five

Transect-rapport 1227: Inventariserend Veldonderzoek door middel van Proefsleuven. Rosmalen, Spoorstraat 3, Gemeente 's-Hertogenbosch (NB)

收藏
DANS Data Station Archaeology2017-04-17 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-Z4K-TCZ4
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>In maart 2017 is een archeologisch proefsleuvenonderzoek uitgevoerd aan de Spoorstraat 3 te Rosmalen. De aanleiding voor het onderzoek is de ontwikkeling van nieuwbouwwoningen. Het plangebied heeft een totale oppervlakte van ca. 4.600 m2, waarvan ca. 1.400 m2 volgens de huidige schetsen bebouwd wordt. Voor het bouwplan is een bestemmingsplanwijziging aangevraagd, in welk kader ook archeologisch onderzoek is vereist.</p><p>Voorafgaand aan het proefsleuvenonderzoek is een bureau- en booronderzoek uitgevoerd (De Boer 2013). Naar aanleiding van de resultaten van het vooronderzoek geldt in het plangebied een hoge verwachting op archeologische resten uit de periode van het Neolithicum tot en met de Volle-Middeleeuwen (nederzettingen, grafvelden). Op basis van deze verwachting heeft BAAC (De Boer 2013) een waarderend proefsleuvenonderzoek (IVO-P) geadviseerd. De gemeente heeft dit advies overgenomen. Resultaten In het plangebied zijn conform het puttenplan vier proefsleuven aangelegd van 25 meter lang en 4 meter breed. De proefsleuven zijn verdiept tot in de top van het dekzand, waar een archeologisch vlak is aangelegd. Bij het verdiepen is vondstmateriaal verzameld. Vervolgens zijn de ‘features’ (sporen) die in de horizontale vlakken en de profielen van de proefsleuven zichtbaar waren gedocumenteerd.</p><p>Voor wat betreft de bodemopbouw kan in het plangebied een tweedeling worden gemaakt in een zuidwestelijk en noordelijk deel. In het zuidwestelijk deel is sprake van een – restant van – een oud bouwlanddek (hoge zwarte enkeerdgrond) op dekzand. In het noordelijk deel ontbreekt het oud bouwlanddek en ligt op het dekzand een ophogings-, dan wel egalisatiepakket (bouwzand). In de top van het dekzand zijn voornamelijk features (i.e. sporen) van landgebruik vastgesteld. Aangetroffen zijn: (perceels)greppels, esgreppels en spitfeatures. Er zijn slechts enkele losse (potentiële) paalfeatures aangetroffen, die ook als spitfeature geïnterpreteerd kunnen worden. Zowel het oud bouwlanddek, als de esgreppels en spitfeatures duiden op grond verbeterende werkzaamheden ten behoeve van akkerbouw (landgebruik).</p><p>Het feit dat zowel in het zuidelijk als in het noordelijk deel geen podzolering meer in de top van het dekzand aanwezig is, is indicatief voor aftopping. Verder is in het zuidelijk deel sprake van esgreppels, zodat hier het dekzand tot onder het verwachte archeologisch niveau is vergraven. In het oud bouwlanddek is vondstmateriaal aangetroffen. Vooral het aardewerk wijst op een datering in overwegend de Nieuwe tijd. De oudere vondsten kunnen een aanwijzing zijn voor een oorsprong in de Late-Middeleeuwen (eerste ontginning).</p><p>Conclusie<br>Tijdens het proefsleuvenonderzoek zijn geen behoudenswaardige archeologische vondsten en/of features aangetroffen. In het plangebied is geen sprake van een vindplaats. Wel zijn features aangetroffen die samenhangen met landgebruik (t.b.v. landbouw) in - mogelijk - de Late Middeleeuwen en – zeker – de Nieuwe Tijd. Hieruit volgt dus dat het plangebied vanaf de Late-Middeleeuwen tot in Late Nieuwe tijd als landbouwgrond heeft gefunctioneerd. Het betreft features van landgebruik die voor de periode waar deze uit dateren (vooral de Nieuwe tijd) zeker niet ongewoon zijn. De features zullen daarom ook geen nieuwe inzichten opleveren of in een groter onderzoekskader passen. De hoge archeologische verwachting op resten van nederzettingen en grafcontexten uit het Neolithicum tot en met de Volle-Middeleeuwen is voor wat betreft het plangebied dus niet bevestigd.</p>
提供机构:
Transect
创建时间:
2017-04-18
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务