19020111 Rapportage Actualisatie BO IVO Beekbergen, Kuiltjesweg 1A definitief
收藏DANS Data Station Archaeology2020-07-20 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-X8X-5GE2
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In juli 2016 is een archeologisch vooronderzoek uitgevoerd op het terrein van zorginstelling de Marken, aan de Kuiltjesweg 1a in Beekbergen (Wullink, 2016). Aanleiding voor het onderzoek was de voorgenomen sloop van het gebouw aan de Markenhaven en de realisatie van een aantal nieuwe zorggebouwen. Dit onderzoek is destijds uitgevoerd conform KNA 4.0. Tauw b.v. heeft dit plan in 2019 enigszins gewijzigd, waardoor in mei 2019 een actualisatie van het destijds uitgevoerde onderzoek nodig is. Dit is gedaan om het onderzoek naar de maatstaven van de inmiddels vigerende KNA 4.1. te brengen. Het oorspronkelijke rapport is toegevoegd als bijlage aan het einde van dit onderzoek.</p><p>Volgens de gemeentelijke beleidskaart ligt het plangebied deels in een zone met een lage archeologische verwachting en deels in een zone met een middelhoge archeologische verwachting. Hiervoor geldt dat een archeologisch onderzoek verplicht is bij bodemingrepen met een oppervlakte groter dan 500 m2 en dieper dan 35 cm -Mv. Dit betekent dat gezien de omvang (nieuwbouw 2500 m2) van de voorgenomen bodemingrepen archeologisch vooronderzoek nodig is.</p><p>Het archeologisch vooronderzoek bestaat uit een gecombineerd onderzoek, te weten een archeologisch Bureauonderzoek (BO) en een Inventariserend Veldonderzoek (IVO), verkennende fase. Het doel van het archeologisch bureauonderzoek is het specificeren van de archeologische verwachting, dat wil zeggen het aan de hand van beschikbare en nieuwe informatie over de archeologie, cultuurhistorie, geomorfologie, bodemkunde en grondgebruik, bepalen van de kans dat binnen het plangebied archeologische resten kunnen voorkomen. </p><p>Het doel van het inventariserend veldonderzoek is het toetsen en waar mogelijk bijstellen van de gespecificeerde archeologische verwachting, door het verzamelen van informatie over de feitelijke bodemopbouw, bodemreliëf en bodemintactheid in het plangebied. Hiermee ontstaat inzicht in de landschapsvormende processen en landschappelijke eenheden uit het verleden. Op basis hiervan kan een oordeel worden gegeven over waar, wanneer en in hoeverre het gebied in het verleden geschikt was voor de mens. Het inventariserend veldonderzoek is uitgevoerd in de vorm van een booronderzoek (IVO-O). </p><p>Conclusie<br>Uit het bureau- en veldonderzoek blijkt dat het plangebied op een ten dele afgegraven stuwwal ligt. Alleen ten noordwesten van het plangebied is nog sprake van een (deels) intacte bodem. Op basis van de landschappelijke ligging (stuwwalhelling) en de mate van verstoring van het bodemprofiel, kan aan het hele plangebied een lage archeologische verwachting worden toegekend.</p>
提供机构:
Transect
创建时间:
2020-04-22



