five

Plangebied Boekweit-oord/Herenweg, gemeente Houten. Archeologisch vooronderzoek: een inventariserend veldonderzoek (proefsleuven)

收藏
DANS Data Station Archaeology2007-04-03 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-X47-44E6
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>In opdracht van Nederkerk VOF heeft RAAP Archeologisch Adviesbureau begin april 2007 een inventariserend veldonderzoek in de vorm van proefsleuven uitgevoerd in verband met voorgenomen nieuwbouw in de gemeente Houten. Het betreft het vervolg op een eerdere fase van het inventariserend onderzoek dat bestond uit een karterend booronderzoek. Tijdens dit veldonderzoek werden 11 boringen verricht in een grid van 17 bij 20 m in 3 west-oost georiënteerde raaien. In overeenstemming met wat verwacht werd op basis van het bureauonderzoek is in het plangebied tijdens het veldonderzoek een archeologische vindplaats aangetroffen. Het aangetroffen vondstmateriaal (aardewerk, bot en houtskool) deed vermoeden dat het een nederzettingsterrein uit de Late IJzertijd/Romeinse tijd betreft met een omvang van minimaal 03 ha. Op grond van de resultaten van het karterend booronderzoek werd aanbevolen de kwaliteit (gaafheid en conservering), aard, datering, omvang en diepteligging nader vast te stellen door middel van proefsleuven. In totaal zijn tijdens onderhavig onderzoek 3 proefsleuven aangelegd. De bodemopbouw in het plangebied bestaat uit een bouwvoor met hieronder een pakket grijsbruine, sterk zandige klei met ijzer en puin. Deze laag is geïnterpreteerd als de tijdens het booronderzoek waargenomen cultuurlaag. Het betreft een menglaag waarin de oeverafzettingen (door bijv. ploegen) vermengd zijn met de bouwvoor. Aangezien in deze laag ook recent materiaal (zoals plastic en glas) is aangetroffen lijkt deze laag niet specifiek verband te houden met de tijdens het booronderzoek aangetroffen archeologische vondsten. De cultuurlaag ligt op een pakket zwak siltig zand, geïnterpreteerd als beddingafzettingen. Tijdens het onderzoek zijn geen oeverafzettingen waargenomen. Deze lijken ter hoogte van de sleuven geheel opgenomen te zijn in de cultuurlaag. Dit doet vermoeden dat de bodem met name in het westen van het plangebied niet meer intact is. Tijdens het onderzoek is in de sleuven één lineair, donkerbruingrijs spoor waar- genomen. Het spoor is in beide sleuven alleen aan de westkant begrensd. De insnijding aan de oostzijde ligt buiten het plangebied. Dit betekent dat het spoor zeker een breedte heeft van circa 15 m. Het spoor is geïnterpreteerd als een depressie of restgeul die door de oostelijke helft van de putten 1 en 2 loopt. De vulling bestaat uit verschillende lagen met veel aardewerk, bot, houtskool en fosfaat. Het aardewerk is overwegend fragmentarisch en vaak secundair verbrand; het dateert uit de Midden en Late IJzertijd. De kenmerken van het vondstmateriaal wijzen op afgedankt nederzettingsmateriaal. De in het oosten van het plangebied waargenomen depressie of restgeul moet dan geïnterpreteerd worden als een afvaldump van een nabij gelegen vindplaats. Aangezien aan de westkant van de geul geen vondsten en/of sporen zijn aangetroffen, is het waarschijnlijk dat de nederzetting ten oosten van de geul lag. Op deze plaats bevindt zich momenteel een enkele jaren geleden gebouwd, appartementencomplex. Een eventuele vindplaats zal bij de bouw hiervan, waarschijnlijk ernstig verstoord zijn., Conclusie, Het onderzoek heeft geen aanwijzingen opgeleverd voor de aanwezigheid van, waardevolle archeologische resten in het onderzoeksgebied. In het plangebied is, een als afvaldump gebruikte restgeul aangetroffen; de bijbehorende nederzetting, ligt buiten het plangebied en is waarschijnlijk ernstig verstoord. Op basis van het, bovenstaande dient geconcludeerd te worden dat er geen sprake is van een, behoudenswaardige vindplaats. Het behouden in situ of ex situ van deze restgeul, wordt niet zinvol geacht. Derhalve wordt geen vervolgonderzoek aanbevolen.</p>
提供机构:
RAAP Archeologisch Adviesbureau
创建时间:
2007-04-04
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务