Archeologisch onderzoek 10kV kabels Achterberg, gemeente Rhenen
收藏Mendeley Data2024-05-10 更新2024-06-27 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/M3AGRJ
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
In opdracht van ProRail heeft Sweco Nederland B.V. een archeologisch inventariserend veldonderzoek (verkennende fase) uitgevoerd. Aanleiding voor het onderzoek is de aanleg van twee 10 kV kabels met een lengte van ca. 3500 meter. Deze kabels worden in dezelfde sleuf geplaatst. Deze kabels worden aangelegd door middel van gestuurde boringen (ca. 400 meter) en open ontgraving (ca. 3100 meter). De kabels worden gelegd op ca. 1 meter diepte. De kabelsleuf zal ca. 1,5 meter diep worden. Reeds onderzochte delen van het tracé zijn uitgezonderd van onderzoek. In totaal gaat het om 1522 meter van het tracé wat reeds is onderzocht. Het nog te onderzoeken deel van het tracé wat met open ontgraving zal worden aangelegd is ca. 1578 meter. In het plangebied is een lage kans op intacte archeologische resten uit het Paleolithicum en Mesolithicum. Er zijn in de omgeving al enkele vondsten gedaan uit deze periode, echter raken dergelijke sites, zeker degene die zich aan de oppervlakte bevinden, snel verstoord door recente bodemingrepen. Archeologie uit het Neolithicum tot en met de vroege Middeleeuwen heeft een lage tot middelhoge verwachting. Archeologie uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd heeft een lage verwachting aangezien sporen van bewoning op oude kaarten ontbreekt. Archeologie uit de Tweede Wereldoorlog heeft een middelhoge verwachting aangezien het tracé precies langs de grens van de Grebbelinie loopt. Archeologie uit het Paleolithicum tot en met de Vroege Middeleeuwen is mogelijk direct onder het plaggendek in het dekzand. Archeologie uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd kan zich op en in het plaggendek bevinden. Het veldwerk voor het inventariserende veldonderzoek is verricht op 4 april 2023. Hierbij zijn 30 handmatige grondboringen verricht met behulp van een Edelmanboor met een diameter van 7 cm. De boringen zijn uitgevoerd tot 0,3 m in de C-horizont of tot een maximale diepte van 1,3 m beneden maaiveld. De boringen zijn gezet in een lijnsegment van 50 meter. Het plangebied ligt in een dekzandgebied dat behoort tot de Formatie van Boxtel, Laagpakket van Wierden. Dit dekzand is aangetroffen in het gehele plangebied met uitzondering van boring 1 en 2. Deze boringen laten mogelijk de gedempte watergang zien die in het verlengde van de boringen ligt. In boring 25 en 29 is er een BC-horizont aangetroffen van een podzolbodem. Het gaat hier hoogstwaarschijnlijk om een deel van de onderkant van de BC-horizont. De bovenkant van de podzolbodem is afgetopt. In de resterende boringen bestaat de bodemopbouw in veel gevallen uit bouwvoor op C-horizont van het dekzand (Laagpakket van Wierden). Een aantal gevallen zijn er verstoorde lagen aangetroffen tussen de bouwvoor en de C-horizont. Het ontbreken van een intacte podzolbodem is mogelijk te wijten aan het landgebruik. Vrijwel het gehele plangebied ligt aan de rand van een agrarisch gebied, waarbij enkele boringen aan de rand van een sloot zijn gezet. Mogelijk is het gebied in het verleden afgetopt of verstoord door het gebruik als landbouwgrond. Op basis van de resultaten van het inventariserend veldonderzoek wordt voor het plangebied geen vervolgonderzoek aanbevolen. De voorgenomen bodemingrepen kunnen zonder archeologisch voorbehoud worden uitgevoerd.
创建时间:
2024-05-08



