Archeologisch onderzoek IVO-P variant archeologische begeleiding Op den Dries 4 kavel 1 te Mesch
收藏DataCite Commons2025-01-13 更新2025-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/ONI0O3
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
In opdracht van de Heer W. Smeets heeft Geonius Archeologie in januari en februari 2022 een Inventariserend Veldonderzoek door middel van Proefsleuven (IVO-P) variant archeologische begeleiding met een doorstart naar een opgraving uitgevoerd voor het plangebied Op den Dries 4 kavel 1 te Mesch, gemeente Eijsden-Margraten. Aanleiding tot uitvoering van het onderzoek vormt de aanvraag van een omgevingsvergunning voor de bouw van een woning. Voorafgaand aan het IVO-P is voor het plangebied een bureau- en booronderzoek uitgevoerd. De ontgraven bouwput is werkput 1. De oppervlakte van die put is circa 100 bij 100 m. De ondergrond bestaat hier uit twee pakketten met secundaire löss, ook wel ‘verspoelde löss of ‘colluvium’ genoemd. Tussen beide pakken is een begraven bodem gevormd in de vorm van een leeflaag die is afgedekt bij een nieuwe fase met afzetting. De afdekking had plaats in of na de Late Middeleeuwen B, de periode na 1250. De top van de bodem wordt gevormd door een dik modern antropogeen opgebracht pakket. Tegen de noordelijke grens van het plangebied ligt ondiep een pakket met vooral veel brokken vuursteen. Het pakket ontstond bij verspoeling onder koude condities in het grote dal waar de Voer nu in het diepte deel ervan ligt. De vorming had plaats is Pleniglaciaal (Midden-Weichselien) of eerder in het Pleistoceen. Het secundaire löss erop, dat het onderste pakket secundaire löss vormt, dateert uit het Laatglaciaal (Laat-Weichselien) en/of Holoceen. De vorming lijkt gefaseerd te zijn geweest, waarbij er ook een of meer (oude) perioden waren waarin zand verspoelde. Gebruik van het terrein had daarvoor plaats in minstens twee fasen tussen begin 10e en begin 13e eeuw. Dit blijkt uit een analyse van het aangetroffen gebruikskeramiek. Het sluit aan bij een vindplaats met laatmiddeleeuwse sporen en een los spoor uit de Nieuwe tijd in het direct ten oosten van onderhavig plangebied gelegen bouwkavel. Dat onderzoek is eerder uitgevoerd. De top van het pakket secundaire löss van na 1250 vormt het bovenste archeologische niveau. De vorming komt door erosie van primaire löss en sedimentatie van secundaire elders, in de lagere delen als het plangebied. De erosie kwam door de toenmalige grootschalige ontginningen van de lössplateaus. De top van de intacte natuurlijke afzettingen onder de begraven leeflaag vormt het onderste archeologische niveau. Door moderne verstoringen was van bovenste pakket secundaire löss weinig behouden. Het archeologische vlak is aangelegd in de top van het onderste pakket. Door de helling van het terrein naar het zuiden, naar de Voer, zijn twee vlakken aangelegd, In het eerste vlak zijn de hooggelegen sporen in het noorden gedocumenteerd en in het tweede vlak de laaggelegen sporen in het zuiden van werkput 1. Er zijn diverse verkleuringen vastgesteld, maar slechts zes konden echt als een spoor worden gedefinieerd. De andere waren of plaatselijk diepere delen in de afdekkende hellende humeuze leemlaag dat de leeflaag vormt of eventueel onherkenbare dunne resterende onderkanten van afgetopte sporen. De beschreven sporen zijn paalsporen. Drie konden nader als kuilen voor staanders (grote, dragende palen) worden herkend. Ook buiten het huidige plangebied zullen meer sporen voorkomen tenzij deze zullen zijn verstoord. Aanbevolen wordt daarom om bij toekomstige graafwerkzaamheden hier rekening mee te houden en voorafgaand aan deze werkzaamheden een archeologisch onderzoek uit te voeren.
提供机构:
DANS Data Station Archaeology
创建时间:
2025-01-06



