five

Bureauonderzoek Archeologie Plangebied Haagweg 199 te Breda, Gemeente Breda

收藏
DANS Data Station Archaeology2021-03-11 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-Z5B-64HR
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>Hamaland Advies heeft in opdracht van de heer Van Riel van het Rijksvastgoedbedrijf (RVB) een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd voor het plangebied Haagweg 199, in de wijk Princenhage te Breda, Gemeente Breda.</p><p>Het RVB is voornemens om het terrein te verkopen dan wel te herontwikkelen. Omdat het RVB inventariseert welke beperkingen er voor de (her)ontwikkeling van het terrein gelden, met het oog op de voorgenomen verkoop van het terrein en de gebouwen wordt een risico-inventarisatie verricht, waarvan ook deze archeologische studie deel uit maakt. Het plangebied volgens opgave van RVB een oppervlak omvang van ca. 821 m². De nieuwe ontwikkeling en daarmee samenhangende nieuwe bodemverstoring zijn in dit verkoopstadium nog niet bekend. Het plangebied ligt conform de Archeologische Beleidsadvieskaart Breda, in een gebied met een hoge archeologische waarde en binnen de begrenzing van historische kernen. Hier is onderzoek noodzakelijk bij ingrepen waarvan het oppervlak groter is dan 100 m2 en dieper dan 30 centimeter. Voorafgaand aan de vergunningverlening in het kader van de Omgevingswet, dient een archeologisch onderzoek uitgevoerd te worden conform de Wet op de archeologische monumenten zorg (Wamz). Het door Hamaland Advies uitgevoerde onderzoek bestaat uit een KNA conform bureauonderzoek, waarbij een archeologisch verwachtingsmodel is opgesteld. Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van een risico-inventarisatie ten behoeve van de verkoop van het object en de bijbehorende gronden. De resultaten kunnen opgenomen worden in het Bidboek.</p><p>Conclusie<br>Op grond van de bestudeerde bronnen en gezien de waarnemingen in de omgeving, kan geconcludeerd worden dat het plangebied een hoge trefkans heeft op archeologische resten uit de periode van de Steentijd tot en met heden Vastgesteld gemeentelijk beleid is om na het Bureauonderzoek een PvE op te stellen ten behoeve van een uit te voeren proefsleuvenonderzoek. Booronderzoek is daarvan geen onderdeel. Door de realisatie van bebouwing en inrichting het erf sinds midden 20e eeuw, is de bodem naar verwachting verstoord zijn geraakt tot op onbekende diepte. Verwacht mag worden dat deze verstoring de 80cm (vorstvrij) niet overstijgen. Dit dient met het booronderzoek moeten worden bevestigd.</p><p>Selectieadvies<br>Hoewel de mate van intactheid van de bodemopbouw en de aan- en afwezigheid van diverse soorten vindplaatsen goed vast te stellen is met behulp van verkennend en karterend booronderzoek is het vastgesteld beleid van gemeente Breda om potentiële vindplaatsen te karteren en waarderen door middel van proefsleuvenonderzoek. Het uitvoeren van een proefsleuvenonderzoek is voorbehouden aan gecertificeerde bedrijven en instellingen. Voorafgaand aan het proefsleuvenonderzoek dient een Programma van Eisen te worden opgesteld, dat ter toetsing moet worden voorgelegd aan de gemeentelijk archeoloog (drs. F.J.C. Peters).</p><p>Voorbehoud<br>Bovenstaand advies vormt een zogenaamd selectieadvies. Met nadruk wijst Hamaland Advies erop dat dit selectieadvies nog niet betekent dat reeds bodemverstorende activiteiten of daarop voorbereidende activiteiten kunnen worden ondernomen. De resultaten van dit onderzoek zullen namelijk eerst moeten worden beoordeeld door de bevoegde overheid (Gemeente Breda).</p><p>Selectiebesluit<br>De resultaten en aanbevelingen uit dit rapport zijn getoetst en met opmerkingen onderschreven door het bevoegd gezag, Gemeente Breda en diens adviseur (drs. F.J.C. Peters), die daarna een besluit neemt of vervolgonderzoek (proefsleuven) noodzakelijk is of niet. Verder dient te allen tijde bij het afgeven van een omgevingsvergunning de wettelijke meldingsplicht (ex artikel 53 Monumentenwet 1988) kenbaar te worden gemaakt, om het documenteren van toevalsvondsten te garanderen: “Degene die anders dan bij het doen van opgravingen een zaak vindt waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een monument is (in roerende of onroerende zin), meldt die zaak zo spoedig mogelijk bij onze minister”. Deze aangifte dient te gebeuren bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed in Amersfoort. Het verdient aanbeveling ook de verantwoordelijk ambtenaar van de Gemeente Breda hiervan per direct in kennis te stellen.</p>
提供机构:
Hamaland Advies
创建时间:
2021-02-18
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务