five

Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van een multifunctionele accommodatie aan de Spoorlaan 12 te Zwammerdam, gemeente Alphen aan den Rijn

收藏
DANS Data Station Archaeology2018-11-11 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZFA-HS9T
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>In opdracht van gemeente Alphen aan den Rijn heeft Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie een archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek door middel van karterende boringen uitgevoerd voor een plangebied in de gemeente Alphen aan den Rijn (kaart 1; afbeelding 1). Het betreft de nieuwbouw van een multifunctionele accommodatie op de plaats van een van de velden van de VV Zwammerdam. Ook wordt er een parkeerplaats ingericht. Het onderhavige onderzoeksgebied heeft een oppervlakte van ca. 0,7 hectare en is grotendeels onbebouwd, met uitzondering van één gebouw dat in het kader van de nieuwbouw gesloopt dient te worden. Voorafgaand aan de ontwikkelingen dient in kaart te worden gebracht welke archeologische waarden mogelijk in het geding zijn.</p><p>Doel van het archeologisch vooronderzoek was vast te stellen of er in het plangebied sprake is (of kan zijn) van archeologische resten die door de bouwwerkzaamheden verstoord dreigen te worden en, indien mogelijk, uitspraken te doen over de waarde hiervan in termen van fysieke en inhoudelijke kwaliteit zoals zeldzaamheid en gaafheid. Hiertoe is eerst een bureauonderzoek verricht, waarbij voor het plangebied een specifiek archeologisch verwachtingsmodel is opgesteld. In aanvulling op het bureauonderzoek is een karterend archeologisch booronderzoek verricht waarbij de geo(morfo)logische en bodemkundige kenmerken van het plangebied zijn getoetst. Op basis van deze bevindingen is vervolgens een advies geformuleerd in het kader van de cyclus van de Archeologische Monumentenzorg (AMZ).</p><p>Op basis van de resultaten van het bureauonderzoek werd de kans op het aantreffen van Romeinse bewoningssporen klein geacht omdat het plangebied ten noordoosten van de zuidoever van de Romeinse Rijnloop ligt. De ondergrond zou moeten bestaan uit beddingafzettingen van de Romeinse Rijn met daarop mogelijk nog dunne oeverafzettingen uit de post-Romeinse tijd. Tegen de voormalige Romeinse oever heeft ter hoogte van de Hooge Burch een kleiig opgevulde restbedding gelegen. Er bestaat een zeer kleine kans op het aantreffen van scheepsresten en verloren lading in deze restbedding. Daarnaast bestond er een kans op het aantreffen van sporen van bewoning of landgebruik uit de Late Middeleeuwen of Nieuwe tijd. Deze sporen kunnen in principe aan of vlak onder het maaiveld worden verwacht.</p><p>Bij het inventariserend veldonderzoek door middel van boringen is vastgesteld dat het bovenste deel van de bodemopbouw binnen het plangebied aanzienlijk verstoord is tot in de oeverafzettingen. De oorspronkelijke top van de oeverafzettingen is waarschijnlijk in het verleden al afgevlet voor de productie van bakstenen. Van de oeverafzettingen is 20-40 centimeter overgebleven. Daaronder gaat het lithologisch over in restgeulafzettingen en beddingzand. Bij het afvletten in de Nieuwe Tijd zullen eventuele (Romeinse en) Middeleeuwse archeologische waarden in of op de oeverafzettingen grotendeels verloren zijn gegaan. Voor Romeinse vondsten in de restbedding zijn geen aanwijzingen gevonden. In de boringen zijn geen stilstandfasen in het opvullingsproces van de bedding, noch zijn er archeologische indicatoren aangetroffen. De archeologische verwachting kan daarom worden bijgesteld naar laag.</p><p>Advies<br>Gezien de aangetroffen verstoringen binnen het plangebied, het ontbreken van archeologische indicatoren in de boringen, en de aangetroffen landschappelijke situatie kan worden gesteld dat de kans op het aantreffen van een (intacte) archeologische vindplaats klein is. Op basis van de resultaten van onderhavig onderzoek is de archeologische verwachting voor het plangebied daarom bijgesteld naar ‘laag’ en adviseert Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie dan ook geen vervolgstappen in het kader van de Archeologische Monumentenzorg (AMZ). Aangezien het nooit volledig is uit te sluiten dat tijdens eventueel grondverzet een archeologische ‘toevalsvondst’ wordt gedaan, is het wenselijk de uitvoerder van dit grondwerk te wijzen op de plicht om hiervan zo spoedig mogelijk melding te doen bij het bevoegd gezag, de gemeente Alphen aan den Rijn en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.</p>
创建时间:
2018-11-12
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务