Muiden. plangebied Natuurhaven Muiden. Archeologisch bureauonderzoek.
收藏DANS Data Station Archaeology2015-05-19 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZSE-TN7E
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In opdracht van Architectenbureau Dinant heeft het onderzoeks- en adviesbureau BAAC bv een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd voor het plangebied Natuurhaven Muiden te Muiden.</p><p>Uit het bureauonderzoek blijkt dat het plangebied deel uitmaakt van een gebied waar de pleistocene ondergrond in noordelijke richting afhelt van circa 6,7 m – NAP langs de zuidgrens tot 10 m –NAP in het noordelijke deel van het plangebied. Hierop is vanaf omstreeks 7000 jaar geleden (d.w.z. vanaf het laatmesolithicum) een circa 2 m dikke laag (Basis)veen gevormd (vanaf 4,9 à 8,1 m –NAP). Omstreeks 5500 jaar geleden is het veengebied verdronken en is het gebied afgedekt geraakt met mariene kleien en zanden. Vanaf omstreeks 4000 jaar geleden is het plangebied weer bedekt geraakt met veen (Hollandveen). Vanaf 2300 jaar geleden is langs de oostgrens en/of in het oostelijke deel van het plangebied de Vecht ontstaan met in het noordelijke deel van het plangebied het Flevomeer. Hierbij is een groot deel van het Hollandveen en de mariene afzettingen weggeërodeerd. Hoewel het niet geheel uit te sluiten is, waren de veenmoerassen en de wadden niet geschikt voor bewoning. De oeverwallen van de Vecht vormden wel aantrekkelijke vestigingslocaties. In de omgeving van het plangebied zijn archeologische waarden bekend uit de late middeleeuwen en nieuwe tijd.</p><p>Vanaf de dertiende eeuw is langs de zuidgrens van het plangebied een zeedijk aangelegd, waardoor ook de lagere gelegen gebieden ontgonnen konden worden. Desondanks vonden er nog geregeld dijkdoorbraken plaats, waardoor er niet of nauwelijks sprake was van bewoning in de lager gelegen gebieden en er tot in de twintigste eeuw erosie en sedimentatie vanuit de Zuiderzee plaatsvond.</p><p>Op basis van het bureauonderzoek is aan het plangebied een middelhoge verwachting toegekend voor vuursteenvindplaatsen uit het laat-paleolithicum tot het mesolithicum en een lage verwachting voor archeologische waarden uit het neolithicum tot en met de ijzertijd. Voor het grootste deel van het plangebied geldt een hoge verwachting voor aan natte context gerelateerde archeologische waarden (scheepswrakken, fuiken, vliegtuigwrakken uit de Tweede Wereldoorlog, resten van een galgenveld en een baken, e.d.). Voor het uiterste zuidoostelijke deel geldt een hoge verwachting voor archeologische waarden (nederzettingsresten e.d.) uit de Romeinse tijd tot en met de late middeleeuwen A. Voor de dijk langs de zuidgrens van het plangebied geldt een hoge verwachting voor archeologische waarden (aan dijk gerelateerde archeologische waarden, zoals beschoeiingen, ophogingslagen e.d.) uit de late middeleeuwen B en nieuwe tijd.</p><p>Volgens de huidige plannen zal circa 7,56 ha van het plangebied gemiddeld 1 m worden afgegraven tot 3 m –NAP. In het overige gebied zal voornamelijk ophoging plaatsvinden tot 0,4 m –NAP (2,24 ha) of tot 0,4 m +NAP (1,47 ha). Tevens zullen ingrepen plaatsvinden, zoals de aanleg van waterkeringen, wegen e.d. (zie bijlage 1). De meeste ingrepen zullen plaatsvinden in het IJmeer, waar de bovenste 1 à 1,5 m van de (water)bodem vermoedelijk bestaat uit afzettingen van het Almere of de Zuiderzee. Door zowel ophoging (samendrukking en vervorming van archeologische lagen en resten) als afgraving kunnen de aanwezige archeologische waarden (natte context) verstoord raken. Derhalve wordt voor dit gebied een vervolgonderzoek in de vorm van een inventariserend veldonderzoek opwaterfase geadviseerd. Met een dergelijk onderzoek kunnen uitsluitend de archeologische waarden op en aan het oppervlakte van de waterbodem worden geïnventariseerd. Derhalve wordt geadviseerd om de afgraving archeologisch te begeleiden.</p><p>Een deel van de geplande ingrepen zal plaatsvinden op de landbodems met een hoge verwachting voor archeologische waarden uit de Romeinse tijd tot en met de late middeleeuwen A en/of de late middeleeuwen B tot en met de nieuwe tijd. Aangezien dit gebied deel uitmaakt van een waterkering wordt geadviseerd bij bodemverstoringen dieper dan 30 cm –mv de graafwerkzaamheden archeologisch te begeleiden.</p><p>De geplande ingrepen hebben voor zover bekend geen gevolgen voor de archeologische waarden in de diepere ondergrond die pas vanaf 6,7 m –NAP verwacht worden. Dit betekent dat voor deze waarden geen aanvullend onderzoek noodzakelijk is.</p>
提供机构:
BAAC bv
创建时间:
2015-05-01



