five

Archeologisch bureauonderzoek en IVO- O Moostdijk te Ospeldijk

收藏
DataCite Commons2025-02-24 更新2025-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/OHOULL
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
Op 31 juli 2023 is door gemeente Nederweert aan Geonius Archeologie te Geleen opdracht verleend voor het uitvoeren van een archeologisch onderzoek voor de locatie Moostdijk te Ospeldijk in de gemeente Nederweert. Het onderzoek bestond uit een bureauonderzoek en een Inventariserend Veldonderzoek Overig (IVO-O) verkennende fase door middel van boringen. Aanleiding tot uitvoering van het onderzoek vormt de aanvraag van een bestemmingsplanwijziging en een omgevingsvergunning voor de aanleg van een vrij liggend fietspad. Vanwege de ligging van het plangebied in een gebied dat volgens het vigerende bestemmingsplan gedeeltelijk een dubbelbestemming waarde archeologie heeft dient een archeologisch onderzoek uitgevoerd te worden, alvorens de omgevingsvergunning kan worden verkregen. In het tracé en omgeving kunnen de volgende geomorfologische eenheden worden onderscheiden dekzandwelvingen (3L51yc) en een veenrestvlakte (M83). Volgens de bodemkaart komen in het plangebied veldpodzolen (Hn23) en veengronden (zV’s/zVp) voor. Het tracé is gelegen in een relatief laaggelegen gebied. Het maaiveld is gelegen tussen de 26,5 m +NAP en de 27 m +NAP. Er vond rond 1900 op slechts zeer bescheiden schaal turfwinning plaats. Daarbij werd hoegenaamd niet ontwaterd en werd het veen weggegraven tot men last van het grondwater kreeg. De afvoer van de turf gebeurde over 'Peelbanen'. De restveenontginningen – die hierop volgen - dateren voor een deel uit dezelfde tijd als de heideontginningen; grote restveengebieden zijn echter ook ontgonnen in de jaren 1940-1950, in het kader van de werkverschaffing. Op de topografische kaart van 1962 is de huidige Moostdijk voor het eerst afgebeeld. Het plangebied maakt geen deel uit van een AMK terrein en is in het verleden niet eerder archeologisch onderzocht. Binnen een straal van 500 m is één vondstmelding bekend. Deze is gelegen op 154 m ten noordoosten en betrof een oppervlaktevondst uit het neolithicum, meer bepaald een hamerbijl. Op de gemeentelijke verwachtingskaart is het tracé gelegen in een gebied met een middelhoge tot lage archeologische verwachting. Op grond van de verzamelde gegevens is een lag tot middelhoge gespecificeerde verwachting opgesteld op het voorkomen van vindplaatsen uit het Laat Paleolithicum en Mesolithicum en een lage op het voorkomen van vindplaatsen uit het Neolithicum tot en met de Middeleeuwen maar een hoge verwachting voor off site fenomenen, rituele deposities en dumplocaties uit alle perioden in de gebieden waar geen veenontginningen hebben plaatsgevonden. Uit de Nieuwe tijd kunnen resten worden aangetroffen welke gerelateerd kunnen worden aan de veenontginningen. Uit het IVO-O verkennende fase door middel van boringen is gebleken dat in het plangebied de Formatie van Boxtel dagzoomt. Dit betekent dat het daar bovenliggende veenpakket al volledig is ontgonnen in de 19de en 20ste eeuw. Dit vertaalt zich naar een lage verwachting voor vindplaatsen uit het Neolithicum tot en met de Middeleeuwen. Er kunnen wel nog (ontginning)sporen uit de Nieuwe Tijd aanwezig zijn alsook vindplaatsen uit het Laat Paleolithicum en het Mesolithicum.
提供机构:
DANS Data Station Archaeology
创建时间:
2025-02-20
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务