Clinge Woestijnestraat Archeologisch onderzoek Clinge, Plangebied Woestijnestraat. Bureauonderzoek met controleboringen Plangebied Woestijnestraat, perceel R 1309 te Clinge, gemeente Hulst
收藏DANS Data Station Archaeology2011-12-31 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XAG-B8Y4
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Artefact! Advies en Onderzoek in Erfgoed heeft in samenwerking met Grontmij Nederland BV in no-vember 2011 een Bureauonderzoek met controleboringen uitgevoerd in het kader van de bouw-plannen ter plaatse van perceel R 1309 aan de Woestijnestraat in Clinge, gemeente Hulst. Het doel van het onderzoek is de archeologische waarden middels het bureauonderzoek met con-troleboringen in kaart te brengen en advies uit te brengen hoe met deze waarden om te gaan zodat deze in de bodem behouden kunnen blijven.</p><p>In het Bureauonderzoek werd informatie verworven over de huidige situatie, de aardweten-schappelijke, de historische situatie en bekende archeologische waarden. Op basis van deze informatie kon een specifiek archeologisch verwachtingsmodel worden opgesteld. Samenvat-tend geldt voor het plangebied een middelhoge verwachting voor het aantreffen van archeolo-gische vindplaatsen uit het Paleolithicum tot en met de IJzertijd. Vanaf de Romeinse Tijd tot en met de Nieuwe Tijd geldt een lage verwachting.</p><p>Om dit verwachtingsmodel te toetsen werden in het plangebied 4 controleboringen uitgevoerd. De opdracht voor het veldonderzoek was gericht op het toetsen van geologische opbouw ter plaatse van het plangebied en het toetsen van eventuele verstoringen die uit het Bureauonder-zoek naar voren kwamen.</p><p>In boringen 1, 2 en 3 werd onder het oude landbouwdek direct de C-horizont van het pleistoce-ne dekzand aangetroffen. Het landbouwdek bestaat uit matig tot sterk humeus zwart zand met daarin een enkele puinspikkel. Dit landbouwdek is gevormd door het bemesten en het bewer-ken van het land in de middeleeuwen en Nieuwe Tijd. De C-horizont van het dekzand bevat het moedermateriaal. Deze horizont is ook bijna niet aangetast door bodemvormingsprocessen. In dit geval bestaat deze horizont uit zeer fijn lichtbruingrijs zwak lemig zand. In deze horizont werd wel bioturbatie opgemerkt. Deze bioturbatie is een verstoring afkomstig van wortels en dieren. In boring 3 is er een menglaag van 15 cm aangetroffen tussen het landbouwdek (Ap-horizont) en de C-horizont. Boring 4 had een duidelijk verstoord profiel. Tot 1.35 meter –mv (0.34 meter +NAP) werd in deze boring de secundaire vulling van een sloot of kuil aangeboord. De kuil of sloot was aangevuld met heterogeen, bont gekleurd zand. Tussen 1.00 en 1.20 meter –mv (0.69 meter +NAP) werd een opgerold stuk textiel aangeboord (wellicht een deken of gordijn). Onder deze verstoring bevond zich de C-horizont van het dekzand.</p><p>In geen van de boringen werden archeologische indicatoren aangetroffen. In het landbouwdek van alle boringen werden weinig puinspikkels aangetroffen, tussen een diepte van 0.10 en 0.40 meter beneden maaiveld.</p><p>Het nieuwe archeologiebeleid van de gemeente Hulst is op 22 december 2011 van kracht ge-gaan. Het veldonderzoek was toen reeds uitgevoerd. Omdat er blijkens de resultaten van de controleboringen een intacte bodemopbouw in het plangebied aanwezig is muv boring 4, zou een vervolgonderzoek in de vorm van een proefsleufonderzoek noodzakelijk geacht worden.<br>Aangezien het te verstoren oppervlak kleiner is dan 250 vierkante meter, wordt volgens het nieuwe gemeentelijk beleid een vervolgonderzoek niet noodzakelijk geacht.</p>
提供机构:
Artefact! Advies en Onderzoek in Erfgoed
创建时间:
2012-01-01



