Bureauonderzoek en Verkennend Booronderzoek Archeologie Plangebied Provincialeweg Oost 64 te Haastrecht, Gemeente Vlist
收藏Mendeley Data2024-01-31 更新2024-06-27 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/dans-xhm-tvfe
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
Hamaland Advies heeft in opdracht van BJZ.nu te Almelo een archeologisch bureauonderzoek en verkennend archeologisch booronderzoek uitgevoerd voor de geplande nieuwbouw aan de Provincialeweg Oost 64 te Haastrecht, gemeente Vlist (zie bijlage 1). De aanleiding voor het onderzoek is de geplande sloop van bestaande opstallen en de nieuwbouw van woningen. Het plangebied heeft een omvang van circa 10.500 m2.Het terrein ligt in het nieuwe bestemmingsplan Landelijk Gebied 2014 en er is ter plaatse van de locatie de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 4' opgenomen. Onderzoek is noodzakelijk voor bodemingrepen vanaf 1.000 m2 en dieper dan 30 cm-mv. Voorafgaand aan de verlening van de vergunning in het kader van de Omgevingswet, dient een archeologisch onderzoek uitgevoerd te worden conform de Wet op de archeologische monumenten zorg (Wamz). Het door Hamaland Advies uitgevoerde onderzoek bestaat uit een KNA conform bureauonderzoek, waarbij een archeologisch verwachtingsmodel is opgesteld. Het verwachtingsmodel is getoetst met behulp van verkennende boringen.Conclusie Op grond van de bestudeerde bronnen en de waarnemingen in de omgeving, kan geconcludeerd worden dat het plangebied een hoge trefkans heeft op archeologische resten uit de periode Romeinse Tijd en van de Middeleeuwen tot en met de Nieuwe Tijd. In de periode ervoor was het gebied minder geschikt voor bewoning en is de kans op vindplaatsen en archeologische (strooi)vondsten geringer.Gemeentelijk beleid is om in geval van planvorming en voorafgaand aan vergunningverlening voor bodemingrepen vroegtijdig archeologisch onderzoek in de vorm van een inventariserend archeologisch veldonderzoek uit te voeren. Dit om de archeologische waarden van de gronden vast te stellen en in voldoende mate aan te geven op welke wijze de archeologische waarden worden bewaard en/of gedocumenteerd.Op grond van de agrarische activiteiten uit het verleden en de huidige bebouwing is de natuurlijke bodemopbouw mogelijk voor een deel verstoord tot op een diepte van minstens50cm-mv. Dit zal met het booronderzoek moeten worden bevestigd. De onderzoeksmethodiek is vervolgens met de regioarcheoloog (drs. C. Thanos) van de Omgevingsdienst Midden-Holland besproken.Doel van het booronderzoek is de toetsing van de intactheid van de bodemopbouw en bij een intacte bodemopbouw het vaststellen van de aan- of afwezigheid van archeologische vindplaatsen en zo ja, de aard, omvang en ouderdom.Indien uit de controleboringen blijkt dat er geen sprake (meer) is van een intacte bodemopbouw en er geen indicaties zijn voor de aanwezigheid van een archeologische vindplaats, dan adviseren wij om geen karterend booronderzoek uit te laten voeren.Resultaten booronderzoek Op 16 mei 2014 is het plangebied bezocht in het kader van het geplande veldwerk. Hierbij is geconstateerd dat nagenoeg het gehele terrein verhard is met asfalt en beton rondom bebouwing die grotendeels onderkeldert is. Met de heer Thanos (regioarcheoloog Omgevingsdienst Midden-Holland) is overeengekomen dat het onverharde noordoostelijke deel van het plangebied (2.000 m2) beboord zou worden en dat als referentie voor een intacte bodem een extra boring zou worden gezet op het aanpalende (voormalige camping)terrein van Provincialeweg Oost nummer 72. Tevens zijn foto’s van het gehele plangebied genomen, waaruit de huidige staat van het terrein afgeleid kan worden. In het totaal zijn vijf boringen gezet in het onverharde noordoostelijke deel van het plangebied, waarbij onder een recente puinrijke ophoging een betonnen vloer is aangetroffen. De bodemopbouw ter plaatse is tot minimaal 145 cm-mv verstoord, waarbij eventueel aanwezige vindplaatsen verloren zijn gegaan.Boring 6 is in de achtertuin van het naburige perceel (huisnummer 72) gezet, waarbij een intacte bodemopbouw is geconstateerd, waarbij jonge rivierkleiafzettingen aangetroffen zijn op oeverwalafzettingen. Er zijn echter geen aanwijzingen aangetroffen dat de top van de oeverwalafzettingen bewoond zijn geweest. Op grond van de onderzoeksinspanning, waarbij een niet meer intacte bodemopbouw is aangetroffen, zien wij geen reden om vervolgonderzoek in het plangebied uit te laten voeren. Wij adviseren om het plangebied vrij te geven voor ontwikkeling en op de beleidskaart aan te geven als ‘verstoord’.Voorbehoud Bovenstaand advies vormt een zogenaamd selectieadvies. Met nadruk wijst Hamaland Advies erop dat dit selectieadvies nog niet betekent dat reeds bodem verstorendeactiviteiten of daarop voorbereidende activiteiten kunnen worden ondernomen. De resultaten van dit onderzoek zullen namelijk eerst moeten worden beoordeeld door de bevoegde overheid (gemeente Vlist), die vervolgens een selectiebesluit neemt.Selectiebesluit De resultaten en aanbevelingen uit dit rapport zijn op 10 juni 2014 getoetst en onderschreven door het bevoegd gezag, gemeente Vlist en diens adviseur de regioarcheoloog van Omgevingsdienst Midden-Holland (drs. C. Thanos). Op basis van het gepresenteerde cartografisch materiaal blijkt dat binnen het zuidelijke deel van het plangebied diverse oude sloten gelopen moeten hebben. Dit wijst op een aanzienlijke (lokale) bodemverstoring. Daarnaast ligt het plangebied in de uiterwaarden van de Hollandse IJssel, waardoor de top van de bodem bestaat uit relatief jonge afzettingen. De kans op hetaantreffen van archeologische waarden in deze jonge afzettingen mag hierdoor laag worden geacht. Archeologisch vervolgonderzoek is niet nodig.Verder dient te allen tijde bij het afgeven van een omgevingsvergunning de wettelijke meldingsplicht (ex artikel 53 Monumentenwet 1988) kenbaar te worden gemaakt, om het documenteren van toevalsvondsten te garanderen: “Degene die anders dan bij het doen van opgravingen een zaak vindt waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een monument is (in roerende of onroerende zin), meldt die zaak zo spoedig mogelijk bij onze minister”. Deze aangifte dient te gebeuren bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed in Amersfoort. Het verdient aanbeveling ook de verantwoordelijk ambtenaar van de gemeente Vlist hiervan per direct in kennis te stellen.
创建时间:
2024-01-31



