Inventariserend veldonderzoek (IVO-O) Oosterhorn, Farmsum (zone 6) Gemeente Eemsdelta (GR)
收藏DataCite Commons2025-01-20 更新2025-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/0UU0JO
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
In het gehele plangebied geldt een hoge archeologische verwachting. Deze hoge archeologische verwachting geldt voor de steentijd en de periode ijzertijd-nieuwe tijd. Resten uit de periode paleolithicum-neolithicum worden verwacht in de top van de pleistocene afzettingen. In de bronstijd was het onderzoeksgebied bedekt met veen en daardoor niet aantrekkelijk als woonplaats voor de mens. Vindplaatsen uit de periode ijzertijd-Romeinse tijd, middeleeuwen en nieuwe tijd worden verwacht in de top van de jongere getij-afzettingen, en eventuele wierdelagen die hierop liggen. Het oudste archeologisch relevante niveau betreft de top van de pleistocene afzettingen. In het plangebied gaat het om dekzand. In het plangebied zijn twee dekzandopduikingen waargenomen, naast enkele laagtes tussen de dekzandopduikingen en in het noordoostelijke deel van het plangebied. Het dekzand ligt op een diepte variërend van 1,20 m - NAP tot meer dan 4 m – NAP. In een groot deel van het plangebied is een podzolbodem gevormd in de top van het dekzand. In de top van het dekzand bij boring 149 is een fragment handgevormd prehistorisch aardewerk aangetroffen en zijn houtskoolresten opgeboord. Vrijwel overal is het dekzand afgedekt door een veenlaag die plaatselijk in de top veraard is. Op het veen is een kleipakket afgezet. Op delen zijn de klei-afzettingen zandig. Het betreft hier een kwelderwal. Op deze kwelderwal of direct op het veen ligt de centraal gelegen wierde (vindplaats 1). De oudste fase van de vindplaats 1 dateert uit de ijzertijd-Romeinse tijd. In de rest van het plangebied geen archeologische indicatoren waargenomen. Dit geldt ook voor vegetatiehorizonten die vooral voorkomen in de zone die als getijvlakte is geïnterpreteerd. De kans op het aantreffen van bewoningsresten is hier laag. Een uitzondering vormt een boring met houtskool (boring 205). Deze locatie dient nader onderzocht te worden. De wierde heeft zich gedurende de middeleeuwen verder uitgebreid en is waarschijnlijk voortdurend bewoond geweest tot 20e eeuw. De vindplaats is als behoudenswaardig aangemerkt. Binnen de radiale verkaveling zijn ook nog archeologische resten te verwachten. De historische Oosterweg lag rondom de middeleeuwse wierde. De Oosterweg is eveneens als behoudenswaardig gewaardeerd, hoewel dit met name geldt voor het gedeelte direct naast vindplaats 1. Vindplaatsen 2 en 3 worden op basis van het booronderzoek getypeerd als verhoogde boerderijplaatsen uit de nieuwe tijd, die in de getijvlakte zijn gesticht. Het betreft geen wierden, want er zijn geen oudere wierdelagen herkend. Op beide locaties zijn opgebrachte lagen waargenomen die gedeeltelijk zijn verstoord, vermoedelijk door latere graaf- en sloopwerkzaamheden. Archeologische indicatoren zijn vooral in de vorm van baksteen waargenomen. De vindplaatsen zijn gewaardeerd en voorlopig als behoudenswaardig aangemerkt. Daarbij is wel aanvullend onderzoek nodig om vast te stellen wat precies de mate van verstoring is en of er boerderijfasen voorkomen die ouder zijn dan de 19e eeuw. Tijdens het booronderzoek zijn in totaal 65 vondsten verzameld, met name ter hoogte van vindplaats 1. Het gaat om aardewerk, huttenleem, bouwkeramiek, metaal, natuursteen en slakken. Op basis van de resultaten van het hier gerapporteerde onderzoek wordt geadviseerd om vervolgonderzoek uit te voeren op verschillende delen van het plangebied met een hoge archeologische verwachting. Het type onderzoek is afhankelijk van het type vindplaats en de archeologische verwachting. Een overzicht wordt weergegeven in Tabel 3 en Afb. 19. Delen van het plangebied waar de verwachting naar laag wordt bijgesteld hoeven niet verder onderzocht te worden en kunnen worden vrijgegeven ten behoeve van de voorgenomen ontwikkeling.
提供机构:
DANS Data Station Archaeology
创建时间:
2025-01-10



