Plangebied Mgr. Verhagenstraat te Beek en Donk, gemeente Laarbeek; archeologisch vooronderzoek: een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek (verkennend booronderzoek).
收藏DANS Data Station Archaeology2020-06-04 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XDQ-ET7E
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Inleiding<br>In opdracht van Kragt heeft RAAP in de periode mei-juni 2020 een archeologisch bureauonderzoek en verkennend booronderzoek uitgevoerd voor het plangebied Mgr. Verhagenstraat te Beek en Donk (gemeente Laarbeek). In het plangebied zal een bodemsanering en nieuwbouw plaatsvinden.</p><p>Resultaten<br>Volgens het bureauonderzoek ligt het plangebied op een hoge dekzandrug en komt er een hoge zwarte enkeerdgrond voor, die gekenmerkt wordt door een zogenaamd esdek van minimaal 50 cm dik. In de directe omgeving van het plangebied zijn meerdere archeologische vindplaatsen bekend. Naast eerder lokaal voorkomende vindplaatsen (zoals diverse bijlen, een moated site en een kapel) werden ook nederzettingsresten uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd aangetroffen die gerelateerd kunne n worden de historische kom van Donk, waartoe ook het plangebied behoort. Op historische kaarten blijkt dat het plangebied tot in de 19e eeuw uit diverse percelen bestaat die in gebruik zijn als moestuin, weiland en bouwland, behorende tot meerdere boerderijen die verspreid lagen langs (de voorloper van) de Mgr. Verhagenstraat.</p><p> In de loop van de 19e eeuw, en vooral vanaf 1900, veranderde het plangebied en omgeving onder invloed van de toenemende industrialisatie langs de Zuid-Willemsvaart. In het noordwestelijk deel van het plangebied ontstond meer bebouwing. In de loop van de 2e helft van de 20e eeuw is in het noordwestelijke deel van het plangebied een bedrijfsterrein (garage aan de Mgr. Verhagenstraat 2 t/m 6, vanaf 1952) tot stand gekomen en een huis met erf (Bosscheweg 10, circa 1984). Het zuidoostelijke deel van het plangebied is pas ingericht als woonlocatie omstreeks 1998 (Tuinstraat 2a). Op basis van het bureauonderzoek is er voor het plangebied een hoge archeologische verwachting voor nederzettingen (en begravingen) uit de periode Neolithicum t/m Vroege Middeleeuwen vanwege de hoge landschappelijke ligging, en een zeer hoge archeologische verwachting voor nederzettingen vanaf de Volle Middeleeuwen t/m Nieuwe tijd vanwege de ligging in de historische kern van Donk.</p><p>Tijdens het booronderzoek bleek dat in het zuidoostelijke deel van het plangebied een enkeerdgrond aanwezig was met een gevlekt (verrommeld) humeus dek van 0,9 à 1,2 m dik. Hieronder bevindt zich de lichtgele C-horizont. In het humeuze dek worden zelf geen intacte archeologische resten meer verwacht, maar wel nog in de top van de C-horizont. In het noordwestelijke deel van het plangebied (voormalige garage) is deze bodemopbouw niet meer aanwezig. Hier zijn tot op een diepte van circa 2 à 2,6 m –Mv opgebrachte en verstoorde lagen aanwezig. Hieronder zit de natte lichtgrijze C-horizont. Aangenomen kan worden dat de bodem hier zodanig diep verstoord is dat behoudenswaardige resten niet meer verwacht worden. De verstoring die werd vermoed op basis van de gemeentelijke verwachtings- en beleidskaart, kan bevestigd worden op basis van het veldonderzoek. Waarschijnlijk is de verstoring tot stand gekomen als gevolg van voormalige bebouwing sinds circa 1900 en het huidig gebruik van het plangebied.</p><p>Advies<br>In het zuidoostelijk deel van het plangebied, waar geen diepe verstoringen zijn vastgesteld, kunnen nog behoudenswaardige resten van landbouwers aanwezig zijn vanaf 0,9 à 1,2 m –Mv (onder het humeuze dek). Bij de toekomstige inrichting van het terrein is hier een parkeerterrein gepland waarbij eventueel aanwezige archeologische resten niet meteen worden bedreigd. RAAP adviseert om hier de dubbelbestemming te behouden. Mocht in de toekomst hier dieper dan 0,6 m –Mv worden geroerd (hierbij blijft er een buffer bestaan tussen de ondergrens en het archeologisch niveau van minimaal 30 cm), dan dient alsnog een archeologisch vervolgonderzoek (een proefsleuvenonderzoek) plaats te vinden. Voor het uitvoeren van een proefsleuvenonderzoek dient er een PVE (Plan van Eisen) opgesteld worden. Dit PVE moet ter goedkeuring worden voorgelegd aan het bevoegd gezag. In het noordwestelijke deel van het plangebied is de bodem zodanig diep verstoord dat hier geen behoudenswaardige archeologische resten meer verwacht worden. RAAP adviseert om dit deel van het plangebied vrij te geven voor het uitvoeren van de geplande sanering en de realisatie van de nieuwbouw. Er kan nooit helemaal uitgesloten worden dat er geen archeologische resten aanwezig zijn. Indien bij de uitvoering van de werkzaamheden onverwacht archeologische resten worden aangetroffen, dan is conform artikel 5.10 van de Erfgoedwet aanmelding van de desbetreffende vondsten bij de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap c.q. de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed verplicht (vondstmelding via ARCHIS).</p>
提供机构:
RAAP Archeologisch Adviesbureau bv
创建时间:
2020-06-05



