Plangebied Doggersvaart 27, gemeente Den Helder. Archeologisch vooronderzoek: een inventariserend veldonderzoek
收藏DANS Data Station Archaeology2007-07-18 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-2AZ-77CF
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In opdracht van Cauberg-Huygen raadgevende ingenieurs bv heeft RAAP Archeologisch Adviesbureau op 18 juli 2007 een inventariserend veldonderzoek uitgevoerd in verband met de voorgenomen nieuwbouw en herinrichting van plangebied Doggersvaart 27 in de gemeente Den Helder. De werkzaamheden zullen onder meer bestaan uit de sloop van enkele bestaande schuren, de nieuwbouw van enkele kleine gebouwen en de vernieuwing van de fundering van de bestaande stolpboerderij. Alleen bij de vernieuwing van de fundering van de stolpboerderij zal gebruik worden gemaakt van heilpalen. Het archeologisch onderzoek diende te worden uitgevoerd omdat realisatie van de plannen zou kunnen leiden tot aantasting of vernietiging van mogelijk aanwezige archeologische resten. Voor het plangebied was reeds een bureauonderzoek uitgevoerd (Hanemaaijer en Van Lil, 2007). Op basis van de bevindingen van het bureauonderzoek is een veldonderzoek uitgevoerd. Doel van het veldonderzoek was het toetsen van de gespecificeerde archeologische verwachting die tijdens het bureauonderzoek was opgesteld en, indien mogelijk, een eerste indruk geven van de kwaliteit (gaafheid en conservering), aard, datering, omvang en diepteligging van eventueel aangetroffen archeologische resten. Het veldonderzoek heeft alleen plaatsgevonden in het deel van het plangebied waar de bouwwerkzaamheden zijn gepland. Tijdens het karterend booronderzoek in het plangebied Doggersvaart 27 is in een zone ten noorden, oosten en zuiden rond de huidige boerderij een antropogeen pakket aangetroffen dat zou kunnen wijzen op de aanwezigheid van een terp of een dijk. Hoewel tijdens het onderzoek geen archeologische indicatoren zijn aangetroffen die inzicht kunnen geven in de ouderdom van de vindplaats kan, op basis van de geologische opbouw, een datering tussen 800 en 1500 na Chr. worden verondersteld. Hoewel onder de boerderij geen boringen zijn gezet, is de kans groot dat ook hier archeologische resten aanwezig zijn. Het veldonderzoek heeft uitgewezen dat in het oostelijke deel van het plangebied geen archeologische resten aanwezig zijn. Mogelijk is er sprake geweest van sterke erosie waardoor eventuele delen van de vindplaats zijn verdwenen. Ook is het aannemelijk dat de top van de dijk of terp door latere erosie is aangetast. Sporen van bewoning uit de Bronstijd tot de Middeleeuwen zijn niet aan- getroffen. De top van het dekzand kon niet worden aangeboord, dus er is geen inzicht verkregen in de aanwezigheid van vindplaatsen uit het Paleolithicum, Mesolithicum en Neolithicum. uitvoer van de geplande werkzaamheden in een zone rond de boerderij. De werkzaamheden ter plaatse van de boerderij zullen niet leiden tot verstoring van eventueel archeologische vindplaatsen dus vervolgonderzoek is voor deze zone niet noodzakelijk. Voor het westelijke deel van het plangebied gelden geen beperkingen ten aanzien van archeologie. Het (noord)oostelijke deel van het plangebied is niet onderzocht omdat hier geen grondwerkzaamheden waren gepland. Indien hier toch grondwerkzaam- heden dieper dan de bouwvoor plaatsvinden, is inventariserend veldonderzoek noodzakelijk. De gemeente Den Helder wordt geadviseerd om het deel van het plangebied waar aanwijzingen zijn aangetroffen voor de aanwezigheid van een archeologische vindplaats op te nemen op de archeologische beleidsadvieskaart van de gemeente. Met betrekking tot de bevindingen van onderhavig onderzoek dient contact te worden opgenomen met het bevoegd gezag (de gemeente Den Helder).</p>
提供机构:
RAAP Archeologisch Adviesbureau
创建时间:
2007-07-19



