Rotterdam Gravenbuurt. Een bureauonderzoek en een verkennend inventariserend veldonderzoek door middel van grondboringen.
收藏DANS Data Station Archaeology2021-08-23 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-25D-QRYQ
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In opdracht van Stadsontwikkeling van de gemeente Rotterdam heeft het team Onderzoek en Rapportage van Archeologie Rotterdam op 8 en 9 december 2020 een verkennend inventariserend veldonderzoek uitgevoerd in het plangebied Gravenbuurt te Rotterdam, in de gelijknamige gemeente. In totaal zijn verspreid over het plangebied zeventien handmatige boringen gezet, tot een maximale diepte van 6,01 m - NAP (3,77 m - mv). Voorafgaand aan het veldonderzoek is voor het gebied een bureauonderzoek gedaan. De onderzoeken zijn verricht omdat in het plangebied drain- en rioolbuizen vervangen worden en nieuwe worden aangelegd. Hierbij zullen grondroerende werkzaamheden worden uitgevoerd. Indien archeologische waarden aanwezig zijn, kunnen deze bij de werkzaamheden worden aangetast of vernietigd.</p><p>Uit het bureauonderzoek, waarbij onder meer is gekeken naar de bodemopbouw ter plaatse, de bekende archeologische waarden in de omgeving van het plangebied en de historische situatie, komt naar voren dat alleen voor de zone direct grenzend aan de Kleiweg een redelijk hoge tot hoge archeologische verwachting geldt voor vindplaatsen uit de (Late) Middeleeuwen. Dit hangt samen met de mogelijke aanwezigheid van een laatmiddeleeuwse dijk, met eventueel daaraan gerelateerde bewoningssporen, in dit deel van het plangebied. Gelet op de ontwikkeling van het gebied in de Nieuwe tijd, geldt voor de zone parallel aan de Kleiweg en de Straatweg ook een redelijk hoge tot hoge archeologische verwachting voor vindplaatsen uit deze jongere periode. Voor het overige deel van het plangebied en voor vindplaatsen uit oudere perioden geldt in principe een lage archeologische verwachting. Voor vindplaatsen uit het Mesolithicum en het Neolithicum geldt een onbekende archeologische verwachting, omdat er geen of slechts in zeer beperkte mate informatie beschikbaar is over de dieper gelegen relevante bodemtrajecten.<br>Het verkennend inventariserend veldonderzoek heeft echter weinig inzicht gegeven in de geologische opbouw en de intactheid van de bodem om de gespecificeerde archeologische verwachting uit het bureauonderzoek te toetsen en aan te vullen, en daarmee de archeologische potentie van het plangebied vast te kunnen stellen. Door de aanwezigheid van dikke pakketten opgebracht bouwzand was het boren fysiek erg zwaar. Ook konden boringen niet tot de gewenste diepte worden doorgezet, door het voorkomen van ondoordringbare lagen of massieve obstakels in de ondergrond. In vijf boringen kon wel door het bouwzand heen geboord worden, maar waren de waarnemingen vaak slecht door de aanwezigheid van het grove zand. In slechts vier boringen is daadwerkelijk de natuurlijke ondergrond bereikt. In boringen 18, 33, 38 en 40 is op een gemiddelde diepte van 4,88 m - NAP (2,96 m - mv) veen van de Formatie van Nieuwkoop, Hollandveen Laagpakket aangeboord. Direct op het veen is in boringen 33, 38 en 40, op gemiddeld 4,25 m - NAP (2,46 m - mv), een kleipakket van gemiddeld 30 cm dik aangetroffen. De klei kan vermoedelijk geïnterpreteerd worden als overstromingsafzettingen behorend tot de Formatie van Naaldwijk, Laagpakket van Walcheren of tot de Formatie van Echteld. Daar waar de natuurlijke bodemlagen zijn waargenomen, bleek de top (deels) te zijn aangetast en zijn geen aanwijzingen aangetroffen voor de aanwezigheid van archeologische vindplaatsen. Of dit voor het gehele plangebied geldt is echter niet zeker. Ook over de dikte van het opgebrachte pakket bestaat onduidelijkheid. Het vermoeden bestaat dat deze nogal varieert. In boring 1 bleek het pakket namelijk meer dan 380 cm dik te zijn; de onderkant is niet bereikt. Concluderend kan dan ook gesteld worden, dat niet uitgesloten kan worden dat bij de voorgenomen grondroerende werkzaamheden tot maximaal 3,0 m - mv archeologische resten verstoord zullen worden.</p><p>Op grond van het bureauonderzoek en het verkennend inventariserend veldonderzoek luidt het (selectie)advies voor het plangebied Gravenbuurt te Rotterdam om het verkennend inventariserend veldonderzoek door middel van grondboringen niet voort te zetten, maar de geplande werkzaamheden (gedeeltelijk) archeologisch te begeleiden. Om te kunnen bepalen of en waar begeleiding van de grondroerende activiteiten zinvol kan zijn, is inzicht in de definitieve plannen (locatie en diepte van de bodemingrepen) van belang.</p>
提供机构:
Archeologie Rotterdam
创建时间:
2021-03-03



