Dijkverbetering Eemdijk-zuid Dijkpaalnummers 188.3-191.5, 192.5-194 en 212.5-214.5 in Bunschoten
收藏DANS Data Station Archaeology2017-05-03 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XFJ-RFGZ
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In opdracht van Dijkencombi B.V. heeft RAAP in het najaar van 2015 en 2016 een archeologische begeleiding (protocol proefsleuven) uitgevoerd in verband met dijkverbetering van de Eemdijk-zuid in de gemeenten Bunschoten en Baarn. Het onderzoek vond plaats in drie deelgebieden:</p><p>• In deelgebied C, het meest zuidelijke, vonden zeer beperkt bodemingrepen plaats. Dit deelgebied ligt namelijk binnen een beschermd archeologisch monument: Huis ter Eem. In de slootkant zijn binnen deelgebied C enkele sporen aangetroffen. Het gaat daarbij om enkele houten palen (waarschijnlijk deel van een voormalige hekwerk), een (vermoedelijk subrecente) sloot en een muurfragment. Dit laatste spoor kan hoogstwaarschijnlijk aan een bijgebouw van Huis ter Eem toe geschreven worden. Van de bebouwing langs de dijk, die op de kadastrale minuut staat afgebeeld, zijn geen sporen gevonden. Wel zijn verschillende fragmenten aardewerk uit de Nieuwe tijd op deze locatie verzameld.</p><p>• De deelgebieden A en B hebben, met uitzondering van (sub)recente sloten, geen antropogene sporen opgeleverd. Uit het onderzoek blijkt wel dat sprake is van verschillende verlande (rest-)geulen van de Eem die zich in het veen hebben ingesneden. In deelgebied A zijn in één van deze restgeulen fragmenten aardewerk uit de Late Middeleeuwen (15e eeuw?) aangetroffen. Dekzand is binnen de verstoringsdiepte niet aangetroffen, maar bevindt zich op minimaal 4,8 meter -Mv (ca. 4,6 m -NAP). Met deze archeologische begeleiding is het onderzoek in het plangebied afgesloten. De sloten zijn immers al uitgegraven, en de daar aanwezige archeologische resten zijn geborgen. Voor het plangebied worden geen aanbevelingen gedaan voor vervolgonderzoek. Voor de deelgebieden A en B kan wel worden aanbevolen om bij vergelijkbare bodemingrepen vooraf eerst een inventariserend veldonderzoek uit te voeren om de bodemopbouw in kaart te brengen. Ook kan dan voldoende informatie verzameld worden over de ligging van voormalige geulen van de Eem. Op die manier is meer concrete informatie over het landschap bekend en of potentiële archeologische niveaus (bijvoorbeeld dekzand) door toekomstige ingrepen geraakt worden of niet.</p><p>Binnen deelgebied C is gebleken dat sprake is van archeologische resten die aan kasteel Ter Eem gekoppeld kunnen worden. Daarom wordt aanbevolen de beschermede status van het monument te handhaven en bodemingrepen zo veel mogelijk te beperken.</p>
提供机构:
RAAP
创建时间:
2017-05-04



