Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Vaassenseweg - Hogeweg te Emst, gemeente Epe (GD) Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Vaassenseweg - Hogeweg te Emst, gemeente Epe (GD)
收藏DANS Data Station Archaeology2024-09-18 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XYF-E38Z
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Laagland Archeologie heeft in maart 2023 een Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase uitgevoerd aan de Vaassenseweg - Hogeweg te Emst. Het onderzoek vond plaats in verband met de ruimtelijke procedure rondom de nieuwbouw van woningen Het onderzoek is uitgevoerd conform de protocollen SIKB KNA 4002 en 4003.<br>Het bureauonderzoek had tot doel een archeologisch verwachtingsmodel op te stellen. Centraal staat daarbij de vraag of en zo ja welke archeologische resten (complextype, datering, diepteligging en gaafheid) in het plangebied kunnen worden verwacht. Hiertoe zijn landschappelijke, archeologische en historische bronnen geraadpleegd.<br>Het plangebied ligt in het Utrechts-Gelders zandgebied. Uit geraadpleegde paleogeografische kaarten blijkt dat gedurende de laatste ijstijd het plangebied omgeven is door droogdallen in het noorden en zuiden. Ook bevindt zich een stuwwal ten westen van het plangebied. Op de gemeentelijke geomorfologische kaart ligt het plangebied in een daluitspoelingswaaier. Tegen de oostzijde van het plangebied liggen dalvormige laagten en droogdalen. Bodemkundig ligt het gebied op hoge zwarte enkeerdgronden. In de omgeving van het plangebied zijn archeologische resten uit de Middeleeuwen bekend. Dit betreft overigens een niet behoudenswaardige vindplaats die bestaat uit één paalkuil en een scherf handgevormd aardewerk.<br>In historische tijden (vanaf circa 1832) was het plangebied onderdeel van de Eemsterenk, een droge kampontginning die waarschijnlijk tot de oudste landbouwontginningen in het gebied behoort. Het plaggendek is in de Late Middeleeuwen en/of Nieuwe Tijd gevormd, maar de oorspronkelijke ontginning is waarschijnlijk ouder. Mogelijk is het terrein al in de prehistorie in gebruik geweest als akker. De flankerende wegen (Vaassenseweg en Hogeweg) zijn waarschijnlijk in tenminste tot in de Late Middeleeuwen terug te voeren. De afgelopen circa 200 jaar is het plangebied aldoor onbebouwd geweest. Rond 1900 loopt een weg door de noordzijde van het plangebied. Deze weg verdwijnt rond 1962.<br>Op basis van het bureauonderzoek geldt een lage verwachting voor de periode Paleolithicum – Vroeg Neolithicum en een hoge verwachting voor de periode Midden Neolithicum – Nieuwe Tijd.<br>Het uitgevoerde verkennende booronderzoek heeft tot doel het verwachtingsmodel te toetsen en zonodig aan te vullen. Hiertoe zijn verspreid over het toegankelijke deel van het plangebied verkennende boringen gezet. In dit stadium is verkennend booronderzoek de meest efficiënte onderzoekswijze om de archeologische potentie van het plangebied in kaart te brengen.<br>Tijdens het verkennend booronderzoek is in vrijwel alle boringen een intact, gelaagd plaggendek gezien met daaronder een C-horizont (fluvioperiglaciale afzettingen). Een oude akkerlaag en/of sporen van bodemvorming zijn niet gezien. De oorspronkelijke top (E-, B- en/of BC-horizonten) zijn vermoedelijk al in vroeger tijden verdwenen/opgenomen in de akkerlaag en hetzelfde geldt waarschijnlijk voor een mogelijk vroeger aanwezige oude akkerlaag. Op basis van het verkennend booronderzoek moet het verwachtingsmodel gehandhaafd blijven. Archeologische resten zullen naar verwachting vooral uit grondsporen bestaan. Ondanks dat een deel van de oorspronkelijke natuurlijke bodem verdwenen is, zullen de wat diepere grondsporen nog bewaard zijn gebleven. Deze sporen zijn alleen op te sporen door middel van gravend onderzoek. We adviseren daarom vervolgonderzoek in de vorm van een proefsleuvenonderzoek. Hiertoe is een door het bevoegd gezag goed te keuren Programma van Eisen benodigd.<br>Dit advies is overgenomen door de bevoegde overheid, de gemeente Epe. De gemeente wordt hierin vertegenwoordigd door haar deskundige, de heer H. G. Pape-Luijten (regioarcheoloog Stedendriehoek).<br>Mochten tijdens de werkzaamheden onverhoopt toch archeologische resten worden aangetroffen, of resten waarvan redelijkerwijze kan worden vermoed dat het om archeologische resten gaat, dan geldt op grond van de Erfgoedwet (art. 5.10) een meldingsplicht. Dit kan bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE, www.cultureelerfgoed).</p>
提供机构:
Laagland Archeologie VOF
创建时间:
2024-01-01



