five

Rotterdam Maasvlakte 2 Prinses Alexiahaven. Een bureauonderzoek en een verkennend inventariserend veldonderzoek door middel van geofysisch onderzoek en grondboringen

收藏
DANS Data Station Archaeology2015-12-30 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XBB-PDE7
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>Uit het bureauonderzoek kwam naar voren dat voor het gehele onderzoeksgebied een redelijk hoge tot hoge archeologische verwachting geldt voor vindplaatsen uit het Vroeg en Midden-Mesolithicum op eventueel aanwezige rivierduinafzettingen (Formatie van Boxtel, Laagpakket van Delwijnen; BXDE). In het onderzoeksgebied bevinden deze afzettingen zich waarschijnlijk tussen circa 24 m en 20 m - NAP. Daarnaast kunnen vindplaatsen uit deze periodes ook aangetroffen worden in relatie tot andersoortige sedimenten, zoals oever- en geulafzettingen van rivieren en oeverafzettingen van meertjes (Formatie van Kreftenheye, Laag van Wijchen; KRWY). Dergelijke afzettingen kunnen in het onderzoeksgebied eventueel vanaf 20 m - NAP aangetroffen worden. Voor vindplaatsen vanaf het Laat Mesolithicum tot en met de Nieuwe tijd geldt geen archeologische verwachting.</p><p>Uit het verkennend inventariserend veldonderzoek blijkt dat de diepere ondergrond in het onderzoeksgebied bestaat uit grofzandige rivierafzettingen die gerekend kunnen worden tot de Formatie van Kreftenheye (KR). Op een paar plaatsen is direct op deze afzettingen, tijdens incidentele overstromingen in het gebied, een laag klei afgezet die behoort tot de Formatie van Kreftenheye, onderste Laag van Wijchen (KRWY-2). Hierboven komt verspreid over het onderzoeksgebied een pakket rivierduinafzettingen (BXDE) voor van circa 25 cm tot 150 cm dik. Uit de seismische opnamen is gebleken dat in het noordoostelijke deel van het onderzoeksgebied een grotere duinstructuur aanwezig is. De aangetroffen rivierduinafzettingen in het onderzoeksgebied liggen relatief laag, tussen maximaal 24,60 m - NAP en minimaal 22,00 m - NAP. Dit verklaart waarom het rivierduinzand is afgedekt door overstromingskleien van de bovenste Laag van Wijchen (KRWY) uit het Boreaal.<br>Binnen het plangebied ‘Pocket Pioneering Spirit’ ligt de top van de rivierduinafzettingen - met een humeuze bodem in de top - tussen circa 23 en 22 m - NAP. Mogelijk reiken de afzettingen zelfs tot circa 21 m - NAP, maar dit is niet met zekerheid te zeggen. Een grote duinstructuur of donk is er niet waargenomen. De lager gelegen rivierduinafzettingen in het plangebied worden afgedekt door grijze overstromingskleien (KRWY). De klei is afgezet vanuit een geulsysteem, dat daadwerkelijk in het noordoostelijke deel van het plangebied is aangetroffen. De bovenkant van de sedimenten in de geulinsnijding, die gerekend kunnen worden tot de Formatie van Kreftenheye, Laag van Wijchen (KRWY-gf), is aangetroffen op 24,10 m - NAP. Mogelijk bevinden de geulafzettingen zich ook al hoger in het profiel (op 23,53 m - NAP), maar dit is niet helemaal duidelijk. Gelet op de stratigrafische positie moet deze geul in het Boreaal zijn gevormd. De bodem in de top van de hoger gelegen rivierduinafzettingen wordt afgedekt met organisch rijke afzettingen van de NIBA-EC laaggroep.<br>De ersosiebasis van de veel jongere mariene zeezanden en zand-klei gelaagde afzettingen behorend tot de Southern Bight Formatie, Bligh Bank Laagpakket (SBBL) ligt vrij diep. Voorafgaand aan de vorming van deze laag zijn de oorspronkelijk aanwezige mariene afzettingen van de Formatie van Naaldwijk, Laagpakket van Wormer (NAWO) volledig opgeruimd en de humeuze kleien van de Formatie van Echteld (EC) voor een groot deel geërodeerd.</p><p>In het onderzoeksgebied zijn tijdens het verkennend inventariserend veldonderzoek vooralsnog geen concrete aanwijzingen aangetroffen voor de aanwezigheid van archeologische vindplaatsen. Echter in en rondom het plangebied komen twee typen afzettingen voor waarvoor een redelijk hoge tot hoge archeologische verwachting geldt voor vindplaatsen uit het Vroeg en Midden-Mesolithicum. Het betreft de rivierduinafzettingen, die vooral voorkomen in de zuidwestelijke helft van het pocketgebied, en de geulafzettingen, die in het noordoostelijke deel van de pocket zijn aangetroffen. De Wijchen-geulen worden gezien als waterverbindingswegen voor mesolithische mensen en de oevers van dergelijke geulen waren dan ook gunstige vestigingslocaties voor mensen in het verleden. Dit laatste geldt eveneens voor de hoger gelegen toppen van rivierduinen.</p>
提供机构:
Gemeente Rotterdam
创建时间:
2015-01-01
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务