five

Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase SDVB-velden te Barneveld, gemeente Barneveld (GD) BO-IVO SDVB-velden, Barneveld gemeente Barneveld (GD)

收藏
DANS Data Station Archaeology2020-12-30 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZXP-CEZ5
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>Laagland Archeologie heeft in maart 2020 een Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase uitgevoerd aan de Norschoterweg te Barneveld. Het onderzoek vond plaats in verband met de ruimtelijke procedure rondom de uitbreiding van een sportveldencomplex. De uitbreiding vindt plaats op percelen die momenteel in gebruik zijn als gras- en bouwland. In het plangebied is een historisch erf (erve Den Hee) aanwezig. Hier vinden geen noemenswaardige bodemingrepen plaats.<br>Het bureauonderzoek had tot doel een archeologisch verwachtingsmodel op te stellen. Centraal staat daarbij de vraag of en zo ja welke archeologische resten (complextype, datering, diepteligging en gaafheid) in het plangebied kunnen worden verwacht. Hiertoe zijn landschappelijke, archeologische en historische bronnen geraadpleegd.<br>Een deel van het plangebied ligt op een dekzandwelving. Op basis van historische kaarten is het aannemelijk dat hier een plaggendek op is aangebracht. Het AHN geeft echter geen aanwijzingen hiervoor. Ten noorden en zuiden van het plangebied komt een dekzandvlakte voor. In het meest oostelijk deel van het plangebied bevindt zich een historisch erf (Erve de Hee) dat op een kaart uit 1697 is aangegeven. Er zijn geen aanwijzingen dat dit erf tot in de Late Middeleeuwen is terug te voeren. <br>Op basis van het bureauonderzoek kunnen op de dekzandwelving resten vanaf het midden-Neolithicum tot en met de Vroege Middeleeuwen worden verwacht. Op de locatie van het historisch erf worden daarnaast resten uit de Late Middeleeuwen en vooral de Nieuwe Tijd verwacht. Dit verwachtingsmodel is getoetst en aangevuld door middel van verkennend booronderzoek. Het verkennende booronderzoek heeft tot doel het verwachtingsmodel te toetsen en zonodig aan te vullen. Hiertoe zijn verspreid over het toegankelijke deel van het plangebied verkennende boringen gezet. In dit stadium is verkennend booronderzoek de meest efficiënte onderzoekswijze om de archeologische potentie van het plangebied in kaart te brengen.<br>Het booronderzoek toont overwegend een AC-profiel. De natuurlijke ondergrond bestaat uit verspoeld dekzand. Op de dekzandwelving is sporadisch een (restant van een) B-horizont aangetroffen. De overgang tussen A-horizont en C-horizont bestaat vaak uit een verstoorde C-horizont en er zijn aanwijzingen dat de natuurlijke ondergrond van nature tamelijk vochtig is geweest. Ondiepe grondsporen en vondstlagen zijn vermoedelijk verdwenen, maar diepere grondsporen kunnen nog aanwezig zijn. Gezien de relatief hoge bodemvochtigheid zal dit met name gaan om resten uit de IJzertijd, maar andere perioden kunnen niet worden uitgesloten. Door het ontbreken van mobiele vondsten en doordat de ondiepe grondsporen waarschijnlijk verdwenen zijn is de archeologische waarde van een eventuele vindplaats beperkt. Voor het grootste deel van het terrein (uitbreiding sportpark) adviseren we om deze reden geen vervolgonderzoek uit te voeren. Op het terrein ten oosten van het historisch erf is een dekzandopduiking aanwezig en zijn sporadisch B-horizonten aangetroffen. Vermoedelijk is in de overige boringen slechts een gering deel van het dekzand verdwenen, hoewel hier geen B- of BC-horizonten zijn gezien. Hier kunnen zowel diepe als ondiepe grondsporen nog bewaard zijn gebleven en tevens kunnen mobiele vondsten nog aanwezig zijn. Voor dit deel van het plangebied adviseren we daarom een proefsleuvenonderzoek uit te voeren. Hiertoe dient een door het bevoegd gezag goed te keuren Programma van Eisen te worden opgesteld.<br>Dit advies is overgenomen door de bevoegde overheid, de gemeente Barneveld. De gemeente wordt hierin vertegenwoordigd door haar deskundige, mevrouw drs. P. Kloosterman.<br>Mochten tijdens de werkzaamheden onverhoopt toch archeologische resten worden aangetroffen, of resten waarvan redelijkerwijze kan worden vermoed dat het om archeologische resten gaat, dan geldt op grond van de Erfgoedwet (art. 5.4) een meldingsplicht. Dit kan bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE, www.cultureelerfgoed).</p>
提供机构:
Laagland Archeologie VOF
创建时间:
2020-01-01
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务