Bureauonderzoek Archeologie Beekherstelplan voor de Nijmolensebeek, Cannenburgherbeek en De Hegge te Vaassen Gemeente Epe
收藏DANS Data Station Archaeology2020-11-24 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZXZ-8FW7
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Conclusie Uit het bureauonderzoek blijkt dat het plangebied is gelegen in een lager gelegen gebied met beken die vanaf de hoger gelegen stuwwalglooiingen van de Veluwe naar het IJsseldal lopen. Er geldt een lage archeologische verwachting voor alle perioden met uitzondering van een middelhoge verwachting voor de Late Middeleeuwen-Nieuwe Tijd voor de in het zuidelijk gedeelte van het plangebied aanwezige enkeerdgronden. Er geldt een zeer lage verwachting voor de Tweede Wereldoorlog.</p><p>Selectieadvies De 12 maatregelen die het Waterschap in het plangebied uit wil voeren zorgen voor een nieuwe bodemverstoring van meer dan 0,30 m-mv en zullen potentiële waardevolle archeologische lagen onder de bouwvoor in de mogelijk aanwezige A-, B-horizont en in de top van het dekzand vanaf 0,30-0,45 m-mv, verstoren. Door de aanwezigheid van een dun eerddek is de kans groot dat de bodem reeds verstoord is door eerdere bodemingrepen, waarbij eventuele archeologische resten verloren zijn gegaan. Booronderzoek zal de daadwerkelijke bodemopbouw en mate van intactheid van de bodem moeten vaststellen. Wij stellen voor om in eerste instantie alleen controleboringen uit te voeren, waarbij om de 100 meter een verkennende boring wordt gezet. Op basis van de concrete bodemingrepen kan vervolgens per deelgebied bepaald worden of vervolgonderzoek noodzakelijk is. Voorafgaand aan het booronderzoek dient conform de BRL 4003 een Plan van Aanpak te worden opgesteld dat getoetst wordt door de Regioarcheoloog van de Stedendriehoek (dhr. H.G. Pape-Luijten).</p><p>Voorbehoud Het uitgevoerde onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden. Het archeologisch onderzoek is erop gericht om de kans op het aantreffen dan wel vernietigen van archeologische waarden bij bouwwerkzaamheden in het plangebied te verkleinen. </p><p>Verder geldt er voor toevalsvondsten conform artikel 5.10 en 5.11 van de Erfgoedwet een meldplicht. Degene die anders dan bij het doen van opgravingen een zaak vindt waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een monument is (in roerende of onroerende zin), meldt die zaak zo spoedig mogelijk bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Ook wordt geadviseerd om de verantwoordelijk ambtenaar namens de gemeente, de Regioarcheoloog van de Stedendriehoek (dhr. H.G. Pape-Luijten) hierover direct te informeren.</p>
提供机构:
Hamaland Advies
创建时间:
2020-11-25



