Gapinge Pouwer KRW Locatie 53 Gapinge Pouwer KRW Locatie 53, Gemeente Veere. Archeologisch Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek door middel van verkennende boringen
收藏DANS Data Station Archaeology2017-12-30 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-Z96-646R
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>De opdrachtgever, Waterschap Scheldestromen, heeft het voornemen om natuurvriendelijke oevers aan te leggen ten zuiden van de watergang gelegen ten oosten van de Havenpoortweg nabij Gapinge in de gemeente Veere en Sint-Laurens in de gemeente Middelburg. Ook zal een stuk nieuwe watergang worden aangelegd en een stuk oude watergang worden gedempt. De graafwerkzaamheden hebben een totale een oppervlakte van 3.435 m2 en zullen tot maximaal tot 2,75 meter –NAP plaatsvinden.</p><p>Het plangebied is gelegen binnen de grenzen van de bestemmingsplannen Buitengebied Veere (2e herziening, 2015) en Buitengebied [Middelburg] (2009) en heeft er een dubbelbestemming Waarde Archeologie 3 (WA-3).Voor gebieden met een dergelijke dubbelbestemming geldt een oppervlaktevrijstelling van 500 m2 en een diepte van 0,40 meter. Omdat met de herinrichting deze vrijstellingsgrenzen zowel wat betreft oppervlakte als wat betreft diepte worden overschreden dient in het kader van de benodigde omgevingsvergunning een Archeologisch Bureauonderzoek en een Inventariserend Veldonderzoek door middel van boringen te worden voorgelegd.</p><p>Op basis van het bureauonderzoek is vervolgens voor het volledige plangebied een archeologische verwachting opgesteld. Deze is aan de hand van een Inventariseren Veldonderzoek door middel van 20 verkennende boringen getoetst. Deze toets is niet uitgevoerd in het westen van het plangebied. Dit omdat de noordelijke oever tegenover het westelijke deel van het plangebied reeds eerder, in 2015, onderzocht is door middel van een karterend onderzoek. </p><p>Op basis van het veldonderzoek kan het archeologisch verwachtingsmodel uit het bureauonderzoek gedeeltelijk onderschreven en gedeeltelijk bijgesteld worden. Aan de hand van dit aangepaste verwachtingsmodel en de te realiseren verstoringdiepte van maximaal 2,75 m –NAP, is vervolgens een advies geformuleerd: - Ter plaatse van boringen nr. 1. 2, 3, 4 en 19 (zone A op afbeelding 31) geldt een hoge verwachting voor vindplaatsen uit de Middeleeuwen en Nieuwe Tijd in het Laagpakket van Walcheren, net onder de bouwvoor, op een diepte tussen 0,05 en 1,19 m –NAP (variatie in hoogte is een gevolg van een reliëf in het maaiveld). Ter plaatse van zone A worden de mogelijk aanwezige vindplaatsen door de graafwerkzaamheden bedreigd. Voor deze zone geldt dat er vervolgonderzoek aanbevolen wordt bij graafwerkzaamheden die dieper reiken dan de gemeentelijke vrijstellingsgrens van 0,40 m –mv.<br>- Ter plaatse van boring nr. 5 (zone B op afbeelding 31) geldt eveneens een hoge verwachting voor vindplaatsen uit de Middeleeuwen en Nieuwe Tijd in het Laagpakket van Walcheren, net onder de bouwvoor, vanaf een diepte van 1,28 m –NAP. Hier geldt echter ook een middelhoge verwachting voor vindplaatsen uit de Romeinse Tijd in de onderzijde van het Laagpakket van Walcheren (indien de Slufterlaag aanwezig) en een hoge voor de (Late)IJzertijd en Romeinse Tijd in de bovenzijde van het Hollandveen, op een diepte vanaf 1,78 m –NAP. Ook hier worden de mogelijk aanwezige vindplaatsen door de graafwerkzaamheden bedreigd. Ook voor deze zone geldt dat er vervolgonderzoek aanbevolen wordt bij graafwerkzaamheden die dieper reiken dan de gemeentelijke vrijstellingsgrens van 0,40 m –mv.<br>- Ter plaatse van boringen nr. 11, 14, 16 en 18 (zone C op afbeelding 31) geldt een middelhoge verwachting voor vindplaatsen uit de Romeinse Tijd in de onderzijde van het Laagpakket van Walcheren (indien de Slufterlaag aanwezig) en een hoge voor de (Late)IJzertijd en Romeinse Tijd in de bovenzijde van het Hollandveen. Deze niveaus kunnen aangetroffen worden vanaf een diepte van, op een diepte vanaf 1,73 m –NAP (boringen nr. 11, 14 en 16) en 1,57 m –NAP (boring nr. 18). Ook hier worden de mogelijk aanwezige vindplaatsen door de graafwerkzaamheden bedreigd. Voor deze zone wordt vervolgonderzoek aanbevolen bij graafwerkzaamheden dieper reiken dan respectievelijk 1,73 en 1,57 m –NAP. <br>- Voor de hierboven vernoemde boringen geldt ter plaatse van boringen nr. 2, 3, 4, 5, 11, 14, 16, 18 en 19 ook een lage verwachting voor vindplaatsen uit de Bronstijd in de onderzijde van het Hollandveen en een lage verwachting voor vindplaatsen uit het Laat-Neolithicum in de bovenzijde van het Laagpakket van Wormer. Ter plaatse van boring nr. 1 geldt deze verwachting niet - Voor de overige boringen (6, 7, 8, 9, 10, 12, 13, 15, 17 en 20, zone D op afbeelding 31) geldt een lage verwachting voor vindplaatsen uit de Middeleeuwen en Nieuwe Tijd op het niveau van het Laagpakket van Walcheren alsook een lage verwachting voor vindplaatsen uit de Bronstijd in de onderzijde van het Hollandveen en een lage verwachting voor vindplaatsen uit het Laat-Neolithicum in de bovenzijde van het Laagpakket van Wormer. Op basis van deze archeologische verwachting wordt geadviseerd om binnen deze zone alle werkzaamheden vrij te stellen van vervolgonderzoek, ongeacht de verstoringsdiepte.</p>
提供机构:
Artefact! Advies en Onderzoek in Erfgoed
创建时间:
2017-01-01



