23.046 Huissen - Langekerkstraat 19
收藏DataCite Commons2025-07-03 更新2025-04-09 收录
下载链接:
https://dataverse.nl/citation?persistentId=doi:10.34894/QWR0UZ
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
Bij archeologisch onderzoek ter plaatse van de Langekerkstraat 19 te Huissen zijn bewoningsporen uit diverse perioden aangetroffen, van de Vroege Middeleeuwen tot na de Middeleeuwen. Hierbij gaat het voornamelijk om resten van waterputten en enkele palen die aangeleverd zijn voor dendrochronologisch onderzoek. Voor het grootste deel gaat het om eik (Quercus sp.). Deze houtsoort kan met het blote oog herkend worden. Voor de overige houtsoorten is houtanatomisch onderzoek uitgevoerd. Hieruit bleek dat voor het constructiehout verder ook beuk (Fagus sylvatica L.), fijnspar (Picea abies Karst.) en zilverspar (Abies alba Mill.) gebruikt is. Voor de hoepels van één van de tonputten (spoornr. 215) is hazelaar (Corylus avellana L.) gebruikt. Voor deze toepassing is dit een gebruikelijke houtsoort.
Minder gebruikelijk is een velg van een wiel van iep (Ulmus sp.). Tenslotte is er nog een houten pen aangetroffen met daaromheen een touw van gedraaide twijgenrepen. Vanwege de kwetsbare aard was uitgebreide monstername niet mogelijk en zijn enkele losse fragmenten onderzoek. Dit hout is echter enigszins aangetast, wat het beeld onduidelijk maakt. Uit de waarneembare kenmerken lijkt voor de pen een appel of peer (Pyrus malus/communis L.). gebruikt te zijn, terwijl voor het windsel reepjes wilg (Salix sp.) gebruikt zijn.
Voor het dendrochronologisch onderzoek zijn 10 vondsten aangemerkt, waarvan de meeste gedateerd kunnen worden. De oudste vondsten zijn afkomstig uit spoornr. 304. De meest recente jaarring hiervan kan in 501 geplaatst wordt. Het enige monster met spinthout uit dit spoornummer kon niet gedateerd worden, waardoor er geen afgebakend kapinterval bepaald kan worden. Het lijkt aannemelijk dat dit ergens in de 6e eeuw valt.
Voor spoornr. 403 geldt iets vergelijkbaar; hier valt de datering en 518 en het kapjaar zal vermoedelijk ook in de 6e eeuw liggen.
De volgende fase valt in de Volle Middeleeuwen. De zware eiken paal van spoornr. 191 dateert in 1086 en lijkt rond 1106 gekapt te zijn. Voor spoornr. 206 valt de laatste jaarring in 1197, maar hier kan wederom geen afgebakend kapinterval bepaald worden.
De dateringen voor de tonputten met spoornr. 414 en 412 vallen respectievelijk aan het einde van de 15e en 16e eeuw, waarbij het kapjaar vermoedelijk in het eerste of tweede kwart van de daaropvolgende eeuw ligt.
提供机构:
DataverseNL
创建时间:
2023-09-20



