Graven op de Gruttersdijk. Archeologisch onderzoek in de Bemuurde Weerd
收藏DANS Data Station Archaeology2013-12-30 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XV4-BQFZ
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Van 17 tot en met 26 maart 2009 heeft een definitief archeologisch onderzoek plaatsgevonden op de percelen Gruttersdijk 27, 28 en 29 te Utrecht (opgravingscode GRD1). Aanleiding voor het onderzoek was de geplande realisatie van 29 appartementen met ondergrondse parkeerfaciliteiten. De opgraving is uitgevoerd in opdracht van Ruimtelijke en Economische Ontwikkeling gemeente Utrecht en is uitgevoerd door Afdeling Erfgoed gemeente Utrecht. Het plangebied ligt binnen de grenzen van de Bemuurde Weerd: een middeleeuwse, ommuurde voorstad ten noorden van de Utrechtse binnenstad. Op de gemeentelijke archeologische waardenkaart ligt het plangebied binnen een zone met 'hoge archeologische waarde'. Bovendien liggen de drie percelen langs de Gruttersdijk binnen de grenzen van een AMK-terrein dat de gehele oude stadskern van Utrecht beslaat.</p><p>Het maaiveld op de onderzochte percelen lag rond 2,80 m+NAP, terwijl er vanaf een niveau van 1,69 m+NAP archeologische sporen werden gedocumenteerd. Er werden geen sporen en/of vondsten uit de IJzertijd, Romeinse tijd of vroege Middeleeuwen aangetroffen. De oudste sporen lijken uit de dertiende eeuw te stammen. Tevens werden twee bakstenen muren, twee beerputten, twee waterputten, zes paalkuilen en 75 kuilen gedocumenteerd. De kuilen kunnen op basis van hun vullingen in twee soorten worden verdeeld: een deel had een donkerbruin/grijze kleivulling met veel vondstmateriaal, de andere een lichtere kleur met een zandige kleivulling en aanzienlijk minder vondstmateriaal. De kuilen zijn moeilijk te dateren op basis van de vondsten in hun vulling, aangezien in veel kuilen niet alleen middeleeuws, maar ook post-middeleeuws aardewerk aanwezig was. Op het terrein zijn ongetwijfeld vele middeleeuwse sporen aanwezig geweest, die kennelijk tijdens het graven van de post-middeleeuwse kuilen zijn verspit. Van de twee waterputten bleek er één proto-steengoed te bevatten, op grond waarvan een dertiende-eeuwse datering aannemelijk is. De tweede waterput leverde scherven van een steengoed kan uit Siegburg op en moet dus op z’n vroegst uit de veertiende eeuw dateren. Van de twee beerputten bevatte er één scherven met een datering tot in de tweede helft van de negentiende eeuw, al tonen pijpenkopjes aan dat deze al in de eerste helft van de achttiende eeuw in gebruik was. Bovendien werd er in deze beerput een fragment van een zogenaamde rinkelbel aangetroffen. De tweede beerput kon niet gedateerd worden. </p><p>Binnen het aardewerkcomplex ligt de nadruk duidelijk op de Middeleeuwen: van de 979 scherven dateert ca. 90 % uit deze periode (kogelpot, grijsbakkend, roodbakkend, proto-steengoed en ongeglazuurd steengoed). De post-middeleeuwse scherven bestaan uit geglazuurd steengoed, majolica, faience en witbakkend aardewerk. De opgraving leverde geen aanwijzingen voor de aanwezigheid van pottenbakkers of andere ambachtelijke activiteiten op. </p><p>Het opgravingsgebied kan op basis van de sporen en de vondsten worden getypeerd als een achtererf, dat werd gebruikt om afval te begraven.</p>
创建时间:
2013-12-31



