Archeologisch bureau- en verkennend veldonderzoek, door middel van boringen Witvensedijk 4 te Esch
收藏Mendeley Data2024-03-27 更新2024-06-27 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/dans-zkd-nzhd
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
Op 7 april 2016 is door Aeres Milieu een archeologisch bureau- en verkennend booronderzoek uitgevoerd aan de Witvensedijk 4 te Esch. Het doel van het booronderzoek is de in het bureauonderzoek opgestelde specifieke verwachting te toetsen. Aan de hand van deze gegevens kunnen vervolgens adviezen over de aanwezige archeologische resten, of vervolgtraject worden opgesteld. Uit het bureauonderzoek is het volgende gespecificeerde verwachtingsmodel voortgevloeid: Jager-verzamelaars uit het paleolithicum en mesolithicum hebben als woon- en verblijfplaats vaak voor de flanken van hoger liggende terreingedeelten in het landschap gekozen. Bij voorkeur in de buurt van (open) water. Nabij gelegen watervoorzieningen waren belangrijk voor onder andere de aanwezige biodiversiteit. Dit vergemakkelijkt de jacht en het verzamelen van plantaardig voedsel. Volgens de geomorfologische kaart ligt het plangebied op een langgerekte noord-zuid georiënteerde dekzandrug. Op circa 200 meter ten oosten van het plangebied ligt het beekdal van de rivier de Essche Stroom. Dergelijke hooggelegen locaties nabij watervoorzieningen zijn aantrekkelijke locaties voor jager-verzamelaars. Daarom geldt voor het plangebied een hoge verwachting voor vuursteenvindplaatsen uit het laat-paleolithicum tot en met het mesolithicum. Binnen het plangebied worden enkeerdgronden verwacht. Deze gronden hebben een plaggendek met een conserverende werking van eventueel aanwezige archeologische resten. Resten uit de periode laat-paleolithicum en mesolithicum worden onder het verwachte plaggen- of esdek of in de oorspronkelijke bodem verwacht en kunnen bestaan uit tijdelijke bewoningssporen, haardkuilen, artefacten van vuursteen. Vanaf het neolithicum ontstaan de eerste landbouwculturen die gekenmerkt worden door sedentaire nederzettingen. In de beginperiode stapt men geleidelijk over naar landbouw en veeteelt. De nederzettingen worden gekenmerkt door permanente woningen die soms diep in de grond gefundeerd waren. Voor de watervoorziening worden waterputten gegraven. Vanaf het neolithicum tot en met de vroege middeleeuwen heeft men nog steeds een voorkeur voor hoger en droger gelegen gebieden. De ligging op de hoger gelegen dekzandrug nabij de Essche Stroom was ook in latere prehistorische perioden een aantrekkelijke vestigingsplaats voor agrarische bewoning. In de omgeving zijn weinig vondsten bekend uit de periode neolithicum, bronstijd of ijzertijd. Wel zijn meerdere vondsten bekend uit de Romeinse periode. Deze bevinden zich op dezelfde dekzandrug, direct langs de beekdalen. Op basis van deze gegevens geldt voor het plangebied een hoge verwachting voor zowel vindplaatsen uit de periode neolithicum tot en met de ijzertijd als voor vindplaatsen uit de Romeinse tijd tot en met de vroege middeleeuwen. Resten uit de periode neolithicum tot en met de vroege middeleeuwen worden onder het plaggen- of esdek of in de oorspronkelijke bodem verwacht en bestaan uit een cultuurlaag, paalkuilen/-gaten, afvalkuilen, fragmenten aardewerk, natuursteen of gebruiksvoorwerpen. Het plangebied ligt aan de Witvensedijk ten westen van de van oorsprong (laat)middeleeuwse dorpskern van Esch. De Witvensedijk is een oude uitvalsweg vanuit de historische kern van Esch richting Vught. Op basis van historisch kaartmateriaal blijkt dat aan deze weg sporadisch bebouwing aanwezig is. In het centrale deel van het plangebied staat sinds tenminste het begin van de 19e eeuw een huis (boerderij) aangegeven. Deze is verdwenen als de huidige boerderij wordt gebouwd. Mogelijk gaat deze voormalige bebouwing terug tot de (late) middeleeuwen of heeft voorgangers die tot deze periode terug kunnen gaan. Om die reden geldt voor het plangebied een hoge verwachting voor nederzettings- en bebouwingsresten uit de periode late middeleeuwen tot en met de nieuwe tijd. Eventueel aanwezige resten worden verwacht vanaf het maaiveld.Op basis van het uitgevoerde booronderzoek kan worden gesteld dat binnen het plangebied het bodemprofiel nog ten dele intact is. Daarbij is in twee boringen een oude cultuurlaag aangetroffen die waarschijnlijk als beschermende deken heeft gediend voor eventueel aanwezige archeologische resten uit de periode bronstijd t/m nieuwe tijd. De top van de cultuurlaag bevindt zich op 45 tot 55 centimeter –mv. Vanaf deze diepte kunnen archeologische resten worden aangetroffen. Een buffer van 20 centimeter in acht nemend, wordt geadviseerd dat bij bodemverstoringen dieper dan 25 centimeter –mv vervolgonderzoek noodzakelijk is. Afhankelijk van het aantal werkelijk te verstoren vierkante meters kan dit onderzoek plaatsvinden in de vorm van een proefsleuvenonderzoek of een archeologische begeleiding van de werkzaamheden. In het geval van een proefsleuvenonderzoek adviseert de gemeente Haaren dit onderzoek uit te voeren voordat de bestaande bebouwing gesloopt wordt, zodat het terrein voorafgaand aan de sloop gewaardeerd is.Wanneer gekozen wordt voor het archeologisch begeleiden van de graafwerkzaamheden dient bij deze graafwerkzaamheden permanent een KNA-archeoloog of senior-veldtechnicus aanwezig te zijn. Wanneer er archeologisch relevante sporen worden aangetroffen, dan dienen de graafwerkzaamheden te worden stilgelegd om de mogelijkheid te bieden om deze sporen te documenteren, te couperen en af te werken alvorens de graafwerkzaamheden kunnen worden hervat. Dat betekent dat de initiatiefnemer rekening moet houden met vertraging van de werkzaamheden, die kan optreden in het geval archeologische sporen worden aangetroffen. De verwachte verstoringsdiepte van de huidige bebouwing varieert tussen 0,80 en 1,20 meter –mv. Omdat de top van de C-Horizont zich dikwijls ook op deze diepte bevindt, kan niet uitgesloten worden dat onder de huidige bebouwing ook nog archeologische resten in situ aanwezig zijn. In het geval van een archeologische begeleiding wordt daarom geadviseerd ook de sloop van de huidige bebouwing te begeleiden. Uitzondering hierop vormt de sloop van de voormalige varkensstal met zwembad. De bodem is hier naar verwachting aanzienlijk dieper verstoord, zodat hier geen resten meer aanwezig zullen zijn.
创建时间:
2023-06-28



