five

Archeologisch bureauonderzoek & Inventariserend Veldonderzoek, verkennende fase Meester Postlaan 1, Maasland Gemeente Midden-Delfland

收藏
DataCite Commons2026-02-27 更新2026-04-25 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/VBLH4K
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>IDDS Archeologie heeft in september 2025 een archeologisch bureauonderzoek en een inventariserend veldonderzoek (IVO), verkennende fase, uitgevoerd aan de Meester Postlaan 1 in Maasland, gemeente Midden-Delfland. De aanleiding voor dit onderzoek is de geplande nieuwbouw op het perceel. De doel- en vraagstelling van het bureauonderzoek is het opstellen van een gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied. Met het inventariserend veldonderzoek wordt deze verwachting getoetst en zo nodig aangevuld. </p><p> Uit het bureauonderzoek blijkt dat het plangebied een complexe geologische opbouw heeft en daarmee ook een zeer gevarieerde archeologische verwachting. Gedurende het Neolithicum lag het plangebied in een Waddenzee-achtig landschap (Laagpakket van Wormer) dat niet bruikbaar was voor de mens. Daarna, gedurende de Bronstijd, ontstond het Oer-Gaag systeem, met kreken en kwelders (Laagcomplex van Delfland) en lag het plangebied waarschijnlijk tussen verschillende geulen in een kweldergebied. </p><p>Voor dit landschap geldt een lage tot middelhoge archeologische verwachting. Bewoning vond vooral plaats langs de geulen, en de kwelders werden mogelijk gebruikt als landbouwgronden. De afzettingen van Wormer en Oer-Gaag zijn in de Dinoboring niet onderscheiden, maar volgens die boringen ligt de top van beide pakketten samen op ongeveer 3,6 m -mv ofwel een niveau van -5,1 m NAP. Vanaf het einde van de Bronstijd begint de veenvorming en daarom ligt het plangebied waarschijnlijk tot het midden van de IJzertijd in een veenmoeras. Dit veenmoeras was nauwelijks bruikbaar voor de mens, dus dit veenpakket heeft een lage archeologische verwachting. Op basis van een archeologisch onderzoek uit de directe omgeving ligt de top van het veenpakket mogelijk op 3,0 m -mv ofwel circa -4,5 m NAP. Rond 225 voor Chr. ontstaat enkele kilometers ten westen van het plangebied het Gantel-systeem. Ook bij het plangebied overstroomt het veengebied en ontstaat weer een landschap van kreken en kwelders. Ook nu ligt het plangebied waarschijnlijk niet langs een geul maar in het kweldergebied. Vooral gedurende de Late IJzertijd en de Romeinse tijd wordt langs de geulen gewoond en worden de kweldergebieden gebruikt als landbouwgronden. Het plangebied heeft daarom een middelhoge archeologische verwachting voor resten uit de IJzertijd en de Romeinse tijd. Het is onbekend op welk niveau deze archeologische waarden mogen worden verwacht, maar tussen -4,5 en -1,5 m NAP. Archeologische resten zoals vondsten van aardewerk, verbrand bot, metaal en dergelijke, maar ook sporen zoals kuilen, (water)putten, sloten en greppels kunnen voorkomen. </p><p>Gedurende de Vroege Middeleeuwen vernat het landschap weer en is er opnieuw een periode met veenvorming. Het plangebied ligt waarschijnlijk wederom in een veenmoeras en heeft daarom een lage archeologische verwachting. Echter van deze veenlaag (Woudlaag) is in het Westland vrijwel niets overgebleven. In de Late Middeleeuwen is dit veenpakket wederom overstroomd en daarbij is een groot deel weggeslagen, daarnaast lag deze veenlaag na de ontginningen in de Late Middeleeuwen boven de grondwaterspiegel waardoor deze dunne laag op veel plaatsen is geoxideerd en verdwenen. Bij de overstromingen in de Late Middeleeuwen is nogmaals een kleipakket afgezet (Laag van Poeldijk) en dit kleipakket ligt aan het maaiveld, is ontgonnen in de Late Middeleeuwen en was tot in de 20e eeuw in gebruik als landbouwgrond (veelal als boomgaard). Zonder de Woudlaag is het zeer moeilijk de Laag van Poeldijk te onderscheiden van de Gantellaag, daarnaast is de Laag van Poeldijk vaak volledig opgenomen in de bouwvoor of de geroerde bovenlaag van de bodem. Voor de Laag van Poeldijk geldt een lage archeologische verwachting omdat het terrein alleen werd gebruik voor landbouw en omdat deze laag waarschijnlijk helemaal is omgewerkt. Uit de historische kaarten blijkt dat het plangebied gedurende de 18e en 19e eeuw vooral gebruikt is als boomgaard en dat hier mogelijk enkele gebouwen voorkwamen. Mogelijk zijn in het plangebied nog resten aanwezig van de funderingen van deze gebouwen. Uit het bovenstaande blijkt dat de belangrijkste archeologische verwachting voor het plangebied een middelhoge verwachting is voor archeologische waarden uit de IJzertijd en Romeinse tijd in de top van de Gantellaag. Het is echter onbekend op welke diepte dit niveau voorkomt en of dit niveau intact is.</p><p> Het veldonderzoek heeft uitgewezen dat de oudste afzettingen van het Laagpakket van Wormer / Laagcomplex van Poeldijk niet aanwezig zijn binnen de onderzochte diepte van 4,0 m -mv (-5,3 m NAP), waardoor deze verwachting niet kan worden getoetst. De diepste ondergrond bestaat uit rietveen waarin dunne kleilaagjes en een dikke kleilaag aanwezig zijn. In het veen zijn geen geoxideerde niveaus aanwezig die wijzen op een droog oppervlak. In boringen 2 en 4 is in de ondergrond slappe klei met zandlaagjes aanwezig, vermoedelijk een vulling van een restgeul van het krekensysteem dat hier aanwezig was sinds het ontstaan van de Gantel omstreeks 225 voor Chr. De restgeul is later overgroeid met een dun laagje veen. Het veen ligt door differentiële inklinking ter plaatse van de restgeul hoger dan in boringen 1 en 3, waar uitsluitend sprake is van een slappe ondergrond. De geul was vermoedelijk een smalle zijtak van een van de kreken, waardoor de hoge verwachting voor nederzettingen langs de kreken hier niet van toepassing is. De middelhoge verwachting kan worden bijgesteld naar een lage verwachting.</p><p> In de Late Middeleeuwen is het gebied overstroomd, waarbij een siltige kleilaag is afgezet, die het reliëf in het landschap egaliseerde. De top van dit pakket is omgewerkt en opgehoogd. Eventueel aanwezige archeologische resten zijn daarbij verstoord. De lage verwachting voor resten uit de Late Middelleeuwen en Nieuwe tijd blijft zodoende behouden.</p><p> Tijdens het onderzoek is geconstateerd dat het plangebied een lage verwachting heeft voor alle perioden. IDDS Archeologie adviseert om het plangebied, voor wat betreft het aspect archeologie, vrij te geven voor de voorgenomen civieltechnische werkzaamheden.</p>
提供机构:
DANS Data Station Archaeology
创建时间:
2026-02-26
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务