five

Bureauonderzoek en Karterend Booronderzoek Archeologie Plangebied Ootmarsumseweg 228 te Fleringen Gemeente Tubbergen

收藏
Mendeley Data2024-01-31 更新2024-06-27 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/dans-x95-ef8b
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
Hamaland Advies heeft in opdracht van van BJZ.nu Bestemmingsplannen uit Almelo een archeologisch bureauonderzoek en een karterend bodemonderzoek uitgevoerd voor het plangebied Ootmarsumseweg 228 te Fleringen, Gemeente Tubbergen. Het betreft een uitbreiding van het bouwbedrijf van de heer Poppink. De nieuwe bodemverstoring wordt veroorzaakt door de zuidelijke uitbreiding van het huidige bedrijfsterrein van bouwbedrijf Poppink met een oppervlakte van 6.600 m2. De nieuwe verstoringsdiepte is vanwege het ontbreken van een bouwplan nog onbekend, maar zal dieper zijn dan de vrijstellingsgrens van 40cm-mv.Het plan voor het gebied bevindt zich in de fase van de herziening van het bestemmingsplan buitengebied Fleringen (vastgesteld 2 juli 2013). Het plangebied ligt, op de archeologische waarden- en beleidskaart van de Gemeente Tubbergen (2009), in een gebied met hoge archeologische verwachting en een attentiezone van 200 meter rondom de boerderijen. Gemeentelijk beleid voor hoge verwachting is een onderzoeksplicht voor bodemingrepen met een oppervlak groter dan 2.500 m2 én dieper dan 40 centimeter onder het maaiveld.Voor de attentiezones geldt een onderzoeksplicht voor bodemingrepen met een oppervlak groter dan 30 m2.Aangezien de omvang van de bodemingrepen de onderzoeksgrens van de attentiezone van 30 m2 overschrijdt, wordt een archeologisch onderzoek in het kader van het bestemmingsplan noodzakelijk geacht. Het door Hamaland Advies uitgevoerde onderzoek bestaat uit een KNA conform bureauonderzoek dat aangevuld is met een inventariserend veldonderzoek middels boringen (karterende fase) om de intactheid van de bodemopbouw te toetsen en de aanwezigheid van vindplaatsen vast te stellen.ConclusieOp grond van de bestudeerde bronnen kan geconcludeerd worden dat het plangebied een lage verwachting heeft op archeologische resten uit alle periodes. Er zijn geen vondsten in de directe omgeving van het plangebied bekend uit het Neolithicum, de Bronstijd en de late Middeleeuwen.Door de aanwezigheid van een esdek dat dikker is dan 50cm, is de kans groot dat het esdek een beschermende werking heeft gehad voor archeologische vindplaatsen in de bodem. Voor een gebied gelegen in het beekdal in het uiterste oosten, met een esdek van 15-50 cm, hebben de middeleeuwse heideontginning en de landbewerking waarschijnlijk voor bodemverstoring gezorgd. Onbekend is echter tot hoe diep de bodem daadwerkelijk is verstoord. SelectieadviesIn totaal zijn door E. van der Kuijl (senior KNA archeoloog) en mevrouw J. Rohling (J. Rohling) op 29 april 2014 twaalf (12 boringen geplaatst met een zogeheten megaboor met een boordiameter van 15 cm. In het gehele plangebied is op grond van de dikte van de afdekkende laag (50 cm of meer) sprake van een esdek, dat gezien de bijmenging aan baksteenpuin in subrecente tijd is gevormd. Hieronder bevindt zich in acht van de twaalf boringen een intacte oudere eerdlaag. Op grond van de morfologie, kleur en textuur betreft het een hoge zwarte enkeerdgrond. De ondergrond bestaat uit een dekzandafzettingen van de Formatie van Boxtel (Laagpakket van Wierden). De grondwaterstand is tijdens het onderzoek niet aangetroffen en bevindt zich dieper dan 150 cm-mv (de maximale boordiepte). De bodem in het gehele plangebied kan worden geclassificeerd als een hoge zwarte enkeerdgrond. Er is in de oostelijke helft van het plangebied geen beekeerd aangetroffen zoals werd verondersteld op basis van de bodemkaart (zie afb. 3). Tijdens het uitzeven van de boorkernen zijn geen relevante archeologische indicatoren aangetroffen. Vanwege de afwezigheid van archeologische indicatoren adviseert Hamaland Advies om geen vervolgonderzoek in het plangebied te laten uitvoeren en het plangebied vrij te geven voor ontwikkeling. Er zijn voor de archeologie geen gevolgen vanuit de voorgenomen bodemingrepen.VoorbehoudBovenstaand advies vormt een zogenaamd selectieadvies. Met nadruk wijst Hamaland Advies erop dat dit selectieadvies nog niet betekent dat al bodemverstorende activiteiten of daarop voorbereidende activiteiten kunnen worden ondernomen. De resultaten van dit onderzoek zullen namelijk eerst moeten worden beoordeeld door de bevoegde overheid (Gemeente Tubbergen), die vervolgens een selectiebesluit neemt.SelectiebesluitDe resultaten en aanbevelingen uit dit rapport zijn getoetst en zonder op-of aanmerkingen onderschreven door het bevoegd gezag, Gemeente Tubbergen en diens adviseur, de Regionaal Archeoloog van Gemeente Tubbergen (drs. J.A.M. Oude Rengerink) op 21-01-2015, op basis waarvan zij een selectiebesluit nemen. De regioarcheoloog adviseert de gemeente Tubbergen om geen vervolgonderzoek te laten uitvoeren en het plangebied voor wat betreft het omgevingsaspect ‘archeologische waarden’ vrij te geven. Ten behoeve van een omgevingsvergunning is geen archeologisch vervolgonderzoek vereist.Verder dient te allen tijde bij het afgeven van een omgevingsvergunning de wettelijke meldingsplicht (ex artikel 53 Monumentenwet 1988) kenbaar te worden gemaakt, om het documenteren van toevalsvondsten te garanderen: “Degene die anders dan bij het doen van opgravingen een zaak vindt waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een monument is (in roerende of onroerende zin), meldt die zaak zo spoedig mogelijk bij onze minister”. Deze aangifte dient te gebeuren bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed in Amersfoort en de verantwoordelijk beleidsadviseur archeologie van de Gemeente Tubbergen.
创建时间:
2024-01-31
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务