Zwolle, Westenholte dijkverlegging
收藏DANS Data Station Archaeology2008-12-31 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZJM-6E5B
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In opdracht van Waterschap Groot Salland heeft ADC ArcheoProjecten een bureauonderzoek en een inventariserend veldonderzoek uitgevoerd voor het plangebied dijkverlegging Westenholte (gemeente Zwolle). In het plangebied zal de bestaande dijk worden verlegd en een hank worden uitgegraven. Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van het project Ruimte voor de Rivier en was noodzakelijk om te bepalen of bij de voorgenomen activiteiten de kans bestaat dat archeologische resten in de ondergrond worden aangetast.Het bureauonderzoek bestaat uit zes onderdelen (KNA-specificaties LS01 t/m LS06). In de eerste vier onderdelen zijn de volgende werkzaamheden verricht: - afbakening plangebied en vaststellen van de consequenties van het mogelijk toekomstige gebruik - beschrijving van de huidige situatie - beschrijving van de historische situatie en mogelijke verstoringen - beschrijving van bekende archeologische waarden en aardwetenschappelijke gegevens Op grond van deze onderdelen is een gespecificeerde verwachting van het gebied opgesteld (specificatie LS05). Hierin is verwoord of, en zo ja, welke archeologische waarden worden verwacht.In het plangebied bevinden zich afzettingen van de IJssel aan de oppervlakte. De huidige situatie is ontstaan in de Late-Middeleeuwen met de bedijking van de IJssel. Gezien het feit dat het plangebied in deze periode deel uitmaakte van de uiterwaarden van de IJssel en hier geen (permanente) bewoning aanwezig was, is de kans op het voorkomen van archeologische waarden aan of direct onder het oppervlak klein.In de ondergrond bevindt zich mogelijk binnen de verstoringsdiepte (3 m -mv) een terras, afgedekt met dekzand. Met name de overgang tussen het hooggelegen dekzandgebied en het laaggelegen pleistocene terras van is een aantrekkelijke vestigingslocatie geweest vanaf het Laat-Paleolithicum tot in de IJzertijd. Indien de terrasrand zich binnen het plangebied bevindt is de kans op het voorkomen van archeologische resten hoog. De archeologische laag bestaat uit een vermenging van onder meer kleine fragmenten aardewerk, houtskool en bot met het oorspronkelijke substraat. De meeste typen archeologische resten (houtskool, aardwerk, metaal) zullen door de natte en zuurstofloze condities goed 1 zijn geconserveerd.Ze zijn bovendien afgedekt door jongere kleiafzettingen en buiten het bereik van moderne landbouwactiviteiten gebleven. Onverkoolde organische resten worden niet verwacht gezien het droge, zuurstofrijke, milieu waarin deze resten zijn achtergelaten.Op basis van deze gespecificeerde verwachting en het Plan van Aanpak werd in het plangebied een booronderzoek (specificatie VS03) uitgevoerd.De basis van het plangebied wordt gevormd door beekdalafzettingen van de voorloper van de huidige IJssel. Op de laagste delen van het plangebied vormt zich veen vanaf ca. 2000 cal BC. Vanaf 1400 cal BC vernat het laagste deel van het gebied, er is dan sprake van open water. De hogere delen binnen het plangebied raken pas rond 300 cal BC met veen bedekt. In de veenvorming bevindt zich een hiaat. Net voor het begin van de jaartelling wordt het gebied droger en kan op de lagere permanent natte delen veenvorming plaatsvinden. Elders wordt deze omslag iets vroeger gedateerd. In het dal mogen dan ook activiteiten van de mens tot in de Midden-IJzertijd worden verwacht. Hierbij moet niet worden gedachtaan nederzettingen en dergelijke maar aan exploitatie als weidegebied. Vanaf de 7e eeuw AD wordt de IJssel actief als waterafvoer van de Rijn. Voorafgaand aan de bedijking heeft de IJssel binnen het plangebied een (neven-)geul gevormd. Op een later moment, mogelijk na de bedijking, heeft zich binnenhet plangebied opnieuw een (neven-)geul gevormd, de Spoolderhank. Deze geul ismogelijk tot in de 17 eeuw actief is geweest waarna deze is verland en de IJssel haar huidige loop innam.Tijdens het veldonderzoek zijn geen indicatoren aangetroffen die wijzen op archeologische sporen in de bodem.ADC ArcheoProjecten adviseert om in het plangebied geen aanvullend archeologisch onderzoek uit te voeren. Wat betreft de archeologie is er geen belemmering om het terrein vrij te geven voor de voorgenomen ontwikkeling. Het is echter niet volledig uit te sluiten dat binnen het onderzochte gebied toch nog archeologische resten voorkomen. Het verdient daarom aanbeveling om de uitvoerder van het grondwerk te wijzen op de plicht archeologische vondsten te melden bij het bevoegde overheid, zoals aangegeven in de Monumentenwet. De opvulling van de Spoolderhank biedt mogelijkheden om inzicht te verkrijgen in de ontwikkeling vanhet IJssellandschap vanaf de 17e eeuw. Hoewel het strikt geen genomen geen archeologisch onderzoek betreft wordt het aan bevolen deze afzettingen nader te onderzoeken met behulp van bijvoorbeeld palynologisch en macroresten onderzoek.</p>
提供机构:
ADC ArcheoProjecten
创建时间:
2009-01-01



