Boijl, Rijsberkamperweg 10 (gemeente Weststellingwerf) Een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek (BO en IVO-O)
收藏DANS Data Station Archaeology2020-11-10 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-2CS-GUQ9
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Op basis van het bureauonderzoek kan worden geconcludeerd dat in het plangebied een middelhoge archeologische verwachting geldt voor de top van het pleistocene zand. Hierin kunnen resten worden aangetroffen vanaf het Laat-Paleolithicum tot en met de Vroege-IJzertijd. Uit de periode Laat-Paleolithicum tot en met het Neolithicum kunnen vooral resten worden verwacht die samenhangen met een mobiele leefwijze, zoals kort bewoonde kampjes. Vanaf het Neolithicum tot en met de Vroege-IJzertijd worden vooral resten verwacht die te maken hebben met een sedentaire leefwijze, bijvoorbeeld huizen, resten van agrarische activiteit en begravingsrituelen. De omvang van de mogelijk aanwezige archeologisch resten varieert sterk. Kampementen hebben over het algemeen een geringe omvang, terwijl nederzettingen vaak uit één of meerdere huizen bestaan. Vanaf de Midden-IJzertijd tot aan de Late Middeleeuwen is het plangebied niet bewoonbaar. Voor de periode Late Middeleeuwen – Nieuwe tijd kunnen de resten in of vlak onder het eventueel aanwezige cultuurdek aanwezig zijn. Het plangebied valt binnen een kampontginning bestaande uit een individuele es. Het plangebied is op de geomorfologische kaart dan ook gekarteerd als oud landbouwdek. Resten kunnen bestaan uit huizen, putten, (afval)kuilen, sporen van landinrichting en begravingen. De resten kunnen worden verwacht vanaf maaiveld. Het plangebied is al enkele eeuwen in gebruik als boerenerf. Op boerenerven werd ook veel gegraven, dus hoewel er geen aanwijzingen voor bebouwing zijn, betekend dat niet dat er geen verstoring is geweest. De mate van verstoring is niet op basis van het bureauonderzoek vast te stellen. De middelhoge archeologische verwachting is getoetst door middel van het uitvoeren van een inventariserend veldonderzoek (verkennende fase), hierbij zijn 6 boringen gezet. </p><p>Er is sprake van een laag cunetzand dat aangebracht is ter fundering van een verharding bestaande uit steenschotten. Eronder zijn een reeks ophooglagen waargenomen waaronder in enkele boringen nog een ten dele intact cultuurdekrestant aanwezig is. Dit cultuurdek ligt direct op het dekzand. In de top van het dekzand is geen sprake van bodemvorming. Boring 6 wijkt af aangezien hier een mogelijke geul of sloot is aangeboord. In boring 3 bleek de bodem (sub)recentelijk tot in het dekzand verstoord. In geen van de boringen zijn in het cultuurdekrestant of in de top van het dekzand vondsten aangetroffen in de vorm van keramiek, vuursteen of overige archeologische indicatoren. In het cultuurdek is een enkele baksteenspikkel aangetroffen. Het beeld dat naar voren</p>
提供机构:
Salisbury Archeologie bv
创建时间:
2020-03-19



