Gemeente Zutphen en Lochem, Plangebied N346. Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek (verkennende fase).
收藏DANS Data Station Archaeology2016-07-13 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZX6-MERP
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In opdracht van de Provincie Gelderland heeft het onderzoeks- en adviesbureau BAAC bv een archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek met behulp van boringen (verkennende fase) uitgevoerd in het plangebied N346 te Zutphen en Lochem. Aanleiding voor het onderzoek is het plan ter plekke van twee kruispunten bodemverstorende werkzaamheden te verrichten. Voor deelgebied A geldt dat de werkzaamheden alleen in de noordwestelijke hoek zullen plaatsvinden. Het deelgebied A ligt buiten de bebouwde kom, ten westen van Lochem en ten oosten van Zutphen. Het deelgebied B ligt direct ten westen van de bebouwde kom van Lochem, tegen het Twentekanaal aan.<br>Deelgebied A:<br>In het deelgebied A komen volgens de bodemkaart veldpodzolgronden voor. Op de hoogtekaart is te zien dat het grootste deel van het plangebied vrij hoog gelegen is, alleen de zuidoostelijk en noordwestelijke hoek zijn relatief laag gelegen. Onduidelijk is of deze lagere ligging als flank van een dekzandrug geïnterpreteerd dient te worden of als laagte. Op historische kaarten is het plangebied onbebouwd. Wel lopen dezelfde wegen door het plangebied als tegenwoordig. Het gebied rondom de wegen was in gebruik als (naald) bos en heide. Op 500 m ten zuidwesten van deelgebied A is een ophoging uit de periode neolithicum – ijzertijd aangetroffen. Uit latere perioden zijn er in en in een straal van 500 m rondom deelgebied A vooralsnog geen vondsten aangetroffen.<br>Voor het deelgebied A wordt een verkennend booronderzoek aanbevolen om de intactheid van de bodem en de aan- of afwezigheid van een dekzandrug aan vast te stellen.<br>Tijdens het veldonderzoek bleek dat de bodem in het plangebied bestond uit een podzol. Deze podzolbodem is verstoord geraakt, waarschijnlijk door de aanleg van de weg. De scherpe overgang naar de C-horizont wijst ook op verstoring.<br>De C-horizont bestaat uit verspoeld dekzand. Dat betekent dat het gebied dat verstoord zal worden door de voorgenomen ontwikkeling niet op een verhoging in het dekzand ligt, maar in de lager gelegen vlakte. De verwachting op het aantreffen van archeologische resten uit alle perioden is daarom bij te stellen naar een lage verwachting. Vervolgonderzoek wordt daarom niet noodzakelijk geacht. <br>Oostelijk plangebied:<br>Het deelgebied B ligt in een zone van beekdalbodems met meanderruggen en geulen. Hierin hebben zich ter plekke van het plangebied beekeerdgronden gevormd, die tot de natste soort beekeerdgronden behoren door een dik zavelof kleidek dat in de bodem aanwezig is.<br>Op de hoogtekaart is te zien dat het maaiveld rondom het plangebied relatief laag gelegen is. De bodem in deelgebied B is echter sterk opgehoogd (circa 3 m t.o.v. het oorspronkelijke maaiveld), in verband met de ligging van het gebied in het tracé van de toegangsweg naar de brug over het Twentekanaal, die zich direct ten noorden van het plangebied bevindt.<br>In de directe omgeving van het deelgebied B zijn vrij veel waarnemingen gedaan. De vondsten dateren vanaf het neolithicum tot en met de middeleeuwen. De vondsten zijn op hoger gelegen locaties dan het maaiveld rondom het plangebied aangetroffen.<br>Gezien de lage ligging en zeer natte omstandigheden wordt aan het plangebied een lage verwachting toegekend voor alle perioden. Het plangebied zelf is sterk opgehoogd (circa 3 meter t.o.v. het oorspronkelijke maaiveld). De verstoringen door de geplande werkzaamheden zullen alleen ter plekke van de huidige leidingen en niet dieper dan 1 m –mv van het opgehoogd pakket gaan. Hierbij zal de oorspronkelijke bodem niet geraakt worden.<br>Vervolgonderzoek wordt daarom niet noodzakelijk geacht.</p>
提供机构:
BAAC bv
创建时间:
2016-02-16



