Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Looweg te Bathmen, gemeente Deventer (OV) Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Looweg te Bathmen, gemeente Deventer (OV)
收藏DANS Data Station Archaeology2025-06-10 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/LJXJWX
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Laagland Archeologie heeft in mei 2023 een Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase uitgevoerd aan de Looweg te Bathmen. Het onderzoek vond plaats in verband met de ruimtelijke procedure rondom de nieuwbouw van woningen.<br>Het onderzoek is uitgevoerd conform de protocollen SIKB KNA 4002 en 4003.<br>Het bureauonderzoek had tot doel een archeologisch verwachtingsmodel op te stellen. Centraal staat daarbij de vraag of en zo ja welke archeologische resten (complextype, datering, diepteligging en gaafheid) in het plangebied kunnen worden verwacht. Hiertoe zijn landschappelijke, archeologische en historische bronnen geraadpleegd.<br>Het plangebied ligt in het Overijssels-Gelders zandgebied. Op basis van een geologische boring in het plangebied kan worden aangenomen dat de eerste 40 cm bestaat uit antropogene omgewerkte grond met hieronder dekzand. Op de gemeentelijke archeologische verwachtingskaart ligt de noordelijke helft van het plangebied op een fluviatiele terrasrest met (oud) dekzand. Meer naar het zuidwesten ligt een zone met dekzandwelvingen, al dan niet met dun plaggendek. In de meest zuidwestelijke hoek ligt een zone met hoge dekzandduinen met plaggendek. Op het AHN is te zien dat zich ten zuidoosten van het plangebied een hoger gelegen deel in het landschap bevindt. Verder is ten noordwesten van het plangebied een laagte te zien. Ook is te zien dat de noordelijke helft van het plangebied bijna een meter lager ligt dan het midden zuidelijke deel van het plangebied. Bodemkundig ligt het gebied in een zone met podzolgronden; leemarm en zwak lemig fijn zand.<br>In de omgeving van het plangebied zijn archeologische resten uit de Middeleeuwen – Nieuwe Tijd bekend.<br>In historische tijden (vanaf circa 1832) werd het terrein omschreven als heide in het noord- en noordwestelijke deel. Het zuidoostelijke deel is aangeduid als bouwland en hooiland. In het midden van het plangebied is ook een erf aan gegeven dat op dat moment in het bezit was van een schilder. Rond 1900 is deze bebouwing niet meer aanwezig. Rond 1970 verschijnt bebouwing tegen de zuidwestzijde van het plangebied en rond 1988 wordt een weg aangelegd tegen de oostzijde van het plangebied.<br>Op basis van het bureauonderzoek geldt een middelhoge verwachting voor de periode steentijd tot en met Late Middeleeuwen en een hoge verwachting voor resten uit de Nieuwe Tijd. Met name voor deze laatste periode worden resten verwacht van een erf uit circa 1832.<br>Het uitgevoerde verkennende booronderzoek heeft tot doel het verwachtingsmodel te toetsen en zo nodig aan te vullen. Hiertoe zijn verspreid over het toegankelijke deel van het plangebied verkennende boringen gezet. In dit stadium is verkennend booronderzoek de meest efficiënte onderzoekswijze om de archeologische potentie van het plangebied in kaart te brengen.<br>Uit het verkennend booronderzoek in een groot deel van het terrein sprake is van een tot in de C-horizont verstoorde bodem. Op de locatie van het historische erfje, tevens een dekzandopduiking – is een intacte bodemopbouw gezien. Vermoedelijk is elders op de dekzandopduiking sprake van een beperkte verstoring waar nog ondiepe grondsporen bewaard kunnen zijn gebleven.<br>Op basis van het booronderzoek worden archeologische resten verwacht in een deel van het plangebied. Indien hier bodemverstorende werkzaamheden plaatsvinden, is archeologisch vervolgonderzoek van toepassing. Gezien de prospectiekenmerken adviseren we dit vervolgonderzoek vorm te geven door middel van een proefsleuvenonderzoek. Hiertoe dient voor aanvang van het onderzoek een door het bevoegd gezag goed te keuren programma van eisen te worden opgesteld. Elders in het plangebied worden geen relevante resten verwacht. Voor dit resterende deel wordt geen vervolgonderzoek geadviseerd.<br>Dit advies is in handen van de bevoegde overheid, de gemeente Deventer. De gemeente wordt hierin vertegenwoordigd door haar deskundige, drs. E. Mittendorff.<br>Mochten tijdens de werkzaamheden onverhoopt toch archeologische resten worden aangetroffen, of resten waarvan redelijkerwijze kan worden vermoed dat het om archeologische resten gaat, dan geldt op grond van de Erfgoedwet (art. 5.10) een meldingsplicht. Dit kan bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE, www.cultureelerfgoed).</p>
提供机构:
Laagland Archeologie VOF
创建时间:
2025-01-01



