Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek met verkennende boringen in het plangebied Druisdijk 2a te Alphen, gemeente Alphen-Chaam
收藏DANS Data Station Archaeology2015-07-20 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-Z8S-6FUD
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Dit onderzoek heeft bestaan uit een archeologisch bureauonderzoek en een verkennend booronderzoek.<br>Aan de Druidijk 2a te Alphen in de gemeente Alphen-Chaam wordt in de nabije toekomst een nieuwe biggenstal gerealiseerd. Omdat deze ontwikkeling gepaard zal gaan met bodemverstorende werkzaamheden, dient conform het gemeentelijk beleid een archeologisch vooronderzoek te worden uitgevoerd.<br>Het plangebied kent een middelhoge verwachting voor het aantreffen van archeologische resten op basis van de onderzoekseis in het vigerende bestemmingsplan. Op grond van de landschappelijke voorkeuren voor bewoning zoals die voor de verschillende tijdsperioden bekend zijn uit de regio, zoals op de flank van een beekdal of juist hoger op een dekzandkop, in combinatie met de landschappelijke ligging van dit plangebied wordt de kans op het aantreffen van archeologische resten niet bijzonder hoog geacht. Dit geldt eveneens voor andere complextypen, hoewel die op voorhand niet volledig kunnen worden uitgesloten of de middelhoge verwachting inderdaad correct is voor het plangebied hangt ook grotendeels af van het feit of de bodemopbouw in het plangebied recentelijk niet verstoord is. Het is niet mogelijk om dit op basis van een bureauonderzoek alleen te bepalen. Het is daarom noodzakelijk om in het plangebied een verkennend booronderzoek uit te voeren om de mate van verstoring van de bodemopbouw te bepalen en om de diepteligging van eventuele archeologisch relevante lagen vast te stellen.<br>Op basis van het veldwerk kan geconcludeerd worden dat sprake is van een verstoord bodemprofiel, waarbij de bodemhorizonten van de oorspronkelijke podzol, inclusief tenminste de top van de Chorizont, zijn opgenomen in de bouwvoor.<br>Geconcludeerd kan dan ook worden dat de kans op het aantreffen van archeologische resten laag ingeschat wordt op basis van de verstoring van het profiel en de verhoudingsgewijs lage ligging tenopzichte van de omgeving.<br>Op basis van de in de conclusie genoemde argumenten adviseren wij de middelhoge archeologische trefkans voor het plangebied bij te stellen naar een lage trefkans en het plangebied vrij te geven voor de voorgenomen ontwikkeling.<br>Ook voor vrijgegeven (delen van) plangebieden bestaat altijd de mogelijkheid dat er tijdens graafwerkzaamheden toch losse sporen en vondsten worden aangetroffen. Het betreft dan vaak kleine sporen of resten die niet door middel van een booronderzoek kunnen worden opgespoord. Op grond van artikel 53 van de Monumentenwet 1988 dient zo spoedig mogelijk melding te worden gemaakt van de vondst bij de Minister (de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed: telefoon 033-4217456). Een vondstmelding bij de gemeentelijk of provinciaal archeoloog kan ook.</p>
提供机构:
Antea Group
创建时间:
2015-02-11



