five

Plangebied Churchillplein te Den Haag, gemeente Den Haag.

收藏
DataCite Commons2025-01-23 更新2025-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/BOR6GN
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
In opdracht van TSB Infra Solutions B.V. heeft RAAP in november 2024 een archeologisch vooronderzoek in de vorm van een bureauonderzoek uitgevoerd voor het plangebied Churchillplein te Den Haag in de gemeente Den Haag. Het onderzoek vond plaats in het kader van een omgevingsvergunning. Op grond van de onderzoeksresultaten en onder verwijzing naar de doelstellingen, kunnen de volgende uitspraken worden gedaan: • Vanaf 20 m diepte zijn de dekzandafzettingen uit de laatste ijstijd aanwezig met een niet goed te specificeren verwachting voor de aanwezigheid van resten van tijdelijke kampementen van jager-verzamelaars. Dit niveau wordt niet geraakt door de geplande ingrepen. • Vanaf maaiveld, dan wel onder een antropogeen ophoogpakket en plaatselijk onder afzettingen van Jonge Duinen, met name in het oosten van het plangebied, zijn resten te verwachten van bewoning uit de periode Bronstijd tot en met vroege middeleeuwen, in het oosten van het plangebied ook de late middeleeuwen. • Er worden geen resten van bewoning verwacht uit de nieuwe tijd, behalve aan de uiterst oostelijke rand van het plangebied, waar in 1900 op de topografische kaart een ‘koepel’ is aangegeven. • In deelgebied 2 en 4B zijn tijdens de Tweede Wereldoorlog veldversterkingen, loopgraven, een anti-tankmuur en een bunker aanwezig geweest. • In het gehele plangebied zijn kabels en leidingen aanwezig, waaronder dieper gelegen rioleringen en waterleidingen. Op basis van de resultaten van het onderzoek blijkt dat in het plangebied (mogelijk) archeologische resten bedreigd worden door de voorgenomen bodemingrepen. Om de gespecificeerde verwachting aan te vullen en te verfijnen wordt doorgaans een vervolgonderzoek geadviseerd in de vorm van een inventariserend veldonderzoek door middel van een verkennend booronderzoek. Een dergelijk vervolgonderzoek heeft tot doel de opbouw van de ondergrond, de bodemopbouw en/of bodemverstoringen gedetailleerd in kaart te brengen. Aan de hand daarvan kan de in dit bureauonderzoek opgestelde archeologische verwachting worden getoetst en kunnen concrete gegevens worden verzameld over gaafheid en diepteligging van de verwachte archeologische resten. In onderhavig geval is dit echter problematisch. De bodemgrond is verstoord en bestaat mogelijk ook uit opgebracht materiaal. In de boor is het verschil tussen een recente verstoring en een middeleeuwse verstoring, die in archeologische zin een spoor is, alleen bij uitzondering goed vast te stellen. Hiervoor is gravend onderzoek, waarbij de stratigrafie beter beoordeeld kan worden geschikter. Daarnaast liggen in het gehele plangebied kabels en leidingen, die een booronderzoek compliceren en bovendien sowieso door middel van proefsleuven moeten worden opgespoord. In dit geval is een gravend vooronderzoek dan ook een betere optie. Gravend onderzoek ten behoeve van de archeologie, voorafgaand aan de civiele graafwerkzaamheden betekent echter dat de straat of tweemaal open moet, met alle gevolgen van dien voor de omwonenden en het verkeer. Dit is niet wenselijk. Daarom wordt geadviseerd om de archeologische werkzaamheden tegelijk met de civiele werkzaamheden uit te voeren. Dit houdt echter in dat in de planning van de civiele werkzaamheden rekening gehouden moet worden met de werkzaamheden van de archeologen, die in één moeite door zowel de verkennende (zijn er nog archeologisch relevante bodemniveaus intact?), karterende (zitten er archeologische resten?) als waarderende fase (zijn ze de moeite waard?) van het vooronderzoek moeten uitvoeren, waarna – als blijkt dat de aangetroffen archeologische resten behoudenswaardig zijn – ook nog de fase van documenteren en veiligstellen (lees: opgraven) volgt. Dit houdt ook in dat in het door de overheid goedgekeurde Programma van Eisen volgens welke dit onderzoek moet worden uitgevoerd bindende afspraken opgenomen moeten worden over de wijze waarop en de tijdsspanne waarbinnen in overleg tussen uitvoerder, archeologen en de overheid besluiten genomen worden over de voortgang van het archeologische onderzoek. Dit programma van eisen wordt vooraf opgesteld en goedgekeurd door de opdrachtgever en de gemeente en volgt het protocol ‘opgraven, variant archeologische begeleiding’ uit de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie. Dit rapport geeft (selectie)adviezen. Het is aan de bevoegde overheid, de gemeente Den Haag, deze al dan niet over te nemen in de vorm van een (selectie)besluit.
提供机构:
DANS Data Station Archaeology
创建时间:
2025-01-23
5,000+
优质数据集
54 个
任务类型
进入经典数据集
二维码
社区交流群

面向社区/商业的数据集话题

二维码
科研交流群

面向高校/科研机构的开源数据集话题

数据驱动未来

携手共赢发展

商业合作