Dominee Ulferslaan 25-29, Tienhoven, gemeente Stichtse Vecht: een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen in de verkennende fase
收藏DANS Data Station Archaeology2021-01-21 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-X99-DCRA
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Bureau voor Archeologie heeft een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen uitgevoerd voor een bouwplan aan de Dominee Ulferslaan 25-29 te Tienhoven. In het plangebied wordt een dorpshuis gesloopt en op die plek komen zeven woningen. De vraagstelling van het onderzoek luidt: hoe kan rekening gehouden worden met eventuele archeologische waarden bij de voorgenomen ontwikkeling? Het onderzoek is uitgevoerd in overeenstemming met de richtlijnen van de KNA, protocollen 4002 en 4003. Voor het onderzoek zijn kaarten, databases en literatuur geraadpleegd om te komen tot een gespecificeerde archeologische verwachting van het gebied. Het plangebied ligt in het archeologisch landschap 'Hollands-Utrechts veengebied'. De ondergrond van het plangebied bestaat uit dekzand afgedekt door veen (Formatie van Nieuwkoop). Het veen gebied ter hoogte van het plangebied is in de Late Middeleeuwen ontgonnen. Direct ten oosten van het plangebied ligt de achterkade van het tweede ontginningsblok waarlangs Tienhoven is ontstaan. Door turfwinning is in de 17e en 18e eeuw een waterplas ontstaan die in de 1880 is drooggemalen. Tot 1980 is het plangebied in gebruik als weiland en bouwland. Daarna worden in het plangebied een dorpshuis en een school gebouwd. In het plangebied zijn vijf boringen gezet tot maximaal 410 cm-mv. Deze bevestigen dat de natuurlijke ondergrond bestaat uit dekzand. De top van het dekzand ligt tussen 180 en 320 cm -mv (-326 en -280 cm NAP). De top van het dekzand is (deels) intact in het noordelijke deel van het plangebied. In de top van het dekzand kunnen in dat deel van het plangebied resten uit het Laat Paleolithicum tot en met Neolithicum aanwezig zijn. Het betreft resten uit de periode van jagers, verzamelaars en eerste boeren gerelateerd aan bewoning, economie, infrastructuur, rituelen en begravingen. Bureau voor Archeologie adviseert met archeologische resten rekening te houden door de diepte van de graafwerkzaamheden te beperken tot 30 cm boven het dekzand (niet dieper graven dan -250 cm NAP), door het aantal en grootte van de funderingspalen te beperken (maximaal 2% van het bebouwde oppervlak) en door gebruik te maken van grondvervangende palen. Als niet op deze wijze rekening kan worden gehouden met archeologische resten, dan wordt aanbevolen om een karterend onderzoek uit te voeren in de zone met een potentieel archeologisch niveau. Het doel van een dergelijk onderzoek is het vaststellen van de aan- of afwezigheid van archeologische vindplaatsen die zich manifesteren als een strooiing van vuursteen.</p>
创建时间:
2021-01-22



