Archeologisch bureau- en inventariserend veldonderzoek (inclusief aanvullend booronderzoek) Korn 26 te Dussen
收藏Mendeley Data2024-01-31 更新2024-06-27 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/dans-xsp-5hkb
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
Dit archeologisch bureau- en booronderzoek is opgesteld door Buro de Brug ACR bv in opdracht van Van Kerkhoff Maatwerk. In het plangebied wordt een eenlaags gebouw achter een monumentale boerderij gerealiseerd, die in het kader van een herbestemming wordt ingericht als woonzorgvoorziening. De nieuwbouw wordt ca. 70 m2 groot. De wijze van fundering is nog niet uitgewerkt. Een mogelijkheid is dat de nieuwbouw op een niveau komt te liggen met de laagste vloer van het bestaande gebouw, waardoor er ophoging plaats moet vinden. Voor het aanleggen van een toegangsweg en een verharding voor een parkeerplaats, zal de bodem niet dieper geroerd worden dan 30 cm. Ditzelfde geldt voor het bouwen van een berging, waarvan de exacte locatie nog onbekend is, maar die mogelijk ten zuiden van de nieuwbouw in de tuin zal worden geplaatst. Verder zullen alle populieren achter de oude boerderij gekapt worden en de stobben worden verwijderd, die 25-50 jaar geleden zijn geplant ten behoeve van de klompenmakerij. Conform het gemeentelijk archeologiebeleid dient op deze locatie onderzoek plaats te vinden bij ingrepen groter dan 50 m2 en dieper dan 30 cm. Op de gemeentelijke verwachtingskaart ligt de locatie binnen de historische kern van Korn, waarbij conform de gemeentelijke verwachtingskaart sprake is van een hoge archeologische verwachting. Er is een grote kans op het aantreffen van resten uit de late Middeleeuwen - Nieuwe tijd, vanwege de aanwezigheid van een oude boerderij langs de Korn, binnen het plangebied. Deze boerderij stamt uit 1767. Mogelijk stond er voor deze periode ook al bebouwing langs (of iets verder van) de dijk, maar dat is aan de hand van historisch kaartmateriaal niet vast te stellen. Wel is de bodem mogelijk al verstoord op de locatie waar de populieren staan, die 25-50 jaar geleden ten behoeve van de klompenmakerij zijn geplant. Waarschijnlijk hebben er voor die tijd ook al bodem gestaan voor het vervaardigen van klompen. Om de verwachting in het veld te toetsen, is op de locatie van de nieuwbouw een inventariserend veldonderzoek in de vorm van een booronderzoek uitgevoerd. Tevens is een aanvullend booronderzoek uitgevoerd op de locatie van de toegangsweg, de parkeerplaats en de berging. De hoge verwachting voor resten uit de Late Middeleeuwen – Nieuwe tijd, zoals in het bureauonderzoek geformuleerd, lijkt deels te worden bevestigd door het booronderzoek. Er zijn geen aanwijzingen aangetroffen voor oudere resten op de Hill-stroomgordel. De bodem blijkt in veel boringen echter sterk verstoord. In boring 1t/m 3 is dat tot 0,9 – 1,1 m –mv, in boring 4 tot 0,8 m en in boring 5 tot 0,6 m –mv; dopjes en glasresten aangetroffen in de boringen wijzen op recent gebruik van het achterterrein. In boring 1 en 3 bevindt zich een houtskoolrijke laag op 1,4 m – mv, waarin ook enkele baksteenspikkels zijn waargenomen. Deze laag is afgedekt door schone grond. Het houtskoolrijke pakket op 1,4 m –mv wijst mogelijk op het historisch gebruik van het terrein, maar er is geen sprake van een fundering van een voorganger van de huidige historische boerderij of ander bouwwerk. Daarboven bevindt zich een puinrijke laag van 30 – 80 cm dikte. Deze laag is het dikst op het achterterrein van de boerderij. Door het gebruik door de jaren heen van dit achterterrein is de bodem hier sterk verstoord. Hieronder bevindt zich nog een circa 30 cm dik pakket van een beigegrijze sterk siltige klei met enkele baksteenfragmenten. Dit betreft eveneens een verstoorde laag. Vermoedelijk heeft het gehele verstoorde, puinrijke pakket, inclusief de houtskoolrijke laag, betrekking op het gebruik van het achterterrein van de boerderij door de tijd heen. Het aanvullend booronderzoek heeft uitgewezen dat de bodem ten noorden van de boerderij ter hoogte van de geplande toegangsweg door de huidige puinverhardingslaag verstoord is. Ook onder de puinverharding bevindt zich een verstoorde laag tot een diepte van 1,4m –mv (boring 7). Hieronder bevinden zich de komafzettingen, die ook bij het eerdere booronderzoek zijn aangetroffen. Verder ten oosten en zuiden van de boerderij zijn de komafzettingen direct onder de bouwvoor aangetroffen. In de komafzettingen zijn geen vegetatiehorizonten of andere aanwijzingen voor mogelijke geschiktheid voor bewoning in het verleden te zien. De in het bureauonderzoek gestelde hoge archeologsiche verwachting, dient derhalve te worden bijgesteld naar laag. Op dit moment is onbekend tot op welke diepte de bodem verstoord zal worden door de geplande nieuwbouw. De funderingswijze is nog onbekend. Het behoort tot de mogelijkheden dat het plangebied wordt opgehoogd, zodat het vloerniveau van de nieuwbouw gelijk wordt aan de bestaande bebouwing. De bodemverstoring zal op die manier nog beperkter blijven dan wanneer direct op het maaiveld gebouwd zou worden. Voor het aanleggen van een toegangsweg en een verharding voor een parkeerplaats zal de bodem niet dieper geroerd worden dan 30 cm. Bovendien is de bodem door de reeds aanwezige puinverharding al verstoord op de locatie van de nieuwe toegangsweg. Op de locatie van de geplande parkeerplaats en de berging zijn onder de bouwvoor (minimaal 30 cm dik) alleen komafzettingen zonder aanwijzingen voor bewoning aangetroffen. Omdat de bodem op de locatie van de geplande nieuwbouw tot 0,6-1,1 m beneden maaiveld verstoord is, kunnen ingrepen die niet dieper reiken dan 60 cm zonder nader archeologisch onderzoek plaatsvinden. Aangezien de bodemverstoring bij de eenlaags nieuwbouw naar verwachting beperkt blijft, adviseert Buro de Brug om geen vervolgonderzoek te laten plaatsvinden op deze locatie. De toegangsweg wordt aangelegd op de locatie van een bestaande puinverharding, waaronder de bodem nog verstoord is tot 1,4 m -mv. Daaronder bevinden zich komafzettingen, zonder aanwijzingen voor geschiktheid voor bewoning. De hoge verwachting dient derhalve bijgesteld te worden naar laag. De ingreep zal de bodem niet dieper verstoren dan 30 cm. Buro de Brug adviseert om geen vervolgonderzoek te laten plaatsvinden. Ten oosten van de geplande nieuwbouw zullen populieren worden verwijderd en zal een parkeerplaats worden aangelegd. Onder de bouwvoor (minimaal 30 cm dik) zijn in deze zone geen aanwijzigen gevonden voor de aanwezigheid van archeologische resten. De hoge verwachting dient te worden bijgesteld naar laag. Ook voor deze locatie adviseert Buro de Brug om geen vervolgonderzoek te laten plaatsvinden. Ten zuiden van de geplande nieuwbouw wordt mogelijk een kleine berging geplaatst. De bodem zal daarbij niet dieper dan 30 cm (de diepte van de bouwvoor) worden verstoord. Onder de bouwvoor zijn komafzettingen aangetroffen, waarvoor een lage archeologische verwachting geldt. Buro de Brug adviseert om geen vervolgonderzoek te laten plaatsvinden op de locatie waar de berging wordt geplaatst. Dit betreft een selectieadvies. De gemeente dient altijd eerst een selectiebesluit te nemen voor de aanvang van eventuele werkzaamheden. Wanneer tijdens het uitvoeren van bodemingrepen in het plangebied onverhoopt toch archeologische sporen of vondsten worden aangetroffen, is men wettelijk verplicht hiervan direct melding te doen bij het bevoegd gezag, conform artikel 53 van de Monumentenwet 1988 en de Wet op de archeologische monumentenzorg.
创建时间:
2024-01-31



