Inventarsierend Veldonderzoek d.m.v. boringen. N231b, Legmeerdijk te Amstelveen
收藏DANS Data Station Archaeology2017-01-29 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZTX-DX46
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In maart-april 2017 heeft Antea Group in opdracht van de Provincie Noord-Holland een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd ten behoeve van het project ‘Trajectbenadering N231b’. De project betreft meerdere infrastructurele aanpassingen in het noordelijk deel van de N231b (de Legmeerdijk en Bosrandweg) tussen de N201 (hm 22,5) en de kruising met de rotonde Nieuwe Meerlaan (hm 27,75).<br>Deze weg en daarmee het plangebied bevindt zich op de grens van Aalsmeer en Amstelveen, echter hoofdzakelijk gelegen in de gemeente Aalsmeer. De werkzaamheden betreffen een combinatie van onderhoud en het verbeteren van doorstroming en verkeersveiligheid.<br>Bij het uitvoeren van deze werkzaamheden is het mogelijk dat eventueel in de bodem aanwezige archeologische resten worden verstoord. Om die reden is in de geldende regelgeving sprake van een archeologische onderzoeksplicht. In de archeologische monumentenzorg bestaat de eerste stap van archeologisch onderzoek uit een archeologisch bureauonderzoek, zie voor de AMZ-cyclus bijlage 2.<br>Vanaf het begin van het Holoceen maakt het onderzoeksgebied deel uit van een getijdengebied, waarbij zeeklei is afgezet (Laagpakket van Wormer). Na het sluiten van de kustlijn ongeveer halverwege het Holoceen werd op grote schaal veenvorming mogelijk en maakte het plangebied deel uit van een grootschalig veengebied. Het gebied gedurende deze periode nagenoeg ongeschikt geweest voor bewoning. Duidelijke vondsten uit de prehistorie zijn in de omgeving van het plangebied niet bekend. De oudste archeologische vondsten uit de omgeving van het plangebied dateren uit de late middeleeuwen. In de late middeleeuwen of nieuwe tijd fungeerde de Legmeerdijk naast ontginningsas en doorgaande route als een bewoningsas.<br>Na uitvoer van het bureauonderzoek bleek dat alleen voor de locatie aan de Legmeerdijk te Amstelveen (deelgebied 3 uit het bureauonderzoek) een inventariserend veldonderzoek d.m.v. boringen moest worden uitgevoerd.<br>Conclusies<br>De opbouw van de Legmeerdijk is aan de hand van de in de boringen aangetroffen aardewerkfragmenten in B005 in ieder geval te herleiden tot de 14eà 15eeeuw. Het voorkomen van verschillende niveaus met aardewerkresten, in verschillende boringen, lijkt er op te wijzen dat de dijk gedeeltelijk met huishoudelijk afval werd opgehoogd. Of dit gaat om lokaal materiaal, in relatie met de huizen langs de dijk of meer grootschalige dijkophogingen met ‘stadsafval’ uit de omgeving, is aan de vondsten niet af te leiden. Uit de Hollandse veengebieden is wel bekend dat de bootjes die het veen (turf) naar de steden vervoerden vaak terugvoeren met het afval uit de stad (uit beerputten). Dit werd gebruikt ter bemesting van de landerijen, maar wellicht ook als ophoogmateriaal voor de wegen/dijken door het veengebied, zoals de Legmeerdijk. De opbouw van de dijk is met name in het meest centrale deel van de weg ter herkennen. In de boringen langs de rand van het perceel is vóór de boerderij Legmeerdijk 194 ook circa 17e/18e-eeuws aardewerk opgeboord van een diepte van circa 1-1,5 m-mv.<br>Selectie)advies<br>Gezien het feit dat de aanleg van het fietspad vooral plaats zal vinden aan de zuidoostzijde van de Legmeerdijk, in een grotendeels door kabels en leidingen verstoord gebied, wordt daarbij tot een diepte van 1,0 m-mv geen nader onderzoek geadviseerd. Bij graafwerkzaamheden dieper dan 1 m-mv (in de meer centrale delen van de Legmeerdijk) wordt geadviseerd om de werkzaamheden onder archeologische begeleiding (IVO-P/Opgraving, variant archeologische begeleiding) te laten plaatsvinden.</p>
提供机构:
Antea Group
创建时间:
2017-01-30



