Archeologisch bureauonderzoek KRW oevers kanalen Fryslân, locatie Wide Hop 12.6 nabij Garyp, gemeente Tytsjerksteradiel (FR)
收藏DANS Data Station Archaeology2020-11-01 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZAB-26CS
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Advies MUG Ingenieursbureau adviseert om door middel van een verkennend booronderzoek te controleren of er binnen deelgebied 1 dekzandkoppen of -opduikingen met een intact podzolprofiel liggen die door de voorgenomen ingreep worden bedreigd. De boorafstand is hierbij 50 m. Voor deelgebied 2 wordt geadviseerd om geen verder archeologisch onderzoek uit te voeren.</p><p>Onderzoek Aanleiding voor het onderzoek zijn de plannen voor de aanleg van natuurvriendelijke oevers langs de Wide Hop aan het Prinses Margrietkanaal nabij Garyp. </p><p>Beide deelgebieden liggen aan de Wide Hop, een breed stuk in de natuurlijke afwatering van het Bergumermeer dat eerst ‘Wijde Ee’ of ‘Wijdhop’ werd genoemd en nu deel uitmaakt van het Prinses Margrietkanaal. Ze liggen binnen een veenontginningsvlakte en bestaan uit rietland dat zich in de laatste eeuw heeft gevormd. Op grond van de historische kaarten maakten de deelgebieden eerst zelf uit van de Wijde Ee. In het begin van de 20e eeuw vond er landaanwinning binnen de Wijde Ee plaats en werd de waterloop bedijkt. Hierdoor liggen beide deelgebieden buitendijks. In de omgeving van de deelgebieden ligt het dekzand relatief hoog. Bij één archeologisch onderzoek in de omgeving is een vuursteenvindplaats vastgesteld. Uit de dichtstbijzijnde archeologische boringen) blijkt dat de top van het dekzand hier tussen 1 en 1,2 m-mv (1,8-2 m-NAP) ligt. De diepte van de ingreep is circa 1,3 m-NAP. Het reliëf van het dekzand is binnen de deelgebieden niet bekend. Bij aanwezigheid van intact dekzand met minimaal een podzol B-horizont kan niet uitgesloten worden dat er binnen de ontgravingsdiepte archeologische resten uit de steentijd aanwezig zijn. </p><p>Het bevoegd gezag, de gemeente Tytsjerksteradiel, heeft het bovenstaande advies overgenomen. </p><p>Het onderzoek is met zorg uitgevoerd. Indien toch archeologische waarden aanwezig blijken te zijn binnen de vrijgegeven gebieden, geldt de wettelijke meldingsplicht hiervan (artikel 5.10 van de Erfgoedwet) om het documenteren van toevalsvondsten te garanderen: “Degene die anders dan bij het verrichten van opgravingen een vondst doet waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een archeologische vondst betreft, meldt dit zo spoedig mogelijk bij Onze Minister”. Deze aangifte dient te gebeuren bij de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, in casu de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (vondstmelding via ARCHIS). De melding kan ook bij de provincie of gemeente gedaan worden (zie colofon voor contactgegevens).</p>
提供机构:
MUG Ingenieursbureau
创建时间:
2020-06-30



