five

BO IVO Grindweg 192c Scherpenzeel (FR) Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Grindweg 192c te Scherpenzeel, gemeente Weststellingwerf (FR)

收藏
DANS Data Station Archaeology2021-12-30 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZJ5-S8S3
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>Laagland Archeologie heeft in december 2020 een Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase uitgevoerd aan de Grindweg 192c te Scherpenzeel. Het onderzoek vond plaats in verband met de ruimtelijke procedure rondom de bouw van een nieuwe loods en de omvorming tot bedrijfsterrein van een grasland.<br>Het bureauonderzoek had tot doel een archeologisch verwachtingsmodel op te stellen. Centraal staat daarbij de vraag of en zo ja welke archeologische resten (complextype, datering, diepteligging en gaafheid) in het plangebied kunnen worden verwacht. Hiertoe zijn landschappelijke, archeologische en historische bronnen geraadpleegd.<br>Op basis van het bureauonderzoek resten uit de periode laat-Paleolithicum – vroeg Neolithicum verwacht. Resten uit latere perioden worden niet verwacht. In de loop van het Neolithicum ontstond veengroei en vanaf dat moment was het terrein ongeschikt voor bewoning. Pas met de laatmiddeleeuwse veenontginningen (11e/12e eeuw) is er weer sprake van menselijke aanwezigheid. Het plangebied lag buiten de oude bewoningskern en is in historische tijden aldoor onbebouwd gebleven. <br>Het uitgevoerde verkennende booronderzoek heeft tot doel het verwachtingsmodel te toetsen en zonodig aan te vullen. Hiertoe zijn verspreid over het toegankelijke deel van het plangebied verkennende boringen gezet. In dit stadium is verkennend booronderzoek de meest efficiënte onderzoekswijze om de archeologische potentie van het plangebied in kaart te brengen.<br>Uit het verkennend booronderzoek blijkt dat in het plangebied een veenpakket ligt van circa 1 m dik. Daaronder liggen pleistocene afzettingen (keileem met daarop vaak een dun laagje keizand). In één boring is mogelijk een dunne B-horizont aangetroffen in dit keizand, maar in de overige boringen is consequent sprake van een C-horizont. Met het ontbreken van een dikke laag dekzand of keizand en het ontbreken van duidelijke podzolprofielen in het aanwezige keizand was het gebied waarschijnlijk te nat om aantrekkelijk te zijn voor bewoning. <br>De kans dat het gebied nog archeologische resten met een intacte archeologische context bevat wordt daarom laag geacht.<br>Op basis van de resultaten van het veldonderzoek wordt geadviseerd geen archeologisch vervolgonderzoek in het plangebied uit te voeren en het plangebied vrij te geven voor het aspect archeologie.<br>Selectiebesluit De archeologisch adviseur van de gemeente Weststellingwerf (mevr. J. van Leeuwen) gaat onder voorwaarden akkoord met dit advies en is van mening dat de aan- of afwezigheid van archeologische resten op basis van het hier uitgevoerde onderzoek onvoldoende is onderbouwd. Archeologisch onderzoek wordt niet noodzakelijk geacht indien de ingrepen niet dieper dan 80 cm -mv plaatsvinden (het potentiële archeologische niveau bevindt zich op een diepte van ongeveer 100 cm. Hierbij wordt een bufferzone van 20 cm tussen ingrepen en mogelijk archeologisch niveau gehanteerd). In de huidige plannen is sprake van een ontgraving van circa 20 cm -mv, waarna grondpakket van 40 – 50 cm hoogte wordt opgebracht. De sloot mag daarmee tot een diepte van minimaal 40 cm + 80 cm = 120 cm worden aangelegd. Indien de ontgraving dieper reikt, is archeologisch vervolgonderzoek vereist. Na telefonisch overleg met de archeologisch adviseur van de gemeente is het toegestaan dat een lichte paalfundering tot in het onderliggende dekzand of keileem reikt. <br>Hiermee zou waarschijnlijk de verharding en bebouwing (met lichte fundering) en eventueel ook de sloot (mits tot maximaal 80 cm -huidige maaiveld) kunnen worden gerealiseerd. <br>Mochten tijdens de werkzaamheden onverhoopt toch archeologische resten worden aangetroffen, of resten waarvan redelijkerwijze kan worden vermoed dat het om archeologische resten gaat, dan geldt op grond van de Erfgoedwet (art. 5.10) een meldingsplicht. Dit kan bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE, www.cultureelerfgoed).</p>
提供机构:
Laagland Archeologie VOF
创建时间:
2021-01-01
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务