five

Archeologisch proefsleuvenonderzoek Beeninkweg 7 te Meddo, gemeente Winterswijk (GD)

收藏
DANS Data Station Archaeology2014-12-14 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZQ8-BCDZ
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>Aanleiding tot het hier beschreven archeologisch onderzoek betreft het voornemen van de heer M. Tiggeloven om zijn bedrijf uit te breiden (uitbreiding ligboxenstal en aanleg mest- en sleufsilo). Gezien de bodemverstorende ingrepen die hiermee gepaard gaan en de hoge archeologische waarde van het plangebied, heeft gemeente Winterswijk besloten een archeologisch proefsleuvenonderzoek op het plangebied te laten uitvoeren. De heer M. Tiggeloven heeft MUG Ingenieursbureau, afdeling Archeologie, opdracht gegeven het archeologisch proefsleuvenonderzoek uit te voeren. Tijdens het onderzoek zijn vier proefsleuven aangelegd.</p><p>Op het huidige onderzoeksgebied is in een eerder stadium een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek door middel van boringen uitgevoerd. Uit het booronderzoek bleek dat de bodemopbouw hier grotendeels intact is. In het oude plaggendek werden tijdens het booronderzoek archeologische indicatoren uit de late middeleeuwen aangetroffen. Op grond van de datering en de aard van het vondstmateriaal is vermoedelijk sprake van een voorganger van het historisch erf Beernink. Deze voorloper zou dateren in de periode 10e tot en met 12e eeuw na Chr. Naar aanleiding van dit onderzoek konden ook de aanwezigheid van oudere sporen en vondsten niet uitgesloten worden.</p><p>Het onderzoeksgebied bevindt zich op een dekzandrug waarop een dik plaggendek ligt (hoge bruine enkeerdgrond). Dit plaggendek heeft een dikte heeft van ongeveer 95 cm. Globaal is het plaggendek te verdelen in twee fasen. In werkputten 2 tot en met 4 is tussen het oorspronkelijke plaggendek en het vaste zand een aparte laag te zien (spoor 904). Deze laag heeft een dikte van maximaal 20 cm, is erg rommelig en lijkt vergraven te zijn.</p><p>In drie van de vier werkputten (1 tot en met 3) zijn in de C-horizont, en dus onder het plaggendek, veel archeologische sporen aangetroffen. Deze sporen bestaan hoofdzakelijk uit (paal)kuilen en liggen dicht op elkaar. Een deel van de kuilen kan als afval-, opslag-, of waterkuil worden geïnterpreteerd. Ook is er een aantal greppels aanwezig. Aan de hand van de huidige resultaten kunnen uit de paalkuilen delen van twee mogelijke structuren worden onderscheiden.</p><p>Tijdens het onderzoek is een hoeveelheid vondstmateriaal verzameld. Het materiaal is zowel verzameld bij de aanleg van het vlak in de werkputten als afkomstig uit de archeologische sporen. Het archeologisch vondstmateriaal bestaat uit: aardewerk, faunaresten, houtskool, metaalslakken en natuur- en vuursteen. Uit het aangetroffen vondstmateriaal blijkt dat een deel hiervan (het draaischijfaardewerk en de maalstenen) niet lokaal vervaardigd is, maar is geïmporteerd. Ook zijn er aanwijzingen dat in de middeleeuwse nederzetting aan ijzerproductie is gedaan, getuige de metaalslakken die zijn gevonden. </p><p>Het archeologisch proefsleuvenonderzoek heeft aangetoond dat zich op het onderzoeksgebied een nederzettingsterrein bevindt dat behoudenswaardig is volgens de KNA, versie 3.3. Het nederzettingsterrein dateert uit de volle middeleeuwen. Daarnaast zijn er enkele aanwijzingen - in de vorm van aardewerk - dat het gebied reeds eerder in gebruik is geweest, in de laat-Romeinse tijd tot de overgang naar de volksverhuizingtijd. De conservering van de vindplaats (sporen en vondsten) is (redelijk tot) goed.</p><p>Wij adviseren de vindplaats te behouden. Dit kan zowel in situ (planaanpassing, geen bodemverstorende activiteiten binnen het verspreidingsgebied van de vindplaats) als ex situ (een definitieve opgraving). Ten tijde van deze rapportage is de vindplaats inmiddels opgegraven. Deze opgraving is uitgevoerd aan de hand van een selectiebesluit van de bevoegde overheid, gemeente Winterswijk.</p>
提供机构:
MUG Ingenieursbureau b.v.
创建时间:
2014-12-15
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务