante niveau in delen van het onderzoeksgebied aanwezig is, is de verwachting dat tijdens de transformatie te verwachten graafwerkzaamheden eventueel aanwezige archeologische resten verloren zullen gaan. De gespecificeerde archeologische verwachting voor onderhavig onderzoeksgebied is als volgt. Voor het gehele onderzoeksgebied geldt een basisverwachting op nederzettingen, grafvelden en gerelateerde resten uit de prehistorie t/m de Romeinse tijd. Voor het noordelijke deel van het onderzoeksgebied gelden daarnaast de volgende specifieke verwachtingen: sporen uit de late bronstijd (incl. begravingen), een mogelijk tracé van een Romeinse weg, sporen van een landgoed en een wegtracé uit de late middeleeuwen en nieuwe tijd en sporen van kampementen van Franse troepen uit de 18e eeuw. In het noordelijk deel van het onderzoeksgebied was een relatief intact bodemprofiel te verwachten met een akkerlaag en BC-horizont, waaruit mocht worden opgemaakt eventuele sporen vermoedelijk nog goed geconserveerd zijn. Archeologische resten (grondsporen) werden verwacht vanaf 10,36-11,29 m +NAP of 0,30-2,10 m -mv. Voor het zuidelijk deel van het onderzoeksgebied worden nog resten van de 'Diversion' spoorlijn uit de Tweede Wereldoorlog verwacht. Archeologische resten werden in dit deel van het onderzoeksgebied verwacht vanaf de top van het natuurlijk bodemprofiel vanaf 0,35-0,70 m -mv of 17,59 m +NAP in het noorden tot 16,17 m +NAP in het zuiden van deze zone. Resten uit de Tweede Wereldoorlog zouden zich ook al direct onder de bouwvoor kunnen aandienen. Doel van het proefsleuvenonderzoek is allereerst het toetsen van de gespecificeerde archeologische verwachting, zoals geformuleerd in het bureauonderzoek en/of in het Programma van Eisen (PvE), en, indien nodig, het aanvullen of wijzigen daarvan. Dit vindt plaats door het vaststellen van de aanwezigheid van archeologische sporen en vondsten en, wanneer die aanwezig zijn, het bepalen van hun inhoudelijke en fysieke kwaliteit (aard, ouderdom, omvang, gaafheid, conservering). Tevens heeft het onderzoek als doel een advies te formuleren over welke maatregelen dienen te worden getroffen in het plangebied in het kader van de gemeentelijke archeologische monumentenzorg Tijdens het proefsleuvenonderzoek in Stationsgebied Goffert zijn verspreid door het onderzoeksgebied drie vindplaatsen aangetroffen Het betreft de restanten van een spoorlijn uit het einde van de Tweede Wereldoorlog welke in het zuidelijk deel van het onderzoeksgebied ligt (vindplaats 1). Deze resten zijn aangetroffen op een diepte van ca. 5-55 cm -mv (ca. 14,55-14,15 m +NAP). Vindplaats 1 is als niet behoudenswaardig gewaardeerd. Vindplaatsen 2 en 3 zijn in het noordwesten van het onderzoeksgebied gesitueerd. Vindplaats 2 omhelst een grafveld uit de midden-bronstijd A en de vroege ijzertijd. Deze resten zijn aangetroffen op een diepte van ca. 75-100 cm -mv (ca. 10,35-10,15 m +NAP) en zijn als behoudenswaardig gewaardeerd. Vindplaats 3 is als een nederzettingsterrein uit de midden-bronstijd B en de vroege ijzertijd geïnterpreteerd. Deze resten zijn aangetroffen op een diepte van ca. 40-280 cm -mv (ca. 11,8-10,6 m +NAP) en zijn als behoudenswaardig gewaardeerd. Op basis van de waardestelling (behoudenswaardigheid) van de vindplaatsen 2 en 3 adviseert BABN binnen het oostelijk deel van de noordelijke helft van het onderzoeksgebied geen bodemingrepen toe te passen die dusdanig diep reiken dat deze het archeologisch niveau op 30 cm of minder benaderen. Vanwege het oplopen van de natuurlijke ondergrond (het archeologische niveau) in oostelijke richting betekent dat de graafwerkzaamheden aan de oostelijke rand van het te behouden deel van het onderzoeksgebied niet dieper mogen reiken dan 10 cm -mv (ca. 12,10 m +NAP). |Aan de westelijke rand is dat ca. 190 cm -mv (ca. 10,9 m +NAP). In Bijlage 6 zijn de dieptes van het archeologisch niveau (C- of BC-horizont) ter hoogte van vindplaatsen 2 en 3 opgenomen. Indien bodemingrepen het archeologisch niveau op 30 cm of minder benaderen, wordt geadviseerd beide vindplaatsen te onderzoeken door middel van een opgraving. Het gaat hier om een oppervlakte van ca. 1 ha (Figuur 8.3). In de rest van het noordelijk deel van het onderzoeksgebied en het zuidelijk deel van het onderzoeksgebied zijn geen behoudenswaardige vindplaatsen aangetroffen. Het advies van BABN luidt dan ook om deze delen van het onderzoeksgebied archeologisch vrij te geven. Merk hierbij op dat bovenstaand advies enkel geldt voor het onderzoeksgebied. De begrenzing van vindplaatsen 2 en 3 is in drie richtingen nog niet vastgesteld. In hoeverre de vindplaatsen buiten de noord- west- en zuidgrenzen van het noordelijk deel van het onderzoeksgebied doorlopen, is op basis van onderhavig onderzoek niet met zekerheid vast te stellen. Ter illustratie hiervan is Bijlage 8 een indicatieve kaart opgenomen voor een eventueel selectiebesluit buiten de grenzen van het onderzoeksgebied. Het verloop van de genoemde grenzen is wel te beredeneren maar vooralsnog niet door archeologisch onderzoek aangetoond.
提供机构:
DANS Data Station Archaeology
创建时间:
2025-02-26
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务