five

RWZI-terrein Arnhem-Zuid, gemeente Arnhem

收藏
DANS Data Station Archaeology2023-01-16 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/BBXVFJ
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
In opdracht van Royal HaskoningDHV heeft RAAP in juni en juli 2022 een archeologisch vooronderzoek in de vorm van een bureauonderzoek uitgevoerd voor het RWZI-terrein Arnhem-Zuid in de gemeente Arnhem en een inventariserend veldonderzoek (verkennend booronderzoek) voor twee te ontwikkelen zones op het RWZI-terrein. In het plangebied zijn in twee deelgebieden diverse boven- en ondergrondse bouwwerkzaamheden gepland. In het noordelijk deelgebied is een debietmeterput gepland die onderheid zal worden. In het zuidelijkgelegen deelgebied wordt een slibverwerkingsgebouw (met een kelder van ten minste 300 cm -mv; uitgraven tot 6,6 m +NAP), een ISB en een GI SS buffertank gebouwd. Deze tanks worden niet onderkelderd, maar wel onderheid. Op basis van het bureauonderzoek geldt voor het gehele plangebied, onder de verstoorde ophogingslaag, een middelhoge tot hoge verwachting voor archeologische resten uit alle perioden. De dikte van de ophogingslaag varieert, maar wordt tot een diepte van circa 300 cm -mv (7,0 m +NAP) verwacht. Eventuele archeologische resten bevinden zich naar verwachting in de top van de laatpleistocene afzettingen, in oeverafzettingen van de Neder-Rijn en in eventueel in de komafzettingen aanwezige laklagen. In de twee deelgebieden zijn 4 verkennende boringen geplaatst tot een maximale diepte van 550 cm -mv (ca. 4,8 m +NAP). Het booronderzoek bevestigt grotendeels de archeologisch verwachting van het bureauonderzoek. Met de geplande bodemingrepen zullen eventueel aanwezige archeologische resten bedreigd kunnen worden. Hoewel er in de boringen sprake is van (al dan niet venige) komgronden, blijkt in 1 van de 4 boringen sprake van een duidelijke vegetatiehorizont met diverse houtskoolspikkels. In vegetatiehorizonten (laklagen) zijn eventuele sporen van menselijke activiteit aannemelijk. Hoewel een exacte datering niet voorhanden is, kunnen hier naar verwachting archeologische sporen uit het neolithicum, bronstijd en/of de ijzertijd en de Romeinse tijd worden aangetroffen.Specifiek voor de twee deelgebieden waar ingrepen van de huidige planontwikkeling gepland zijn, worden op basis van de resultaten van het verkennend booronderzoek de volgende aanbevelingen gedaan: ➢ In het zuidelijke deelgebied, het geplande slibverwerkingsgebouw (uitgraven tot 6,6 m +NAP), de ISB- en de GI SS-buffertank is een laklaag aangetroffen (top op 6,98 m +NAP) met direct eronder diverse archeologische indicatoren (te relateren aan de laklaag). Hier kunnen archeologische resten worden verwacht. Gezien de diepteligging is een datering in het neolithicum, bronstijd en/of de ijzertijd het meest waarschijnlijk, alhoewel een datering in de Romeinse tijd niet is uit te sluiten. Om deze verwachting te toetsen, wordt voor dit deelgebied een vervolgonderzoek geadviseerd in de vorm van een karterende (en waarderende) fase van een inventariserend veldonderzoek. ➢ Voor het noordelijke deelgebied, de geplande debietmeterput, is de ondergrond tot 375 cm -mv (6,28 m +NAP) verstoord. Deze verstoring reikt ook dieper dan de archeologisch relevante laklaag die in het zuidelijke deelgebied is aangetroffen, waaruit kan worden geconcludeerd dat het archeologisch relevante niveau verstoord is. Om deze reden, in combinatie met de geringe omvang van het deelgebied (ca. 70 m2), is voor dit noordelijke deelgebied geen vervolgonderzoek noodzakelijk. Tevens kunnen op grond van de resultaten van het bureauonderzoek de volgende algemene aanbevelingen worden gegeven voor het gehele plangebied RWZI-terrein: Op basis van het bureauonderzoek is aangetoond dat sprake is van (forse) recente ophogingen. Vervolgonderzoek is enkel noodzakelijk wanneer er ingrepen plaatvinden die dieper reiken dan de oorspronkelijke bouwvoor, ca. 8,6 m +NAP. Hierbij dient te worden opgemerkt dat door zetting van de kleilagen onder het recente ophogingspakket er een verlaging van het oorspronkelijke maaiveld heeft plaatsgevonden. Bij toekomstige ontwikkelingen die dieper reiken dan 8,6 m +NAP is het dan ook raadzaam om middels verkennende boringen de opbouw van de ondergrond en diepteligging van de diverse lagen in beeld te brengen. Op die manier kan worden bepaald of vervolgonderzoek noodzakelijk is.
提供机构:
RAAP Archeologisch Adviesbureau
创建时间:
2022-07-20
5,000+
优质数据集
54 个
任务类型
进入经典数据集
二维码
社区交流群

面向社区/商业的数据集话题

二维码
科研交流群

面向高校/科研机构的开源数据集话题

数据驱动未来

携手共赢发展

商业合作