Transect-rapport 2156: Archeologisch Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, IVO Verkennende Fase. Dieden, Langestraat (ong.), Gemeente Oss (NB)
收藏DANS Data Station Archaeology2019-06-27 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-254-38FP
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In april 2019 is een archeologisch vooronderzoek uitgevoerd in een plangebied aan de Langestraat (ong.) in Dieden (gemeente Oss). De aanleiding voor het onderzoek vormt de beoogde bestemmingsplanwijziging van ‘agrarisch’ naar ‘wonen’ ten behoeve van de realisatie van een woning in het plangebied. Volgens het vigerende bestemmingsplan ‘Buitengebied Oss - 2010’ geldt voor het plangebied een dubbelbestemming Waarde – Archeologie 2. Een archeologisch onderzoek is verplicht bij bodemingrepen met een oppervlakte groter dan 100 m2 en dieper dan 30 cm -Mv. In het kader van de bestemmingsplanwijziging dient een hernieuwde waardestelling van de archeologische verwachting in het plangebied plaats te vinden. Het archeologisch vooronderzoek bestaat uit een gecombineerd onderzoek, te weten een archeologisch Bureauonderzoek (BO) en een Inventariserend Veldonderzoek (IVO), verkennende fase. Het doel van het archeologisch bureauonderzoek is het specificeren van de archeologische verwachting, dat wil zeggen het aan de hand van beschikbare en nieuwe informatie over de archeologie, cultuurhistorie, geomorfologie, bodemkunde en grondgebruik, bepalen van de kans dat binnen het plangebied archeologische resten kunnen voorkomen. Hiervoor is onder andere het centraal Archeologisch Informatiesysteem (Archis) van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) geraadpleegd, waarin de Archeologische MonumentenKaart (AMK) is opgenomen. Aanvullende (cultuur)historische informatie is verkregen uit divers voorhanden historisch kaartmateriaal. Om inzicht te krijgen in de opbouw en ontwikkeling van het landschap zijn onder andere de bodemkaart en beschikbaar geologisch-geomorfologisch kaartmateriaal geraadpleegd. Het doel van het inventariserend veldonderzoek is het toetsen en waar mogelijk bijstellen van de gespecificeerde archeologische verwachting, door het verzamelen van informatie over de feitelijke bodemopbouw, bodemreliëf en bodemintactheid in het plangebied. Hiermee ontstaat inzicht in de landschapsvormende processen en landschappelijke eenheden uit het verleden. Op basis hiervan kan een oordeel worden gegeven over waar, wanneer en in hoeverre het gebied in het verleden geschikt was voor de mens. Het inventariserend veldonderzoek is uitgevoerd in de vorm van een booronderzoek (IVO-O). Op basis van het vooronderzoek bestond een hoge verwachting op het aantreffen van archeologische waarden uit de IJzertijd - Late Middeleeuwen. Deze verwachting is gebaseerd op het vermoedelijke voorkomen van oeverwalafzettingen van de Maas, aan te treffen vanaf maaiveld. Tijdens het veldonderzoek is vastgesteld dat deze oeverafzettingen inderdaad in het plangebied aanwezig zijn onder een pakket overslagafzettingen, op een diepte vanaf 150 á 200 cm -Mv (tussen 4,4 en 4,9 m +NAP). Binnen de oeverafzettingen zijn echter geen humeuze (cultuur)lagen of bodemniveaus aangetroffen. Hiermee kan de hoge verwachting voor de periode IJzertijd – Late Middeleeuwen naar beneden worden bijgesteld.</p>
提供机构:
Transect
创建时间:
2019-05-24



