Archeologisch bureauonderzoek Inventariserend Veldonderzoek, verkennende fase Maarten Kruytstraat, Abraham van Royenstraat e.o., Noordwijk Gemeente Noordwijk
收藏DataCite Commons2025-03-20 更新2025-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/SF4FE5
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
IDDS Archeologie heeft in januari 2025 een archeologisch bureauonderzoek en een inventariserend veldonderzoek (IVO), verkennende fase, uitgevoerd in de Maarten Kruytstraat, Abraham van Royenstraat en omgeving in Noordwijk, gemeente Noordwijk. De doel- en vraagstelling van het bureauonderzoek is het opstellen van een gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied. Met het inventariserend veldonderzoek wordt deze verwachting getoetst en zo nodig aangevuld. Uit het bureauonderzoek blijkt dat het plangebied is gelegen in het Hollands duingebied. De ondergrond bestaat uit Jonge duinafzettingen die waarschijnlijk een kwelderlandschap bedekken. Het kwelderlandschap ligt dusdanig diep dat het met de geplande werkzaamheden niet zal worden aangetroffen. De Jonge duinen, die zijn gevormd tussen de 10e en de 17e eeuw, worden verwacht vanaf het maaiveld tot een diepte van ongeveer 0 à 1 m NAP. Doordat het Jonge duinzand in fases is afgezet, kunnen er diverse humeuze niveaus in voorkomen die op enig moment in het verleden het maaiveld hebben gevormd. Op basis van het eerdere onderzoek in Noordwijk aan Zee zijn vier niveaus vastgesteld in het duinzand. Binnen de geplande verstoringsdiepte in het plangebied komen waarschijnlijk de bovenste drie niveaus voor: niveau 1 (4,0 tot 7,7 m NAP), niveau 2 (2,5 tot 4,4 m NAP) en niveau 3 (1,0 tot 2,8 m NAP). Deze niveaus hebben een verwachting voor de 15e /18e -20e eeuw (niveau 1) en de 14e-16e eeuw (niveau 2 en 3), gekoppeld aan de historische dorpskern van Noordwijk aan Zee. Het historisch kaartmateriaal laat zien dat de Hoofdstraat en de Abraham van Royenstraat onderdeel uitmaken van de historische wegenstructuur, en dat daartussen waarschijnlijk nog een straat lag waarlangs begin 17e eeuw enige bebouwing voorkwam. Of die bebouwing binnen het plangebied stond, kan op basis van de kaarten niet worden vastgesteld. Aan het begin van de 19e eeuw stond er alleen bebouwing langs de Hoofdstraat, waaronder de scheepsmakerij van Maarten Kruyt ter hoogte van de Maarten Kruytstraat. Deze heeft hier niet lang gestaan, van 1793 tot kort na 1840. Het plangebied heeft tot de maximale geplande verstoringsdiepte een hoge verwachting voor archeologische resten vanaf de 14e eeuw. In de Hoofdstraat en de Abraham van Royenstraat geldt voor het bovenste niveau een lagere verwachting omdat deze straten in het begin van de 17e eeuw al bestonden. Eventuele archeologische resten kunnen wel voorkomen onder de stoepen, aangezien de straten oorspronkelijk smaller kunnen zijn geweest dan tegenwoordig. In het plangebied worden met name resten verwacht van bebouwing en van ambachten, in de vorm van bijvoorbeeld funderingen, kelders, waterputten, aardewerk en bouwmateriaal. Het veldonderzoek bevestigt de specifieke archeologische verwachting uit het bureauonderzoek. In het plangebied is alleen Jong duinzand aanwezig, er zijn verschillende humeuze niveaus in het duinzand aanwezig en ook een oude bouwvoor. In en direct onder de oude bouwvoor mogen archeologische waarden worden verwacht uit de 17e tot begin 20e eeuw. Op basis van de resultaten van het inventariserend veldonderzoek adviseert IDDS Archeologie om vervolgonderzoek uit te laten voeren, indien de werkzaamheden dieper reiken dan de gemiddelde top van de oude bouwvoor, met een veiligheidsmarge van 30 cm. De hoogteligging van de oude bouwvoor varieert in het plangebied en daardoor is vervolgonderzoek in en direct naast de Abraham van Royenstraat noodzakelijk bij graafwerkzaamheden dieper dan 6,5 m NAP. In de rest van het plangebied is onderzoek noodzakelijk bij graafwerkzaamheden dieper dan 5,1 m NAP. Dit advies voor archeologisch vervolgonderzoek geldt alleen buiten de bestaande tracés en diepteligging van de rioleringen en geldt ook alleen voor ingrepen met een breedte van ten minste 1,0 m en over een (aaneengesloten) oppervlakte van ten minste 2,0 m2 omdat anders de herkenbaarheid van de archeologische resten te klein is. Ten aanzien van de huidige plannen voor het vervangen van de riolering, waarbij dieper gegraven zal worden dan de bestaande riolering en over een breedte van 4 m, wordt geadviseerd om de werkzaamheden archeologisch te begeleiden. De intensiteit en omvang van de begeleiding moet worden vastgelegd in een Programma van eisen zodra er gedetailleerde kaarten en plannen beschikbaar zijn.
提供机构:
DANS Data Station Archaeology
创建时间:
2025-03-20



