five

Plangebied Natuurherstelproject Bovenlanden te Mijdrecht, gemeente De Ronde Venen; archeologisch vooronderzoek: een bureauonderzoek

收藏
DANS Data Station Archaeology2021-09-07 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-27K-CUVQ
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>In opdracht van Staatsbosbeheer heeft RAAP in mei 2021 een archeologisch vooronderzoek in de vorm van een bureauonderzoek uitgevoerd voor het plangebied Natuurherstelproject Bovenlanden te Mijdrecht in de gemeente De Ronde Venen. Het onderzoek vond plaats in het kader van een omgevingsvergunning.</p><p>Op grond van de onderzoeksresultaten en onder verwijzing naar de doelstellingen, kunnen de volgende uitspraken worden gedaan:<br>Beneden 8 m diepte bevindt zich een dekzandlandschap met een niet nader specificeerbare verwachting voor het aantreffen van resten van tijdelijke kampementen uit de Steentijd. De geplande ingrepen raken dit niveau niet.<br>Op dieptes van 2 tot 4 m is de top van het Laagpakket van Wormer te verwachten. In hoger gelegen delen hiervan kunnen resten worden verwacht van bewoning uit het late mesolithicum tot en met het midden neolithicum. De ontworpen ingrepen raken dit niveau niet. <br>Vanaf dieptes variërend van 45 tot 90 cm wordt de top van fluviatiele afzettingen van een voorganger van de Kromme Mijdrecht verwacht, afgedekt door een dunne laag veen en plaatselijk ook een dunne laag klei. Ter plaatse van de oeverwallen van deze voorganger kunnen resten worden verwacht van bewoning uit het late mesolithicum tot en met de midden-ijzertijd óf de midden Romeinse tijd. De ontworpen ingrepen raken dit niveau in principe niet, vooropgesteld dat ze nauwkeurig uitgevoerd worden aangezien de buffer tussen onderzijde ingreep en top Laagpakket van Wormer slechts 15 cm kan bedragen.<br>In een strook van circa 100 m breed langs de Kromme Mijdrecht zijn direct vanaf maaiveld resten van bewoning en bebouwing te verwachten uit de late middeleeuwen en daarna. Daarnaast bevinden zich op de locatie van het dieselgemaal (een Rijksmonument) zeer waarschijnlijk resten van een 17e eeuwse molen. Hier zijn geen ingrepen gepland. </p><p>Op basis van de resultaten van het onderzoek blijkt dat in het plangebied (mogelijk) archeologische resten bedreigd worden door de voorgenomen bodemingrepen. Daarom wordt geadviseerd om de plannen zodanig te ontwerpen en aan te passen dat verstoring wordt voorkomen. Dat kan door ingrepen beslist niet dieper te maken dan de geplande 30 cm en door ingrepen binnen 100 m van de Kromme Mijdrecht te vermijden. Blijven ingrepen binnen de 30 cm dan is ook volgens het vigerende bestemmingsplan en beleid geen archeologisch onderzoek verplicht.</p><p>Indien planaanpassing niet mogelijk is of een lastige opgave blijkt, wordt aanbevolen in het kader van de bestaande planvorming een verkennend booronderzoek uit te voeren met als doel het gedetailleerd in kaart brengen van de top van de fluviatiele afzettingen van de voorganger van de Kromme Mijdrecht en de verbreiding van de oeverwallen vast te stellen. Op deze manier kan worden bepaald hoe diep dit niveau ligt, of het nog intact is en of zich in het verleden omstandigheden hebben voorgedaan die de top van dit landschap bewoonbaar hebben gemaakt. Als dit landschap enige tijd aan de oppervlakte gelegen heeft, zal zich ontkalking en bodemvorming hebben voorgedaan en is de kans aanwezig dat de zandiger afzettingen in en vanuit de stroom ook bewoond zijn geweest.</p><p>De uitkomsten van dit onderzoek kunnen voor tweeërlei doelen worden gebruikt: bepalen waar verder karterend booronderzoek – met als doel het opsporen van archeologische resten – zinvol is, maar ook bepalen waar en hoe de ingrepen zo kunnen worden uitgevoerd dat verder archeologisch onderzoek niet meer noodzakelijk is.</p><p>In de strook van 100 m langs de Kromme Mijdrecht wordt in het kader van de voorgenomen bodemingrepen geen archeologisch vervolgonderzoek aanbevolen zolang daar geen ingrepen worden uitgevoerd. Wanneer hier ingrepen worden uitgevoerd zal – gezien de aard van de verwachte resten – booronderzoek niet voldoende zijn. In de boor zijn namelijk recente verstoringen slecht te onderscheiden van oude verstoringen, die op zichzelf al archeologische resten kunnen zijn. Dit onderscheid is alleen goed te maken in een ontsluiting en dat betekent dat wanneer in deze zone<br>ingrepen worden uitgevoerd, archeologisch onderzoek door middel van proefsleuven noodzakelijk is. Dit type onderzoek is veel kostenintensiever dan booronderzoek.</p>
提供机构:
RAAP
创建时间:
2021-06-09
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务