Eindrapportage archeologisch vooronderzoek (10688.002) Albert Schweitzerstraat 5 te Lichtenvoorde
收藏DANS Data Station Archaeology2021-06-17 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XBX-M5Q8
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Gespecificeerde archeologische verwachting<br>Op basis van het archeologisch bureauonderzoek heeft het plangebied een middelhoge verwachting op het voorkomen van archeologische resten uit de perioden Laat-Paleolithicum t/m de Middeleeuwen. Het plangebied ligt namelijk in een gebied van dekzandwelvingen, aan de voet van het Oost-Nederlands Plateau. In deze gebieden zijn van nature veldpodzolgronden tot ontwikkeling gekomen die in het gebied veelal worden aangetroffen op de lagere (delen van) dekzandruggen en welvingen. Wellicht dat deze landschappelijke ligging voldoende was om te fungeren als (tijdelijke) nederzettingslocatie voor Jager-Verzamelaars dan wel voor Landbouwers, echter de meeste voorkeur zal waarschijnlijk zijn uitgegaan naar de hoger gelegen dekzandruggen. Op basis van het geraadpleegde historisch kaartmateriaal heeft het plangebied buiten de oude akkercomplexen gelegen en behoort tot de jonge ontginningen. Een gebruik als akkerland heeft het plangebied niet gekend. Voor de periode Nieuwe tijd is de verwachting dan ook laag. Prospectieve onderzoeken die tot op heden binnen het onderzoeksgebied zijn uitgevoerd, hebben geresulteerd in vrijgave van de onderzochte terreinen, op basis van het aantreffen van een verstoorde bodemopbouw dan wel dat er geen in situ gelegen archeologische indicatoren zijn aangetroffen.</p><p>Resultaten inventariserend veldonderzoek<br>De resultaten van het inventariserend veldonderzoek (IVO, gecombineerd verkennende en karterende fase) laten zien dat binnen het gehele plangebied reeds vrij diepgaande bodemverstorende ingrepen zijn uitgevoerd. In de noordelijke helft van het plangebied is sprake van een opvulling met cunet-/bouwzand en in de zuidelijke helft geroerde/verstoorde en gevlekte lagen humeus zand, waarbij ook onderin een duidelijke vermenging met “geel” zand van de 1C-horizont zichtbaar is. Verstoringen reiken daarbij tot minimaal 85 en maximaal 120 cm -mv, met hieronder een scherpe overgang direct naar de 1C-horizont (ten dele verspoelde dekzandafzettingen). In de zuidelijke helft van het plangebied zijn binnen de boordiepte van 200 cm -mv nog net daluitspoelingswaaier-/sneeuwsmeltwaterafzettingen aangeboord, bestaande uit zwak grindig, matig fijn tot matig grof zand met een slechtere sortering en waarbij het zand scherper aanvoelt (2C-horizont). Het van nature gevormde bodemprofiel, meest waarschijnlijk een veldpodzolbodem, is in géén van de boringen aangetroffen. Er kan gesteld worden dat binnen het gehele plangebied reeds bodemverstorende ingrepen zijn uitgevoerd die reiken tot voorbij het archeologisch potentiële vondst-/sporenniveau.</p><p>Antropogeen materiaal is alleen aangetroffen in de geroerde humeuze bodemlagen (aanwezig in de zuidelijke helft van het plangebied) en bestaat uit alleen resten/spikkels recent beton- en baksteenpuin. Deze resten zijn vanuit archeologisch oogpunt niet relevant. Onder het verstoringsniveau zijn in géén van de boringen archeologische resten aangetroffen. </p><p>Conclusie<br>Geconcludeerd wordt dat er op basis van de resultaten van het booronderzoek er geen aanwijzing zijn om restanten van een archeologische vindplaats binnen het plangebied te verwachten. Er zijn dus geen gevolgen voor de voorgenomen bodemingrepen. De gespecificeerde archeologische verwachting op basis van het bureauonderzoek, waarbij een middelhoge verwachting gold voor de perioden Laat-Paleolithicum t/m Middeleeuwen en een lage verwachting voor de periode Nieuwe tijd, dient dan ook te worden bijgesteld naar geen verwachting.<br> <br>Advies<br>Op grond van de verstoorde bodemopbouw binnen het gehele plangebied en het verder ontbreken van aanwijzingen voor de aanwezigheid van archeologische waarden (geen archeologische resten aangetroffen in het zeefresidu), adviseert Econsultancy om, ten aanzien van de geplande bodemingrepen, in het kader van de Archeologische Monumentenzorg (AMZ), geen vervolgonderzoek te laten plaatsvinden.</p><p>Dit advies is voorgelegd aan het bevoegd gezag in kwestie, Burgemeester en Wethouders van de gemeente Doetinchem, en door middel van een selectiebesluit als zodanig bekrachtigd (beoordeling archeologisch rapport door mevrouw R. de Boer, d.d. 1 juni 2021). Met bovenstaand advies wordt ingestemd.</p><p>Er is geprobeerd een zo gefundeerd mogelijk advies te geven op grond van de gebruikte onderzoeksmethode. De aanwezigheid van archeologische sporen of resten in het plangebied kan nooit volledig worden uitgesloten. Mochten tijdens de graafwerkzaamheden toch archeologische waarden worden aangetroffen, dan dient hiervan melding te worden gemaakt conform artikel 5.10 van de Erfgoedwet uit juli 2016 bij het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed).</p>
提供机构:
Econsultancy
创建时间:
2021-06-01



